Menu

Premium

Simsons nazireeërschap

Bij Rechters 16,1-3

Gods hidden agenda is de bevrijding van de Israëlieten die door de Filistijnen onderdrukt worden. Maar Simson lijkt tot aan het einde toe geen besef van zijn goddelijke opdracht te hebben: ‘Sjimsjon zelf beseft amper waar zijn uitzonderlijke kracht en vindingrijkheid vandaan komen en waartoe zij hem gegeven zijn. Hij verslaat duizenden Filistijnen en belaagt ze met wonderlijke listen. Alleen niet samen met zijn volk, maar in zijn eentje en niet uit bezorgdheid om zijn volk, maar uit persoonlijke wraak om mislukte liefdesaffaires’.

Simson is vanaf de baarmoeder voorbestemd om een nazirvoor God te zijn, maar het eerste waarmee hij handelend optreedt, is het zien en willen van een vrouw. Een naziris iemand die voor een bepaalde periode de gelofte aflegt om zich van alles wat de wijnstok voortbrengt te onthouden, zijn hoofdhaar niet te scheren en geen doden aan te raken (Num. 6,2vv). De gelofte van het nazireaat is een verbintenis met de ‘Eeuwige’ (zie Num. 6,2.6.8), de vierletterige Godsnaam, die verbonden wordt met het erbarmen van God. Bij het nazireaat van Simson staat de naam Elohim (Re. 13,5.7), in de joodse traditie verbonden met Gods gerechtigheid.

De drift ten kwade

Me’am Lo’ez schrijft: ‘Een gewone nazir legt de gelofte af om zijn jetserha’rate overwinnen. Hij vraagt God om hulp om iets te bereiken waartoe hij van nature te zwak zou zijn’. Het nazireaat is bedoeld om de mens te veranderen en dichter bij God te brengen. Simson schijnt met zijn nazireaat naar buiten te moeten treden. Van zijn binnenkant worden wij deelgenoot gemaakt door de liefdesaffaires. Simson blijkt een sterke jetserha’rate hebben, een kracht die het mogelijk maakt het kwade te doen. Het is oorspronkelijk een goede kracht, maar kan ten goede óf ten kwade worden aangewend. Onze creativiteit schuilt erin, die vooruitgang teweegbrengt, iemand kinderen laat verwekken, enzovoort. Maar als ze niet gecontroleerd wordt, schiet deze drijfveer door en leidt tot overspel, jaloezie, moord en wat niet al. Het is niet de bedoeling, zoals Me’am Lo’ez schrijft, dat de jetserha’raoverwonnen wordt. Hij moet ‘besneden’ worden, anders dooft het leven op aarde uit.

De leeuw en de ogen

De Talmoed vertelt dit in een mooi verhaal, waarin deze kracht gepersonifieerd en in verschillende gedaanten optreedt. Om beter in Gods wegen te kunnen gaan, vraagt Israël dat de jetserdie kan leiden tot afgoderij en de jetserdie kan leiden tot overtreding, aan hen uitgeleverd worden: ‘Israël vastte drie dagen en drie nachten. Daarop werd hij (de jetser) aan hen uitgeleverd. Hij kwam – zoals een leeuw uit het vuur – uit het Allerheiligste… Toen zij hem grepen, kwam een vezeltje van zijn haren los en hij brulde zo hard, dat zijn stem vierhonderd parasangen(een maateenheid van enorme omvang) ver reikte. ‘Wat moeten we doen? Misschien – God verhoede – gaat de hemel zich over hem ontfermen.’ Zij gooiden hem in een loden ketel, opdat de stem door het lood ingeslikt werd. Omdat het uur gunstig was, vroegen zij ook de jetsertot overtreding. Zij riepen om erbarmen en hij werd aan hen uitgeleverd. En de profeet zei tegen hen: ‘Zie, als jullie hem doden, zal de wereld te gronde gaan.’ Zij bonden hem drie dagen lang en zochten in heel Israël naar een ei (symbool voor de vruchtbaarheid, waarmee de jetserverbonden wordt) dat een dag oud was, maar vonden er geen. ‘Wat moeten wij doen? Als we hem doden, gaat de wereld te gronde!’ Zij staken hem de ogen uit en lieten hem los. Zo geeft deze jetsergeen aanleiding meer tot ontucht’.

Bij Simson vinden we verschillende elementen uit deze midrasjterug. In Rechters 14 komt hem op weg naar de ‘verloving’ met de Filistijnse vrouw bij een wijngaard (gevaar voor zijn nazireaat) een jonge, brullende leeuw tegemoet. De jetserdie in het verhaal uit de Talmoed met een leeuw vergeleken wordt, is die voor de afgodendienst. Gods geest komt over Simson en hij scheurt de leeuw uit elkaar. Deze jetservormt geen bedreiging voor hem. Integendeel, uit de leeuw komt zoete honing voort.

Ook de tweede jetser vinden we bij Simson. Al zijn handelingen zijn de consequentie van zijn seksuele aandrift. Hij laat zich met drie vrouwen in en wordt drie keer bedrogen (door de ‘metgezellen’, 14,15vv, zijn schoonvader, 15,1, en Delila, 16,5-21). Ten slotte worden hem de ogen uitgestoken, waarna vrouwen geen rol meer spelen. Hij concentreert zich erop de Filistijnen, die zijn volk onderdrukken, te vernietigen. Nu weet hij dat hij zijn kracht aan God te danken heeft (16,23.27.28).

Simson en David

De angst en de behoefte om hem in handen te krijgen, worden steeds groter bij de Filistijnen. Maar Simson blijft zich, ook nadat hij hun een gevoelige slag toegebracht heeft (15,1517), tot hen en hun vrouwen aangetrokken voelen. Als hij bij een prostituee in Gaza is, willen de Filistijnen hem doden. Zij omsingelen haar huis en liggen in een hinderlaag bij de stadspoort. Hun fout is dat zij ‘zich stilhielden tot het morgenlicht’ (16,2). Simson weet kennelijk van de dreiging en staat rond middernacht op. Het lukt hem ongehinderd bij de stadspoort te komen, waar hij met ongelooflijke kracht de stadspoorten met grendel en deurposten uit hun verankering rukt. Met deze bevrijdingsdaad voor zichzelf vernietigt hij ook de beveiliging van de Filistijnen en maakt hen kwetsbaar naar buiten toe. Vervolgens loopt hij met de poorten dwars door het land tot hij Hebron in zicht krijgt, de stad die David, nadat hij er tot koning is gezalfd, als koninklijke residentie verkiest (2 Sam. 2,1-4). Daarmee wordt het verhaal van Simson met het verhaal van David verbonden. Ook David vecht tegen de Filistijnen; hij maakt af wat Simson begonnen is. Beiden doden een leeuw en bij beiden leidt een liefdesaffaire tot de grote omkeer in hun leven. David stelt na de overtreding met Batseba zijn hele leven in dienst van innerlijke omkeer; zijn grootheid ligt in zijn leven. De grootheid van Simson ligt in zijn dood.

Wellicht ook interessant

De Leviet in Gibea
De Leviet in Gibea
Basis

Seks en geweld: Rechters 19-21

Vrouw overlijdt na brute groepsverkrachting. Drie dagen hevige strijd in burgeroorlog: meer dan vijfenzestigduizend slachtoffers onder de strijders. Aantal burgerslachtoffers: onbekend, maar groot. Nee, dit is niet uit de krant van vandaag. Het is een korte samenvatting van wat we lezen in de laatste drie hoofdstukken van hel Bijbelboek Rechters (19-21). Seks en geweld. Wat moeten we met dit oude relaas? Gewoon maar concluderen dat de ontsporingen waarover verhaald wordt, nu eenmaal onontkoombaar zijn als een ‘condition humaine’ – in de zin van: het is nooit anders geweest – of valt er meer over te zeggen?

Basis

Korte Metten: Een tweede Rode Lijn op de stoep van de PKN

Vrijdag 20 maart: de Jannekes en de Hanna’s aan de niet zo pro-Israël kant van de PKN trekken hun rode jassen weer aan en doen hun rooie sjaals opnieuw om zodat zij hun zorgen over hun eigen kerkgenootschap nogmaals kunnen laten horen. Na een eerste christelijk Rode Lijn protest enkele maanden geleden volgt nu dus een tweede. Ze zijn boos. Heel boos. In hun ogen maakt de leiding van hun PKN zich, waar het over Israël, Gaza en Palestina gaat, schuldig aan het gebruik van “ontwijkende taal van ‘pijn aan beide kanten’ en misleidende taal over ‘conflict’ en ‘ingewikkeld’. En ook neemt de kerkleiding nog steeds het woord ‘genocide’ niet in de mond.” Zo schrijven de initiatiefnemers van dit tweede Rode Lijn protest in hun oproep in Nieuw Wij op 2 maart.

Nieuwe boeken