Menu

Basis

Het gaat alleen om het ik dat dood wil

Mensen mogen zelf beslissen hoe ze sterven, vinden de voorstanders van het wetsvoorstel voltooid leven. Maar zij hebben geen oog voor de nabestaanden.

Je vriend zegt het leven niet meer te zien zitten. Of je moeder zegt dat het van haar niet meer hoeft. Of je zus beëindigt haar leven. Als een naaste dood wil en daadwerkelijk zelfmoord pleegt, kan dat de grond onder je voeten vandaan halen. Dat laatste voorbeeld heb ik zelf meegemaakt. Mijn zus pleegde zelfmoord toen ze 23 was. Sindsdien is niets meer vanzelfsprekend, zeker het leven niet. Zelf gebruik ik daarom liever de harde term ‘zelfmoord’ dan het zachtere ‘zelfdoding’. Zelfmoord is hard, keihard.

Besmettelijk

Voor de nabestaanden is zelfmoord besmettelijk. Vooral kinderen van iemand die zelfmoord pleegt, hebben het zwaar, zei Joost Zwagerman. De bekende schrijver schreef in zijn boek Door eigen hand hoe erg het is als je vader een zelfmoordpoging doet. Hij was het die waarschuwde voor de ‘infectueuze werking van zelfmoord’. Het pijnlijke is dat Zwagerman in 2015, tien jaar nadat zijn boek was verschenen, zelf een einde maakte aan zijn leven. Waar hij vooral voor wilde waarschuwen, was de ‘zelfmoordlobby’, die wil dat mensen hun leven kunnen beëindigen met een pijnloos zelfmoordmiddel.

Inmiddels heeft die lobby de Tweede Kamer bereikt. Daar strijdt D66 voor een wetsvoorstel ‘Waardig levenseinde’ dat het mogelijk maakt om mensen een zelfmoordmiddel te geven. Mensen mogen zelf beslissen hoe ze leven, dan moeten ze ook zelf kunnen beslissen hoe ze sterven, vindt D66. Opvallend is dat D66 geen oog heeft voor de nabestaanden. Dat een nabestaande van zelfdoding ook zelf een grotere kans heeft zijn leven te beëindigen, speelt voor deze partij geen rol. Het gaat alleen om het ik, het ik dat dood wil.

Wreed of pijnloos

Alles beter dan dat iemand voor de trein springt, zeggen de voorstanders van een pijnloos zelfmoordmiddel. Maar klopt het wel dat een humaan alternatief voor zelfmoord het aantal wrede zelfmoorden omlaag brengt? In Nederland hebben we sinds 2002 de euthanasiewet, die een arts toestaat een patiënt die ernstig en uitzichtloos lijdt te helpen met zelfdoding of euthanasie. Het aantal gevallen waarin patiënten hun arts daar inderdaad om vragen, stijgt jaar op jaar. Tegelijkertijd stijgt in Nederland ook van jaar op jaar het aantal wrede zelfmoorden, zoals voor de trein springen of van de flat. Het is kennelijk niet zo dat het aantal wrede zelfmoorden afneemt naarmate er meer pijnloze alternatieven zijn.

Vanaf 75 jaar?

Alleen oude mensen willen we helpen, zegt D66 verder. D66-Kamerlid Pia Dijkstra stelt voor dat mensen pas vanaf hun 75ste een zelfmoordmiddel kunnen krijgen, als ze hun leven voltooid vinden. Maar zo’n leeftijdsgrens is willekeurig. Het is niet goed voor te stellen dat een rechter iemand zal straffen die een zelfmoordpoeder verstrekt aan een 74-jarige, terwijl die wel een zelfmoordpoeder mag geven aan een 76-jarige. In de praktijk zal het betekenen dat mensen het recht krijgen om elkaar te helpen met zelfmoord. Ook jongeren zullen die zelfmoordmiddelen in handen krijgen.

Hoe te leven en hoe te sterven leer je van de generaties voor je

Voorbeeld

Het is erg verdrietig als ouderen hun leven niet meer zinvol vinden. Misschien dat ze onderschatten hoe belangrijk ze zijn. Want hoe te leven en hoe te sterven leer je van de generaties voor je. Maken zij iets van hun leven, ook als het tegenzit, dan is dat een voorbeeld voor jongere generaties. En kiezen zij voor een zelfmoordpil, dan is dat kennelijk de les die ze willen meegeven aan de mensen na hen. Een buurvrouw van mij stierf vorig jaar op 91-jarige leeftijd een natuurlijke dood. Ze was tot het laatst onmisbaar voor de hele flat. Ze suste ruzies, vertelde over vroeger. En hoe krommer ze liep, hoe wijzer de woorden die ze sprak. Misschien wel meer dan ze zelf besefte.

Gerbert van Loenen is journalist en schreef onder meer Lof der onvolmaaktheid

Wellicht ook interessant

Bijbel
Bijbel
None

Wat doet studeren met je geloof? 15 boeken om verder te denken

Een nieuwe studie betekent nieuwe kennis, nieuwe mensen en vaak ook nieuwe vragen. Wat gebeurt er met je geloof als je colleges volgt waarin heel anders naar de wereld, de mens of het ontstaan van het leven wordt gekeken dan je gewend bent? Geloof en wetenschap hoeven daarbij niet tegenover elkaar te staan – ze kunnen elkaar juist uitdagen en het gesprek verdiepen. Hoe verhouden schepping en evolutie zich bijvoorbeeld tot elkaar? Kun je als wetenschapper in God geloven? En wat betekenen psychologie, filosofie en nieuwe wetenschappelijke inzichten voor hoe je naar je geloof kijkt? Juist tijdens je studententijd is er alle ruimte om zulke vragen te onderzoeken. Deze vijftien boeken helpen je daarbij op weg. Ze bieden geen gemakkelijke antwoorden, maar dagen je uit om kritisch te denken, vragen te blijven stellen en je eigen overtuigingen te onderzoeken. Natuurlijk zijn deze boeken ook heel geschikt om cadeau te geven aan een student.

Jonge vrouw in een wit T-shirt staat tegen de muur geleund en kijkt de camera in.
Jonge vrouw in een wit T-shirt staat tegen de muur geleund en kijkt de camera in.
Basis

“Er is binnen de kerk te weinig aandacht voor milieu en dierenleed”

Martine Meijers is nieuwsgierig naar jonge christenen. Waar zijn ze mee bezig en wat drijft ze? Dit keer gaat ze in gesprek met ondernemer Leonoor Leus (Brussel, °1992), oprichter van ‘Vegan Brussels’ en ‘Changemaker Collective’. Hoewel Leonoor is opgeleid als architect wilde ze haar impact op de wereld vergroten. Drie jaar geleden bekeerde ze zich tot het christendom en nu richt ze zich op het zoeken, delen en verspreiden van het goede.  

Nieuwe boeken