Graceland Festival: wat geeft jou grond onder de voeten?
Over humor, dansen en roeping op Graceland Festival
Zo’n drieduizend bezoekers liepen dit jaar door de bossen van Liempde tijdens Graceland Festival. Door de aanhoudende droogte was de grond stoffig en zanderig. Blote voeten werden steeds iets bruiner en de grassprieten leken minstens zoveel dorst te hebben als de mensen. Droog, hard en heet – zo voelde de grond onder de festivalvoeten.
Anton de Wit, hoofdredacteur van Katholiek Nieuwsblad, trapt vrijdagochtend af met een lezing over G.K. Chesterton. Aarzelend vraag je je af wie om tien uur ’s ochtends naar het wel en wee van een schrijver uit het fin de siècle wil komen luisteren, maar die reserves blijken onterecht. De tent zit bomvol. De keuze is die morgen dan ook: je tent uitbranden of het schaduwrijke terrein opzoeken.
Heilige humor
Na de eerste grap van De Wit – ‘zijn er hier ook protestanten in de zaal?’ – volgt een volmondige lach uit het publiek. Geen gelach als geruststellend gebaar voor de spreker, geen stroeve ochtendlach omdat je nog maar half weet dat je wakker bent, maar een hard gelach (met ch). De Wit vrolijkt de boel op en de boel doet vrolijk mee. Het blijkt typisch voor het Gracelandpubliek: een welwillende en aandachtige club mensen. De Wit introduceert zichzelf als ‘eenvoudige letterknecht’ en nadrukkelijk niet als ‘theoloog’ zoals in het programmaboekje staat. Met trots heeft hij alle theologische faculteiten van Nederland juist weten te vermijden, vertelt hij, en die vrije positie is ook voelbaar in zijn manier van spreken. Soepel schakelt De Wit van persoonlijke anekdotes naar het schrijversbestaan van Chesterton en van serieuze godsinzichten naar lichtvoetige grappen die aanslaan.
‘Humor’ als grond onder je voeten
En dat laatste is knap als ‘humor’ ook het thema van je lezing is. ‘Humor’ als grond onder je voeten. ‘Humor’ als verbindende kracht. En ‘humor’ als kern van het geloof. Heilige humor, noemt De Wit dat. Humor die goedmoedig is en bevrijdt, die relativeert en de aardse dingen in het juiste perspectief plaatst. Anders dan ‘spot’, want spot zet ons vast in onze eigen vooroordelen, houdt ons gevangen. Humor gaat over aarden in het alledaagse én over erbovenuit stijgen. Humor heeft ook iets ongrijpbaars, kent vele gedaantes en verdwijnt als je het probeert vast te pakken. Een beetje zoals heiligheid dus, stelt De Wit.
Na afloop van zijn lezing vroegen we Anton de Wit naar het festivalthema: wat geeft hem grond onder de voeten? Luister hieronder naar zijn reactie.

God als grond
Is de Bijbel echt gebeurd? Jirska van Hooijdonk gooit de knuppel in het Graceland-hoenderhok. Geen verontrustende vraag voor alle christenen, maar toch voor een groot deel van hen wel. Er hangt een alerte sfeer in de festivaltent tijdens Van Hooijdonks pleidooi om de Bijbel niet op de letter nauwkeurig te nemen en de literaire waarde ervan meer toe te laten, zoals ze dat ook in haar boek Is de Bijbel echt gebeurd? uitvoerig bespreekt. Er wordt druk mee gepend met wat ze vertelt en na afloop volgen oprechte vragen uit het publiek:
‘Zijn er ook delen van de Bijbel wél historisch juist?’
‘Geldt die historische slag om de arm alleen voor het Oude Testament?’
‘Wat betekent de opstanding van Jezus als het niet letterlijk zo is gegaan?’
Je kunt niet anders dan respect voelen voor Van Hooijdonks lef om dit gesprek zo publiekelijk aan te gaan. Niet omdat zij de antwoorden in huis heeft – juist niet – maar wel omdat ze de zoektocht met haar medechristenen wil aangaan. Hoe kun je geloven als je de Bijbelse dogma’s die je hebt meegekregen wil openbreken? Als je ruimte wil creëren in je godsbeeld of in je geloofsopvattingen, maar niet als ‘afvallig’ weggezet wil worden? Hoe vind je als christen grond onder je voeten na een alles-echt-gebeurd-geloof? Terecht is er na afloop van deze lezing een zogeheten ‘Aan tafel’-sessie waarbij aanwezigen met elkaar en met Van Hooijdonk in gesprek kunnen gaan.
Wat geeft Jirska van Hooijdonk zelf grond onder de voeten? We legden haar die vraag voor. Luister hieronder naar haar reactie.

De dansvloer des levens
Op Graceland klinkt geen oproep tot gebed, maar tot een dansje. Een paar keer per dag schalt een omroepbericht (tu-du-du) over het festivalterrein: ‘Lieve mensen, het is weer tijd om te dansen’. Een vrolijk deuntje volgt. Zelfs na het meditatieve ligconcert van Annabel Laura springen mensen omhoog om de heupen even los te schudden. ‘Dank u wel en tot ziens’, sluit de vrouwenstem de halve dansminuut af.
‘Dansen’ is ook het thema van de lezing van Geert Jan Blanken. Hij schreef het boek Wakkere wijsheid over ‘lessen in opmerkzaamheid’ van filosoof Søren Kierkegaard. Je zou het niet verwachten, maar filosofen kunnen ook dansen. Althans, ze kunnen erover nadenken. Zo kun je volgens Kierkegaard het leven als een dansvloer zien met grofweg twee typen: muurbloempjes en rouwdouwers. De muurbloempjes bewegen minimaal en kijken vanaf de zijlijn toe; ze willen niet zo graag opvallen. De rouwdouwers gaan juist voluit, rammen hun danspassen eruit en stoten tegen anderen aan.
Beide types acteren vanuit ‘vertwijfeling’, stelt Kierkegaard. De muurbloem deinst terug, de rouwdouwer overschreeuwt, omdat ze zich allebei eigenlijk geen raad weten met zichzelf. Dan is er nog een derde type, de nastrevenswaardige danser, namelijk diegene die de kunst beheerst om een eigen dans te dansen. Die eigen dans ontstaat vanuit het volledig volgen van de individuele uniciteit. Het draait om ‘zelfwording’, in termen van Kierkegaard. Niet om verstrikt te raken in ons ego, maar om ons in overgave te bewegen naar de diepste ‘zelf’ die we zijn.
De muurbloem deinst terug, de rouwdouwer overschreeuwt
Voor de luisteraars in de festivaltent is de link met hedendaagse psychotherapie en mystieke christelijke tradities snel gelegd, blijkt uit de vragen die Blanken na afloop krijgt. Met zijn lezing haakt Blanken zo, via het werk van Kierkegaard, moeiteloos in op de worstelingen van de mens die tweehonderd jaar na de Deense filosoof leeft. Blanken schreef met Wakkere wijsheid dan ook ‘het meest onpraktische zelfhulpboek’. Zonder vaste choreografie voor geluk, maar met aanwijzingen voor een hoogstpersoonlijke improvisatiedans.
Hoe danst Geert Jan Blanken zijn leven door? Wat geeft hem vaste grond onder de voeten? We vroegen het hem na afloop van zijn lezing. Luister hieronder zijn antwoord.

Aarden in je roeping
In het meteorologische heetst van de strijd geeft dominicanessenzuster Nadia Kroon haar lezing. Het publiek krijgt hitte-instructies: drink water, zoek schaduw op, smeer je in. Kroon laat weten dat je altijd mag opstappen als je de warmte wel welletjes vindt – ze zal het niet persoonlijk opvatten. ‘Als je het wel persoonlijk bedoelt, moet je het er even bij zeggen’, grapt ze.
‘Intreden in een klooster, wie doet dat nog?’ vroeg Kroon zich als tiener af. Maar na een christelijk-gereformeerde jeugd raakt ze zelf gefascineerd door het kloosterleven. Het trekt haar aan. De stilte, de studie, de overgave. Een zoektocht naar de juiste plek begint. Ze logeert bij de karmelietessen, trapistinnen en clarissen, en bezoekt in totaal ongeveer vijftien kloosters in binnen- en buitenland. Ze woont enkele jaren in Casella in Hilversum, maar besluit om ook weer te vertrekken. Na een periode van ongeveer tien jaar vindt Kroon de kloosterorde die het beste bij haar past: de dominicanessen in Nijmegen. Daar heeft ze inmiddels haar eeuwige professie afgelegd en ‘grond onder haar voeten’ gevonden.
Een roeping tot het kloosterleven kan dus een tijdje niet-geaard zijn, zo illustreert Kroons verhaal. Ze vertelt hoe ze God meermaals vroeg om een teken. Ze voelde zich geroepen, maar waartoe precies? Wat vroeg God van haar? Zelfs toen ze een behoorlijk duidelijk teken ontving, handelde ze er nog niet naar. ‘Wat ik daarvan geleerd heb, is dat ik emotioneel en geestelijk nog niet klaar was voor mijn roeping’. Ze besluit om vanaf dat moment niet meer om tekens te vragen, maar naar kloosters te blijven gaan en erop te vertrouwen dat haar intreedmoment zich vanzelf zal aandienen. Op het juiste moment.
Kies niet voor wie je wilt zijn, maar voor wie je al bent
Een andere les die ze uit haar zoektocht haalt: kies niet voor wie je wilt zijn maar voor wie je al bent. Kies niet voor een ideaal, maar voor de realiteit van het hier en nu: wat past bij me zoals ik nu ben, met al mijn talenten en tekortkomingen?
Na afloop vroegen we ook Nadia Kroon naar wat haar grond onder de voeten geeft. Luister hieronder naar haar reactie.


Maartje Amelink is letterkundige en werkt als zelfstandig (eind)redacteur voor onder andere Theologie.nl en Francesco Magazine.
Bestel deze boeken bij onze partner Boekenwereld
Schrijf je in voor de nieuwsbrief
Wil je op de hoogte blijven van Theologie.nl? Schrijf je dan in voor onze wekelijkse nieuwsbrief. Daarin selecteren we de mooiste, nieuwste en scherpste artikelen van de week. Ook houden we je op de hoogte van nieuwe boeken, speciale events en De theologie podcast.
Word lid van Theologie.nl
Wil je meer artikelen kunnen lezen over boeken, levensvragen, maatschappelijke thema’s en spiritualiteit? Word dan lid van Theologie.nl en sluit een basisabonnement af vanaf €5,83 per maand.


