Menu

Premium

Paslood

Hebreeuwse tekst die wordt uitvergroot met een loep

dieplood

Iedere bouwvakker heeft het paslood en de waterpas in zijn gereedschapkist. Hij controleert ermee of zijn bouwwerk recht staat of ligt. Voor bouwers onmisbare instrumenten. Ook in de Oudheid maakte bouwers gebruik van een of ander paslood. De bijbel noemt het eveneens. Hoe en in welk verband, daar gaan we nu op in.

Grondtekst

Alleen in het oudtestamentische deel van de bijbel lezen we over het paslood. Allereerst is daar misjqèlèt of misjqolèt, waarin de stam sjql, ‘wegen’, ‘gewicht’, verborgen zit. Het komt voor in 2 Koningen 21:13 en Jesaja 28:17. Daarnaast verschijnt in het derde visioen van Amos, 7:7-9, vier keer het zelfstandige naamwoord ‘anak, waarin we het aspect van ‘lood’ of ‘tin’ herkennen. Van oude tijden af zijn de meningen van vertalers en exegeten verdeeld over de vraag of we dit woord wel als pas- of peillood moeten weergeven; sommigen denken aan het metaal ‘tin’. Tot slot wordt een paar keer ‘èvèn, letterlijk ‘steen’, in de zin van paslood gebruikt: vermoedelijk in Jesaja 34:11 en mogelijk in Zacharia 4:10, waar ook de vertaling ‘steenrots’ (‘de steenrots Scheiding’ of de ‘steenrots van de voleinding’, dat is de berg Sion) denkbaar is. Het Nieuwe Testament vermeldt nog wel hetgereedschap ‘dieplood’, orgyia in het Grieks (Hand. 27:28).

Letterlijk en concreet

a.Op zeer oude afbeeldingen zien we de bouwer gebruik maken van een soort paslood: een snoer met daaraan een metalen of stenen voorwerp. Hiermee kan hij toetsen of het bouwwerk in het lood stond. Slechts in één tekst ontmoeten we het paslood in letterlijke betekenis, tenminste als we aannemen dat de leider van de tempelbouw, Zerubbabel, in Zacharia 4:10 een paslood in de hand heeft. Op andere plaatsen fungeert het paslood als beeld of metafoor.

b.Het dieplood dient om de diepte van het water te peilen. De zeelieden van het ronddolende schip met Paulus aan boord peilen tweemaal de waterdiepte om te zien of zij in de buurt van land waren (Hand. 27:28).

Beeldspraak en symboliek

a.In de bijbelse verhalen staat het paslood in de context van het goddelijk gericht, vaak samen met een ander meetinstrument, het meetsnoer. Het beeldt Gods naderend oordeel uit. Het buitensporig gedrag van koning Manasse staat zo ver van de Tora, dat het einde van het koninkrijk Juda niet kan uitblijven. De Heer kondigt aan dat Hij het paslood dat Hij eertijds aan Achab en Samaria heeft aangelegd, nu aan Jeruzalem zal aanleggen (2 Kon. 21:13). Dat wil zeggen, de vernietiging is in aantocht. Het paslood kan hier zowel figuratief zijn voor de precieze uitvoering van de verwoesting als aangeven dat na meting Juda volstrekt scheefgegroeid is, zodat afbraak nodig is.

b.Bij Jesaja wordt het recht als meetsnoer en de gerechtigheid als paslood gehanteerd (28:17). Recht en gerechtigheid vormen het fundament van Israël en van alle volken. Aan de hand van deze dragers wordt gemeten of dat fundament in de praktijk van het dagelijks bestaan nog overeind staat. Op het moment dat er gemeten wordt, staat al vast dat het recht en de gerechtigheid door de leiders verzaakt zijn. Oordeel is het antwoord. Alleen leiders die recht en gerechtigheid uitdragen, hebben toekomst.

c.Mogelijk werden pasloden, waaraan zware voorwerpen hingen, ook gebruikt om muren of gebouwen mee af te breken. In dit gebruik zit een zekere ironie: het paslood is er allereerst voor het bouwen, maar nu keert het zich als een boemerang tegen het bouwwerk. Ondergang is het gevolg. In Jesaja 34:11 betreft die ondergang Edom. Heel krachtig is de woordkeus in dit vers door de verbinding ‘het meetsnoer van verwoesting’ en ‘het paslood van leegte’. Alsof de auteur de lezer wil herinneren aan ‘en de aarde was woest en ledig’ uit Genesis 1:2 (dezelfde woorden tohoe en bohoe). Het duidt de totale verwoesting aan, een zodanige situatie dat het lijkt of er geen schepping is geweest. Dood, geen leven meer. Hoe anders ligt het in de droom van Jesaja 35: daar staat het leven door de dood op! Zo hanteert de auteur hoofdstuk 35 als spiegelbeeld van het vorige.

Het paslood staat eveneens in Amos 7:7-9 in de context van verwoestend gericht. Aanvankelijk was de muur, hier wellicht metafoor voor Israël, loodrecht gebouwd. Een loodrechte muur staat voor soliditeit en betrouwbaarheid. Maar zie, het paslood geeft aan dat de muur weggezakt is, onbestendig, niet duurzaam. De afbraak van deze muur is nabij. Ook al zouden we kiezen voor de vertaling ‘muur van tin’ en ‘tin in de hand van Heer’ (zie bij grondtekst), dan nog staat de verwoesting centraal, en zelfs sterker, aangezien het metaal tin wapentuig symboliseert.

Praxis

a.Liederen:

Liedboek: Psalm 36; 65; 78; 79; 82; 110:5; 119:28; Gezang 250; 260; 278; Zingend: III: 41; V: 81 (= Zolang: 90; Liturgie: 635).

b.Poëzie:

Gerrit Achterberg, Verzamelde gedichten, Amsterdam 1984, blz. 678: ‘Woestijn’. Muus Jacobse, Het oneindige verlangen, Nijkerk 1982, blz. 36: ‘Dag van oordeel’; 100: ‘En daarna het oordeel…’.

c.Verwerking:

De volgende thema’s en begrippen komen bij paslood naar voren: oordeel, ter verantwoording roepen, chaos, afbreken en recht doen.

Verwijzing

Het paslood is nauw verbonden met ‘meetsnoer‘. Verder heeft het woord raakvlakken met ‘muur‘.

Wellicht ook interessant

Bijbelwetenschappen
Bijbelwetenschappen
Basis

‘Ik ben de wijnstok, jullie zijn de ranken’

Het vijfde boek van Mozes spreekt in hoofdstuk 4 dankbare verbazing uit over Gods verbondenheid met zijn volk in Mozes. In de hele geschiedenis van God met de mensheid kwam zo’n unieke verbondenheid niet voor (Deuteronomium 4:32-33). De beproevingen logen er niet om, maar ook Gods wonderdaden niet (4:34). Jullie boffen dat jullie dit te zien gekregen hebben (4:35) en je hebt zijn woorden ook nog mogen horen (4:36). God zelf heeft jullie bevrijd (4:37). Onderhoud dan zijn geboden, dan is deze band niet kapot te krijgen en zal het jullie goed gaan (4:40).

Bijbelwetenschappen
Bijbelwetenschappen
Basis

Brood genoeg voor iedereen

In het Evangelie van Johannes heeft Pasen een belangrijke plek. ‘De inzichten van na Pasen zijn leidinggevend in dit Evangelie en hebben hun stempel gedrukt op het verhaal van Jezus vóór Pasen,’ schrijft professor Martin de Boer. Je moet dus niet alleen de gebeurtenissen rond Pasen, maar ook de rest van het Evangelie lezen in dat licht. Het teken van het brood in Johannes 6 kan dan ook gelezen worden als een opmaat naar Pasen. En zo is er in de uitleg ook een verbinding te maken naar het eten van het Pesachmaal in Jozua 5.

Nieuwe boeken