Menu

Premium

Het getal drie in lev-verhalen

Drie: het getal komt in de Bijbel veelvuldig voor. Maar ook buiten dit boek, in de joodse traditie van leren en vertellen, de lev-verhalen[1]. Welke rol speelt dit getal dan?.

Als je het traktaat Spreuken der Vaderen leest in de Talmoed, valt op dat veel spreuken in drieën worden gegeven.

Sjim’on de rechtvaardige was een van de overgeblevenen van de Grote synagoge. Hij was gewoon te zeggen: ‘Door drie dingen wordt de wereld in stand gehouden: door de Tora, door de eredienst en door liefdedaden.’

Waarom wordt wijsheid in drievouden overgeleverd? Ik heb drie antwoorden gevonden op deze vraag.

Het eerste antwoord komt voort uit de dagelijkse leefwereld van mensen in het Midden-Oosten, waar deze spreuken en verhalen ontstaan zijn. Tafels en stoelen uit die tijd hadden geen vier poten zoals bij ons, maar drie, omdat op een ongelijke ondergrond een meubelstuk met drie poten stevig staat. Er zijn zelfs uitspraken waarin verbeeld wordt dat de wereld zelf op drie pijlers rust. Als dit materiële voorwerpen stevigheid biedt, hoeveel te meer moet dit dan niet gelden voor geestelijke zaken die onze wereld dragen? Als we naar de inhoud van de spreuk uit Spreuken der Vaderen uit de inleiding kijken, dan kunnen we die ook herkennen in de christelijke traditie. De trits leren, vieren en dienen die in menige kerk het gemeenschapsleven draagt, is daarin herkenbaar.

Het tweede antwoord komt uit studies naar de werking van het geheugen. De zogenaamde mnemotechniek is eeuwenlang in een orale cultuur het instrument geweest om kennis en wijsheid vast te houden en over te dragen. In de joodse cultuur is het leren onder andere gebaseerd op het principe van dingen in drieën onthouden. Bestudering van vroeg-rabbijnse teksten, maar ook van oudere bijbelse of buitenbijbelse geschriften als het boek Spreuken, het boek Wijsheid van Jezus Sirach of het boek Wijsheid van Salomo leert dat het indelen van stukken stof in drieën het onthouden van de stof gemakkelijker maakt. Ook toen de ‘mondelinge Tora’ (discussies over thema’s uit de Tora in relatie tot het gewone leven) in omvang toenam, bleken de schriftgeleerden uit de school van de farizeeën de commentaren van geleerden op torateksten door een geleding in drieën goed te kunnen overleveren. Het derde antwoord is een literair antwoord. Al in de tijd van het schrijven van de Bijbel blijkt het getal drie een belangrijk ordeningsinstrument om een verhaal vorm te geven. Grote kenners van volksverhalen, mythen, sprookjes en legenden, zoals Bruno Bettelheim of Joseph Campbell, hebben met talloze voorbeelden laten zien hoe een goed sprookje de stof in drie delen verdeelt om de spanning te laten stijgen, contrasten aan te brengen en een dynamiek in een verhaal te ondersteunen.

David Flusser heeft in een grote studie over relaties tussen rabbijnse gelijkenissen en gelijkenissen uit het Tweede Testament op naam van Jezus laten zien dat Jezus een meesterverteller was. Hij beheerste het genre van het vertellen van een gelijkenis volop. En in het vertellen illustreerde hij met veel voorbeelden dat hij weet had van de werking van het getal drie zoals hierboven beschreven. Gelijkenissen maken zo veel mogelijk gebruik van materiaal uit de leef- en belevingswereld van hoorders. Dus zal in het beeldend vertellen de verwijzing naar de driepoot, de drietand of de driehoek ook een belangrijke rol spelen. Daarnaast heeft Jezus als ervaren gelijkenis-verteller ook weet van de betekenis van het onthouden. Hij is opgevoed in de orale cultuur en zal zijn onderricht ook op die wijze hebben vormgegeven. In de derde plaats kende hij de kneepjes van de joodse vertelkunst en wist hij zijn gelijkenissen, die ontstonden in het moment van een ontmoeting met iemand die hem een existentiële of spirituele vraag stelde, ook op de wijze van die cultuur vorm te geven.

Een mooi voorbeeld dat alle drie deze aspecten beschrijft, is de gelijkenis van het huis op de rots en het huis op het zand uit Matteüs 7:24-27, met een parallel in Lucas 6:47-49. We citeren de matteaanse versie:

Wie deze woorden van mij hoort en ernaar handelt, vergeleken worden met een verstandig man, die zijn huis bouwde op een rots. Toen het begon te regenen en de bergstormen zwollen, en er stormen opstaken en het huis van alle kanten belaagd werd, stortte het niet in, want het was gefundeerd op een rots. En wie deze woorden van mij hoort en er niet naar handelt, vergeleken worden met een onnadenkend man, die zijn huis bouwde op zand. Toen het begon te regenen en de bergstromen zwollen, en er stormen opstaken en er van alle kanten op het huis werd ingebeukt, stortte het in, en er bleef alleen een ruïne over.

Met deze kleine gelijkenis sluit Jezus zijn onderricht op de berg in het evangelie naar Matteüs af. Prachtig om te zien hoe hij de trits van regen, water en wind gebruikt om beide delen van de gelijkenis tot een climax te brengen, die bij het huis op de rots leidt tot het werkwoord ‘belagen’ en bij het huis op het zand tot het werkwoord ‘inbeuken’.

Er is nog één zegswijze van het getal drie die ik nog even kort aan wil stippen, en dat is de uitdrukking ’op de derde dag’. Daarmee zitten we geheel op figuurlijk of symbolisch niveau. In de joodse traditie is Hosea 6:2 aanleiding geweest voor het interpreteren van de derde dag als de dag van de verlossing. Er staat in Hosea 6:2: ‘Hij redt ons na twee dagen van de dood, de derde dag zal hij ons doen opstaan: in zijn nabijheid zullen wij leven.’ Deze derde dag als dag-van-verlossing is ook beluisterd in het verhaal van de tocht van Abraham naar Moria (Gen. 22), in het verhaal van de openbaring op de Sinaï en in het verhaal van Jona in de vis.

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken