Galgamesj en de tuinen van Jesaja
In zijn boeiende studie Echoes of Eden doet T. Stordalen verslag van zijn onderzoek naar de betekenis van het verhaal over de Tuin van Eden in Genesis 2-3 en laat hij zien dat het paradijsmotief in het Oude Testament in tal van passages voorkomt, onder meer in Jesaja 37:24-25. Daar wordt Jeruzalem met de Libanon geassocieerd, een gebied dat in een geur van heiligheid stond. Verrassend is dat daarin ook ver wijzingen naar het Gilgamesjepos een rol blijken te spelen. In deze bijdrage wil ik laten zien, op wat voor manier deze verwijzing in het grotere geheel van Jesaja 37:22-35 functioneert. Ten slotte komt de vraag aan de orde waar om dit bijbelgedeelte in 2 Koningen 19 terecht is gekomen.