Menu

None

Ervaring en Gods heil bij innerlijke genezing

Theologisch drieluik: wat is innerlijke genezing? (deel 3)

Thema geloofsopbouw

In dit Theologisch drieluik introduceert Henrico ter Beek je in (de dienst van) innerlijke genezing.

Deel 1: triniteit en gemeenschap
Deel 2: Jezus ontmoeten

Lees ook de reactie van Jan Minderhoud op dit drieluik.

„De menselijke ziel wordt niet meer diep genoeg geraakt omdat men niet meer hoog genoeg ziet.”

Portret van Henrico ter Beek

Henrico ter Beek

Een derde antwoord op de vraag: ‘wat is innerlijke genezing?’ luidt: het hart wordt geraakt door Gods heil. Voor de thematiek van ervaring gaan we te rade bij de Duitse Wilhelm Gräb (1948-2023) die de traditie van Friedrich Schleiermacher op eigen wijze verwerkt. Een heikel punt blijkt te zijn of God buiten en boven de mens bestaat. Gräb acht dit idee problematisch. We roepen nogmaals de hulp in van Robert W. Jenson die betoogt dat God zowel transcendent alsook intens nabij en persoonlijk kan zijn.

Heil als zin en relatie

Wat gebeurt er, in termen van Gräb, als men komt tot innerlijke heelheid? Men ontwaart zin. Oftewel, men komt tot identiteit en verkrijgt een innerlijk centrum doordat men komt tot een besef van direct zelfvertrouwen en bestaanszekerheid. Men voelt dat men absoluut gefundeerd en vastgehouden is. Men heeft de mogelijkheid om een levensontwerp te maken en te leven in relaties, samenhang en verbondenheid. Men vindt een plaats in het heden tussen verleden en toekomst (waarbij herinneringen niet té pijnlijk en verwachtingen niet té angstig zijn).
In de samenleving kan men een gezonde plaats innemen; dat is wat Jenson ‘gerechtigheid’ noemt. Men leeft in een verhaal; in termen van Jenson: het verhaal van een mensenleven is verbonden met het verhaal van God en de overlap van beide verhalen is het leven van Jezus Christus.

Sacramentaliteit

De theologie wijst op genademiddelen waarin de Geest werkt. Sacramentaliteit is wezenlijk, aldus Jenson, maar kennelijk werkt het sacrament niet automatisch. Het is namelijk opvallend dat mensen die innerlijke heelwording hebben ervaren meestal lid zijn van een geloofsgemeenschap, tevoren al vele Schriftwoorden hadden gehoord en het Avondmaal hadden gevierd, maar nog niet zozeer waren geraakt.

De dienst van innerlijke genezing wil het gehele leven in al haar aspecten coram Deo plaatsen.

Kennelijk is er meer nodig, zaken die tijdens een conferentie van innerlijke genezing aan bod komen. Daar is aansluiting bij de innerlijk lijdende mens door erkenning van de mens ook als gebroken mens, aandacht voor de psychologische aspecten die in de lezingen aan bod komen, expliciete aandacht voor de tegenwoordigheid van God en vervolgens het intense gebed dat de tegenwoordige God verbindt met de lijdende mens. Kortom, het geheel van het verhaal van mensen wordt bewust verbonden met het verhaal van God Drie-enig, in de context van de aandachtige en aanvaardende gemeenschap van gelovigen.

Een meerdaagse conferentie wordt altijd afgesloten met een viering van het Avondmaal. Dan is het even hemel op aarde. Jenson schrijft: wanneer de Eucharistie wordt gevierd, zijn de beloften van Christus over zijn Koninkrijk en zijn aanwezigheid feitelijk vervuld. In de woorden van Gräb: er is een existentiële verbinding gekomen tussen God en het hart van de mens. De dienst van innerlijke genezing wil het gehele leven in al haar aspecten coram Deo plaatsen.

De esthetisch-religieuze ervaring

Gräb wijst op het belang van het esthetisch-religieuze karakter van de ervaring die leidt tot heil en heelheid. De religieuze ervaring is volgens hem esthetisch van aard. Kunst activeert immers het zelf en de vrijheid om te duiden, en ontsluit de affectief-emotionele dimensie van de individualiteit. Kunst maakt dat er van binnen iets gaat resoneren, dat emoties worden geraakt en veranderingen op gang komen, dat nieuw perspectief wordt geopend. Het raakt op absolute wijze, op een dieper niveau dan dat van spreken en denken.

Bij de esthetische ervaring is het geheel van de zintuigen betrokken. Een juiste performance is dus van belang. Verhalen, beelden, symbolen, zintuigen, sacramenten zijn noodzakelijk om de diepte te bereiken die nodig is voor innerlijke heelheid. Dit is trouwens ook een belangrijk inzicht in het gedachtengoed van Leanne Payne. In de esthetische ervaring wordt het innerlijk geraakt door een extern object. Men verzinkt niet in het ‘innerlijk’ maar men verblijft ‘extern’: bij het object.

Een mens mag weten dat hij of zij wordt vastgehouden in een band die onverbrekelijk is. De fundamentele eenzaamheid is opgeheven.

Hier komt het religieuze in beeld. Indien het object namelijk het Absolute is, opent dit transcendente levensduiding. Religie geeft zicht op het geheel en op eenheid in het geheel. Religie wijst op een omvattend bezield verband dat nodig is opdat de mens innerlijk heel wordt. In onze cultuur is dit inzicht nodig: de menselijke ziel wordt niet meer diep genoeg geraakt omdat men niet meer hoog genoeg ziet.

Hierin is voor Gräb het rechtvaardigende woord van God van belang: de mens die uit eigen kracht faalt om tot zin en gezonde relaties te komen en buiten God een centrum mist, mag onvoorwaardelijk een in God gegronde erkenning en waardering ontvangen. In Hem is er diepe, niet aflatende verbondenheid. Een mens mag weten dat hij of zij wordt vastgehouden in een band die onverbrekelijk is. De fundamentele eenzaamheid is opgeheven. Het esthetische bewerkt vrijheid, in het religieuze vindt een mens vrede. God-talk is dus nodig, op esthetische wijze, in relatie met het geheel van het (gebroken) mens-zijn: hierin voorziet de dienst van innerlijke genezing.

Abstracte of persoonlijke God?

Door wat of wie wordt een mens geraakt? Hier wordt Gräb wat vaag. Hij spreekt in termen van het ‘transcendente’ en het ‘Absolute’. Hij gelooft niet in een persoonlijke God, die hij definieert als een boven en buiten onze werkelijkheid bestaand wezen dat alles regeert. ‘God’ is voor hem een door mensen gemaakt duidingswoord dat in de huidige postchristelijke tijd kan worden vervangen door termen als ‘Geest’ of ‘scheppingsenergie van de liefde’.

Weerstand tegen een theologie die God al te zeer objectiveert is te begrijpen, maar de slinger hoeft niet door te slaan.

Toch moet worden gevraagd: wat is de aard van die werkelijkheid? Ervaringen binnen de dienst van innerlijke genezing wijzen op het spreken van of de aanwezigheid van een persoonlijke God of de persoon van Jezus. Dit roept de vraag op in welke mate ervaring, duiding en werkelijkheid verbonden zijn.

Weerstand tegen een theologie die God al te zeer objectiveert is te begrijpen, maar de slinger hoeft niet door te slaan. Ik wijs opnieuw naar de pneumatologie van Jenson (zie het tweede deel van dit drieluik) die perspectief biedt, omdat daarin de Geest functioneert als levendigheid en dynamiek binnen het gebeuren van het bestaan en Hij daarmee voluit sacramenteel werkt. Dit is een kader dat het werk van de transcendente en persoonlijke God ook met de immanente ervaring verbindt.

Pastorale dogmatiek

Ten slotte, innerlijke heelwording is een kwestie van duiding en daarin blijkt ook de aard van de werkelijkheid van God, mens en wereld is van belang. En daartoe mag gewerkt blijven worden aan een ‘heilzame of pastorale dogmatiek’ die deze werkelijkheid probeert te belichten. Theologie is en blijft noodzakelijk en boeiend.

Henrico ter Beek is theoloog en predikant. Hij studeerde theologie aan de Theologische Universiteit Apeldoorn en Vrije Universiteit Amsterdam, en promoveerde op innerlijke genezing en theologie.

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken