Preekillustraties: Doop
-
De Doop heeft twee betekenissen: dood en opstanding. Immers, als de bedienaar een kind in het water onderdompelt, betekent dat de dood. Dat hij het er even later weer uitneemt, betekent het leven. Zo legt Paulus het uit in Romeinen 6: ‘Wij zijn dan met Hem begraven door de doop in de dood, opdat gelijkerwijs Christus uit de doden opgewekt is tot de heerlijkheid des Vaders, alzo ook wij in nieuwigheid des levens wandelen zouden.’
M. Luther
-
Je bent eenmaal gedoopt met water. Maar altijd weer moet je gedoopt worden door het geloof. Altijd moet je sterven en altijd leven. De Doop heeft het hele lichaam in zich opgenomen en weer teruggegeven. Zo moet de kracht van de Doop heel jouw leven met lichaam en ziel in zich opnemen en teruggeven in de jongste dag, bekleed met het gewaad van heerlijkheid en onsterflijkheid.
M. Luther
-
Men moet ouders zien als plaatsvervangers van God. Men moet bedenken dat zij, ook al zijn ze onaanzienlijk, arm, gebrekkig of raar, toch vader en moeder zijn, door God gegeven. Vanwege hun gedrag en hun fouten worden zij niet van deze eer beroofd. Daarom moet men niet naar de ouders kijken hoe zij zijn, maar naar Gods wil, die het zo gemaakt en ingesteld heeft.
M. Luther
-
Wie gedoopt is, behoort de wereld niet meer toe, dient haar niet meer en is niet meer aan haar onderworpen. Hij behoort alleen Christus toe en Christus bepaalt zijn verhouding tot de wereld. D. Bonhoeffer
-
De Doop is niet een aanbod van de mens, maar een aanbod van Jezus Christus. De Doop heeft zijn grondslag in de genadige, roepende wil van Jezus Christus. De Doop betekent gedoopt worden, het is het volgen van de roepstem van Christus.
D. Bonhoeffer