Menu

Basis

In Amsterdam staan de millennials in de rij voor brood en wijn

Matthijs den Otter

Generatieverschillen zijn mediavoer – met alle stereotypen die daarbij horen. Boomers zouden de wereld niet meer kunnen bijbenen en op hun geld zitten. Gen Z is óf verwend óf juist goed in grenzen aangeven. En daartussen zitten de millennials, geboren tussen 1980 en 1995. Hun kenmerk?

Ze staan in de rij voor brood en wijn – zuurdesembrood en natuurwijn welteverstaan.

Volgens Jonas Kooyman, auteur van Havermelkelite, draait de status van de Amsterdamse millennial namelijk om twee dingen: brood en wijn. Daarmee ‘consumeert’ hij zichzelf tot een persona: artistiek, bewust en ambachtelijk. En dat imago is wat waard: zelfs als de huur nauwelijks te betalen is, gaan er nog altijd tientallen tot honderden euro’s per maand naar zuurdesem en natuurwijn. ‘Ze klampen zich eraan vast,’ schrijft Kooyman, ‘Brood en wijn laten zien: Ik hoor er nog bij.’

Brood en wijn zijn het ‘laatste ritueel dat deze generatie nog heeft’, vertelde Doortje Smithuijsen, recent in De Ongelooflijke Podcast. Maar al lijkt die rij bijna een processie, toch is hij hyper-individueel. Het is erbij horen, maar dan wel bij een optelsom van mensen die vooral met zichzelf bezig zijn. Die, in de woorden van Smithuijsen, gevangen zitten in ‘een kooi van geloven in je eigen speciaalheid.’

Brood en wijn laten zien: Ik hoor er nog bij

Hoe is dit zo ontstaan? De millennialgeneratie heeft ouders die een grote welvaartsstijging meemaakten, legt Smithuijsen uit. Die door de normalisering van anticonceptie bovendien bewust voor kinderen kozen. Millennials waren dus de meest geplande en gewenste generatie tot dan toe, en groeiden op in een wereld waar de bomen tot de hemel reikten. En als hun ouders nog streden tegen restjes van beklemmende religieuze dogma’s of sociale structuren van de kerk, dan rekenden de millennials daar definitief mee af.

‘Je bent uniek, je kunt alles bereiken, het is maar net waar jij voor kiest’: dat was het uitgangspunt.

Dat bleek echter toch tegen te vallen. Door veranderde economische tijden, dat ook. Maar toch vooral omdat speciaal zijn, of de top bereiken, per definitie voor de meesten niet weggelegd is. Er kunnen er immers altijd maar een paar speciaal zijn, of de top bereiken, anders is het niet speciaal meer. Dat inzicht leidt volgens Smithuijsen nu tot een ‘verwachtingscrisis’: als de verwachtingen zo hoog zijn – vooral van jezelf – dan valt het leven al snel tegen. En ligt een gevoel van mislukking en zelfs nihilisme op de loer: als de top niet lukt, wat heeft het dan allemaal voor zin?

Het brengt de millennial in een tragische positie: op zoek naar de toppositie ten opzichte van anderen, vechtend voor het eigen speciaal-zijn. Verleerd om te geloven in iets groters: een groter doel, een gemeenschap, in God. Zelf zegt Doortje Smithuijsen desgevraagd in De Ongelooflijke Podcast over geloven in God: ‘In het diepst van mijn ziel zou ik het graag geloven, maar ik geloof het gewoon niet.’

En dus staan ze daar, in hun rij. Een processie van eenheden op weg naar de top, zoekend naar betekenis in hun individuele levens.

Ondertussen staan ook elders mensen in de rij voor brood en wijn. De overeenkomsten zijn treffend. De verschillen ook. Op deze plekken gaat het zelden om zuurdesembrood en natuurwijn. Hier laten mensen door aan te sluiten juist zien dat ze geen succes hebben, maar verlossing zoeken, niet in de laatste plaats van zichzelf. Ze leggen hoop en prestige buiten zichzelf. En juist dat schept een band onderling, waarbij het niet meer gaat om competitie maar om herkenning, en gezamenlijk het goede nastreven.

Deze rij voor brood en wijn, leidt uiteindelijk naar verlossing van je eigen ego.

Tot slot een kleine biecht: ik ben er zelf ook één. Een millennial. Probeerde hierboven een topcolumn te schrijven, maar had er misschien toch wat meer van verwacht. Het kon scherper, minder gepreek, iets minder cliché. En ja, toen ik vorige week de Ongelooflijke Podcast luisterde, was ik even bang dat mijn hele brood-en-wijn-inval al gejat was.

Maar goed. Les geleerd: het draait niet om de auteur, maar om de inhoud.

Ik moet me maar weer eens aansluiten in de rij.

Matthijs den Otter is bestuurskundige, theoloog en metaldrummer. Hij werkt als adviseur inclusie en het tegengaan van radicalisering en polarisatie bij de gemeente Utrecht, en promoveert aan de VU Amsterdam op de rol die geloof in het hiernamaals speelt bij fundamentalisten.

Wellicht ook interessant

None

Voetballen voor God en vaderland

Heilig gras, clubiconen, de hand van God – in de voetbalwereld barst het van de religieuze symboliek. Supporters zingen op zondag hun liederen, verlangen vurig naar een overwinning en danken het team na de weelde van drie punten. Bovendien lijkt er op het professionele veld ruimte te zijn voor ‘echte’ religie. We zien voetballers kruisjes slaan, het gras kussen en bezield omhoog wijzen na een doelpunt. In deze serie leggen we voetbal en geloof naast elkaar: wat hebben ze gemeen en wat juist niet? Dit keer is sportjournalist Frank Van de Winkel aan het woord over geloof in het Belgische en Nederlandse nationaal voetbalelftal.

Basis

Ziek kinderachtige volwassenen!

Ze zijn altijd online, vragen AI om advies over hun mentale gezondheid en lopen regelmatig protesterend door de straten: Generatie Z of Gen Z. Het gaat om jongeren die tussen 1996 en 2012 zijn geboren, in een wereld getekend door crises. Hoe gaan ze hiermee om? Met welke ideeën en vragen lopen ze rond? Yanniek van der Schans, docent levensbeschouwing, houdt een vinger aan de pols en schrijft om de maand een column over de discussies in haar klas. Dit keer over de vraag of er oorlog komt.

Nieuwe boeken