Menu

None

Is verveling in de kerk erg?

Maandag: tijd voor een Theologencolumn Deze week opent Hanneke Schaap de week met een reflectie op verveling in de kerk. Hoe erg is het als je het saai vindt in de kerk?

‘Wie verveeld is in de kerk, mist een hoop.’

Portret van Hanneke Schaap

Hanneke Schaap

Is het erg als je je verveelt in de kerk? Natuurlijk niet, zegt de een. Verveling stimuleert creativiteit en zorgt ervoor dat je in beweging komt, dat je dingen gaat aanpakken en veranderen. Het zet je stil bij jezelf en schept ruimte voor reflectie op jezelf en op het leven. Verveling leidt tot nieuwe inzichten. Een ander vindt verveling wél een probleem. Verveling zorgt ervoor dat je je niet echt betrokken voelt, dat je geestelijk uitcheckt en afstand neemt – en als je de verbinding in de kerk verliest, zou dat ook voor de verbinding met God en geloof kunnen gelden. In deze bijdrage zoek ik een antwoord op genoemde vraag vanuit een klinisch-godsdienstpsychologisch perspectief.

Verveling in context

Verveling lijkt van alle tijden. Vroeger liep de porman, een assistent van de koster, met een stok door de kerk om slapende kerkgangers en andere oneerbiedige mensen op te porren. Hoewel, het is de vraag of kerkgangers toen in slaap vielen vanwege vermoeidheid door fysieke arbeid of vanwege saaiheid. In onze maatschappij is verveling de verborgen grondstemming, zegt filosoof Awee Prins. De oorzaak heeft wellicht te maken met een verlies van wat Hartmut Rosa resonantie noemt; door de snelheid van het leven, de vele prikkels en het gegeven dat je altijd maar iets ‘moet’ raak je het gevoel van diepe verbondenheid met de wereld om je heen kwijt, en dat voelt leeg en verveeld.

Door de sacrale context waarin emoties in de kerk plaatsvinden, kunnen ze meer impact hebben.

Verveling kan ook te maken hebben met je mentale gezondheid of psychologische ‘make-up’, dus hoe je psychologisch in elkaar zit. ‘Ik word boos als dingen langzaam gaan,’ zegt een jongen met ADHD, die razendsnel denkt (daarom is hij ook zo snel klaar met bidden). Hoogbegaafden kunnen in de kerk eveneens een gebrek aan verbinding en vervulling ervaren, omdat er niet aan hun behoeften tegemoet gekomen wordt.[1]

Verveling kan ook hand in hand gaan met apathie en anhedonie en zo raken aan depressieve gevoelens. Wie sterk of langdurig verveeld is, ervaart mogelijk gevoelens van onmacht of dreigt compleet vast te lopen. Verveling wordt dan een existentiële bedreiging, waarbij je jezelf afvraagt wat je hier nog doet en of je leven wel betekenis heeft. Dit lijkt met name te gelden voor mensen met een laag zelfbeeld. Waar mensen met een positief zelfbeeld betekenisvol gedrag zoeken om met hun verveling om te gaan, bijvoorbeeld door iets voor anderen te betekenen of volgens hun godsdienstige waarden te leven, kiezen mensen met een laag zelfbeeld vaker voor ontsnappingsgedrag of gedrag dat weinig inspanning kost, zoals (excessief) eten, drinken, gamen, of scrollen door je tijdlijn op sociale media.[2]

Verveling in de kerk

Terug naar verveling in de kerk. Wat gebeurt er psychologisch gezien als je je verveelt tijdens een kerkdienst, tijdens catechese of een kring, en is het erg? Deze vraag kan beantwoord worden vanuit het perspectief van emoties. Verveling is een emotie die gekenmerkt wordt door lage arousal en een negatieve affectieve kleur: er is sprake van weinig opwinding en betrokkenheid, maar er komen wel gevoelens van frustratie en ergernis mee. Als gevolg hiervan kun je weinig met andere emoties met een negatieve kleur, zoals verdriet, schaamte, of schuld. Je beleeft daardoor weinig aan rituelen of liturgische elementen die juist hierbij aansluiten.

Daarnaast zul je ook positieve emoties niet meemaken – of dat nu low-arousal emoties zijn zoals rust, vrede en dankbaarheid of high-arousal emoties als vreugde. Kortom: je mist een hoop. Dat heeft niet alleen gevolgen voor je stemming of je mentaal welbevinden – want positieve emoties vormen een van de verklarende mechanismen in het verband tussen religie en mentale gezondheid –, maar ook voor je religieuze betrokkenheid.

Immers, emoties in de kerk of bij geloofspraktijken zijn anders dan emoties die je op het voetbalveld of tijdens het gamen opdoet, vanwege het sacrale karakter van de kerkdienst of andere geloofspraktijken. Door de context vindt er een sacralisering van emoties plaats, stelt Patty Van Capellen.[3] Hierdoor hebben deze meer impact, met een sterkere betrokkenheid op geloof en geloofspraktijken als gevolg. Voor wie verveeld is in de kerk, geldt dat niet. Je mist dus dubbel veel. In die zin verbaast het niet dat bijvoorbeeld sommige hoogbegaafden ervoor kiezen de kerk te verlaten.

Zeker wanneer mensen in ontwikkeling zijn, kwetsbaar zijn, anders zijn of zich anders voelen dan de meerderheid, heeft de kerk hierin een verantwoordelijkheid.

Is dat erg? Vanuit het geschetste perspectief op emoties wel. Vanuit theologische perspectieven op wat een kerk zou moeten zijn of moeten bieden waarschijnlijk ook. Ik zou zeggen: als de kerk brenger is van het beste nieuws dat je maar kunt bedenken, een boodschap heeft die gepaard gaat met een rijke schakering aan emoties, gaat er iets mis wanneer mensen verveeld in de kerk (of een bijgebouw) zitten. In die zin is het boeiend om naar geloofspraktijken en gekozen vormen in kerkdiensten of geloofscommunicatie te kijken vanuit het perspectief van emoties: hoe zit het met de dimensie van arousal (hoog – laag) en wat kun je zeggen over de affectieve kleur (positief – negatief)? In hoeverre komen verschillende typen emoties ‘aan bod’ tijdens een viering of een bepaalde activiteit?

Verantwoordelijkheid van de kerk

Nu is het niet mijn bedoeling om hiermee de rode kaart te trekken voor de kerk en te zeggen dat de kerk het verkeerd doet en het per definitie over een andere boeg moet gooien. Dat zou uiteraard te simpel zijn. Een verlies aan resonantie heeft ook te maken met maatschappij en cultuur, en soms ook met keuzes die mensen maken.

Tegelijk is niet alleen mentaal welbevinden, maar ook geestelijk welzijn geen individuele aangelegenheid, maar iets wat ontstaat in interacties. Interacties binnen de kerk doen er daarom toe, en het is heel goed mogelijk zijn dat ook hier sacralisering plaatsvindt, waarbij intermenselijke processen beleefd worden in de context van de relatie met God. Daarom heeft de kerk hierin een verantwoordelijkheid, zeker wanneer mensen in ontwikkeling zijn, kwetsbaar zijn, anders zijn of zich anders voelen dan de meerderheid.

Die verantwoordelijkheid serieus nemen begint met openheid en oordeelloos luisteren, met warme betrokkenheid en je laten raken, misschien eens afwijken van routines. Wellicht leidt verveling in dit opzicht tot reflectie, creativiteit, nieuwe inzichten én levendige emoties.

Hanneke Schaap is psycholoog en theoloog. Ze werkt als rector van het Kennisinstituut christelijke ggz (Eleos/De Hoop ggz) en is bijzonder hoogleraar klinische godsdienstpsychologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Noten

[1] Zie Suzanne van Bart, “Can I Stay or Should I Go? Een kwalitatief onderzoek naar hoogbegaafdheid in protestantse kerken in Nederland: ervaringen en posities,” Choocem:https://choochem.nl/kennisbank/can-i-stay-or-should-i-go/.

[2] Zie Andrew B. Moynihan, Eric R. Igou en Wijnand A.P. van Tilburg, “Existential escape of the bored: A Review of meaning-regulation processes under boredom,” European Review of Social Psychology (vol. 32:1): pp. 161-200. https://doi.org/10.1080/10463283.2020.1829347. Zie tevens Arnoud Wisman, Nathan Heflick en Jamie L. Goldenberg, “The great escape: The role of self-esteem and self-related cognition in terror management,” Journal of Experimental Social Psychology (vol. 60, 2015): pp. 121-132. https://doi.org/10.1016/j.jesp.2015.05.006. Dit impliceert natuurlijk niet dat iedereen die gamet of drinkt per definitie een laag zelfbeeld heeft.

[3] Zie Patty Van Cappellen, “Upward spirals of positive emotions and religious behaviors,” Current Opinion in Psychology (Vol. 40, 2021): pp. 92-98. https://doi.org/10.1016/j.copsyc.2020.09.004.

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken