Met de kinderen: Helemaal goed
Bij Marcus 3,20-35
Sommige mensen zeggen dat Jezus door de duivel is bezeten. Jezus antwoordt dat dat niet zo is; Hij is niet bezeten door een duivel, maar door de heilige Geest. Er zit geen slechte duivel in Jezus, maar juist veel goeds. Dat moeten mensen geloven. Je merkt het gelijk als Jezus praat over de mensen die in Hem geloven: als ze doen wat God wil, mogen ze bij zijn familie horen.
Verhaal
Mitchel woont bij zijn moeder en zijn stiefvader. Toen hij klein was, gingen zijn ouders scheiden. Later kreeg zijn moeder een nieuwe vriend met wie ze ging trouwen. Eerst noemde Mitchel die vriend nog bij zijn voornaam: Robert. Maar nu zegt hij soms per ongeluk papa tegen hem. Robert vindt dat wel leuk. Mama en Robert hebben nog een zoon gekregen: Wesley. Wesley is dus een halfbroertje van Mitchel. Dat is soms best lastig. Pas was Wesley boos en toen riep hij tegen Mitchel dat hij de échte zoon van Robert was. Toen werd Robert heel boos op Wesley: ‘We houden allemaal van elkaar,’ zei Robert, ‘en Mitchel is ook mijn zoon!’
Symboliek
Sommige mensen denken dat Jezus goed is met een beetje slecht erdoorheen. Of zelfs slecht, met een beetje goed. Een mengelmoesje dus. Maar daar is Jezus het niet mee eens. Hij wil dat mensen weten dat Hij puur goed is.
Neem twee even grote potten mee: in de ene pot zit niks, in de andere zitten stenen. Die stenen zijn de slechte dingen. Nu wil je er goede dingen bij gooien: snoepjes! In welke pot passen de meeste snoepjes?
Zo is het ook bij Jezus. Hij is geen mengelmoesje. Hij is helemaal goed.
NB
Deze werkvorm gaat over Jezus die helemaal goed is (vervuld van de heilige Geest). Het is de uitdaging om niet te ‘polderen’ wat dit betreft. In deze tijd, waarin zwart-wit denken en denken in ‘goed en slecht’ kan leiden tot radicalisering, is het belangrijk om de uniciteit van Jezus hierin te benadrukken. De consequenties die ieder aan dit geloof verbindt, vragen natuurlijk wel om ruimte voor mensen met andere overtuigingen…