Menu

Basis

Thema ‘de ongemakkelijke Jezus’

Slotbeschouwing

Op de vraag ‘wie is Jezus?’ geeft de Bijbel vele antwoorden. De tien hier besproken, ietwat schurende teksten, belichten ook aspecten van Jezus. Maar… helpen ze ons eenduidig nu met een antwoord op die vraag? Hoe lezen en verstaan we eigenlijk? Is er wel één antwoord mogelijk?
ROELOF DE WIT
Drs. R.F. de Wit is als predikant verbonden aan de Hervormde Gemeente te Ermelo. Hij is lid van de redactie van Ouderlingenblad.

‘Wie is Hij toch?’ Die vraag klinkt regelmatig in het evangelie. Jezus’ leerlingen stellen hem, maar ook omstanders doen dat. Jezus heeft iets in zich, wat mensen deze vraag doet stellen. Dat is nog steeds zo. Daarom is die vraag nooit verstomd. En elke keer als je denkt Hem begrepen te hebben, blijkt Hij toch weer anders te zijn.

Een dubbele beweging: wij lezen de Bijbel, maar de Bijbel leest ook ons

In dit themanummer hebben we verschillende teksten belicht die een ‘andere kant’ van Jezus laten zien. Niet de nabije, troostende en behulpzame kant, die meestal centraal staat, maar eerder een harde kant. Het zijn schurende teksten. Het blijkt belangrijk te zijn om teksten zorgvuldig te lezen, en de context mee te wegen. Je kunt niet zomaar een losse tekst eruit halen. Maar ook na zorgvuldige exegese blijven de teksten ongemakkelijk. Dat ongemak kun je proberen weg te poetsen, maar belangrijker is het deze woorden met een open houding te lezen.

In deze slotbeschouwing wil ik twee dingen doen. Om te beginnen ga ik in op de vraag hoe je dergelijke teksten leest. En vervolgens bied ik een opzet om hier met elkaar over door te praten, in de vorm van een groothuisbezoek, een bezinning in de kerkenraad, of tijdens een gemeentekring.

Leeshouding

De woorden van Jezus staan in de Bijbel, wij lezen die en proberen deze woorden te begrijpen en toe te passen. Dat is de ene beweging: van ons naar de Bijbel toe. Maar er is tegelijk ook een andere kant: de beweging van de Bijbel naar ons toe; de Bijbel die ons leven wil vormen en sturen. Er is dus sprake van een dubbele beweging: wij lezen de Bijbel, maar de Bijbel leest ook ons.

Dat bepaalt ook de houding waarmee wij lezen. We proberen niet alleen tot inzicht te komen, maar ons ook open te stellen voor de woorden en de werking die ervan uitgaat. Het gaat om een houding van ontvankelijkheid, ook als er woorden klinken die ingaan tegen wat ik als prettig ervaar. Daarom gaat bijbellezen ook over de vraag: wat gebeurt er met ons, wanneer we de Bijbel lezen? Wat betekent het dat we de Bijbel lezen als ontvanger?

Leesgemeenschap

Het is belangrijk om je te realiseren dat de teksten geschreven zijn om voorgelezen te worden in de samenkomst van de gemeente. Zo hebben ze van het begin af aan gefunctioneerd. De samengekomen gemeente hoort de woorden die worden voorgelezen. Daar komen ze tot klinken, daar worden ze besproken. Die gebruikerssituatie wordt verondersteld. Niet van iemand die alleen op zijn kamer probeert om de teksten te ontrafelen. Als het gaat over de vraag: ‘Hoe ga je met zulke teksten om?’, dan hebben we elkaar nodig. Samen vormen we de leesgemeenschap: ‘samen met alle heiligen…’ (Ef.3). Daar horen christenen elders op deze wereld bij; daar horen ook degenen bij die vóór ons deze teksten gelezen hebben. Wij staan op de schouders van het voorgeslacht.

Duidelijk

We zouden wel willen dat de Bijbel zo helder was als de website van de Nederlandse Spoorwegen, waar je alles kunt vinden voor je reis: hoe laat de trein vertrekt, en vanaf welk perron; op welke tussenstations hij stopt, hoe lang je erover doet, en wat het je kost. Zelfs het perron van aankomst staat al vermeld. Je hoeft alleen maar in te stappen.

De reis door de Bijbel blijkt veel complexer. Het blijkt bij tijden een ruige tocht te zijn, vol hindernissen. Dat geeft soms reden voor misverstand, soms brengt het een eigenzinnige uitleg met zich mee. Het levert in elke geval heel wat discussie op.

Altijd groter

Jezus overstijgt al onze eigen ideeën en voorkeuren. Over de vraag ‘Wie is Hij toch?’ zijn talloze boeken geschreven. Het opvallende daarin is telkens weer dat het beeld van Jezus dat daarin naar voren komt veel trekken vertoont van de onderzoeker. Hij is de bevrijder van de armen in Latijns-Amerika. Hij is degene die lijdt aan het kruis in de katholieke kathedralen. Hij is de wijze Saddhu, de wandelende leraar in India. Hij is de vreugde, de muziek, de dans in Afrika. Hij is de Overwinnaar, de opgestane Albeheerser in de Oosterse Kerk. Hij is degene die bevrijdt en geneest in een evangelische gemeente. Hij is degene die volhardt in de verdrukking in het Midden-Oosten. Hij is de Weg te midden van de vele wegen.

De reis door de Bijbel blijkt bij tijden een ruige tocht te zijn, vol hindernissen

Al die beelden geven iets van Hem weer. Maar op het moment dat Hij niet meer is dan dat, dan is het nog maar een kleine stap om te zeggen dat Hij het is ‘who makes America great again’, en spannen we Hem voor ons karretje.

Geen eigen beeld

Betekent dit dan dat iedereen zijn eigen Jezus-beeld kan creëren? Nee, juist niet. Het betekent dat het beeld dat wij van Hem hebben wel kan kloppen, maar nooit het hele verhaal is. Hij is altijd groter. Hij is veel groter dan al die denkbeelden bij elkaar. De ene persoon benadrukt meer de goddelijke kant van Jezus, terwijl de ander juist sterk gericht is op de menselijke kant. Deze staan niet tegenover elkaar, maar versterken elkaar juist. Elk beeld van Hem schiet in zichzelf tekort. Hij past in geen enkel hokje. Het is niet voor niets dat we vier verschillende verhalen over Hem hebben.

Gesprek

Ieder van ons heeft een bepaald beeld van Jezus. De een is geneigd om de pastorale kant te benadrukken (Jezus als de goede Herder), terwijl de ander het filosofische centraal stelt (Jezus als wijsheidsleraar), en nog een derde ziet in Jezus een revolutionair.

Dat heeft te maken met afkomst en opvoeding, met ervaringen die je hebt opgedaan, met de traditie die je vertrouwd is. Het is goed om daarover met elkaar het gesprek te voeren: welk beeld van Jezus heb jij, wat betekent dat voor je?

Jezus is veel groter dan alle denkbeelden over Hem bij elkaar

Twee valkuilen liggen daarbij de op loer: enerzijds starheid (zo is het), anderzijds vrijblijvendheid (ieder zijn eigen waarheid). Een gebrek aan openheid, of juist aan eerlijkheid. Dan kunnen de verschillen al snel tot tegenoverstellingen leiden. Daarom is het goed om eerst naar elkaar te luisteren.

Denk daarbij aan de volgende richtlijnen:
• wees open en eerlijk
• neem elkaar niet de maat
• vertrouw elkaar, veroordeel niet
• toon interesse in (het verhaal van) de ander
• vraag verder Zo kan er een gesprek van hart tot hart groeien, waarin we elkaar leren verstaan en waarderen.

Opzet voor ontmoeting

Het volgende kan gebruikt worden voor een groothuisbezoek, een bezinning in de kerkenraad of een gesprekskring. Niet alle vragen hoeven daarbij aan de orde te komen. Er kan een selectie gemaakt worden, afhankelijk van de samenstelling van de groep. Bij sommige vragen is het goed om dit in groepjes van 2 of 3 personen te doen, zodat er meer ruimte is voor vertrouwelijkheid dan in een grote groep. Het doel is om het geloofsgesprek met elkaar te voeren.

1. Vraag vooraf aan iedereen om een afbeelding mee te nemen die voor jou laat zien wie Jezus is. Dat kan een afbeelding van internet zijn, een plaatje uit de kinderbijbel of nog weer iets anders. Iedereen die dat wil vertelt iets over zijn of haar keuze.

2. In dit nummer zijn verschillende uitspraken van Jezus besproken. Kies er met elkaar een uit, waarover je graag door wilt spreken. Wat raakt je in deze uitspraak van Jezus? Waar stoort het? Wat doet dat met je? Waar zit die moeite in? Hoe ga je daarmee om?

3. Deel met elkaar welk beeld van Jezus voor jou belangrijk is, en waarom dat zo is. Met welke woorden van Jezus heb jij moeite? Welke woorden passen volgens jou het beste bij Jezus? Zijn er woorden die volgens jou niet bij hem passen?

4. Bekijk de afbeeldingen bij dit artikel. Het ene is van Matthias Grünewald, die een indringend portret geschilderd heeft van de lijdende Messias. het andere is een afbeelding van Christus Victor (overwinnaar) en Pantokrator (albeheerser). Welke spreekt je het meest aan, en waarom?

5. Lees het volgende citaat, en bespreek het met elkaar (uit: Luigi Gioia, Aangeraakt door God, p.83). […]*

6. Lees (of zing) met elkaar Lied 512. Wat spreekt je aan in dit lied? Ken je ook liederen die juist de ongemakkelijke kant belichten?

*Zie voor het citaat het fysieke exemplaar van dit nummer Ouderlingenblad.

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken