Wanneer geloofsovertuigingen belemmeren
Mensen kunnen stress ervaren door de dingen die ze zijn gaan geloven over God, gehoorzaamheid en schuld en over wat veilig en gevaarlijk is. Deze stress kan invloed hebben op relaties, werk, identiteit en gezondheid. Inge Bosscha noemt dit ‘geloofsstress’ en wijdt er een drietal artikelen aan. In dit tweede artikel bespreekt ze stress veroorzaakt door belemmerende geloofsovertuigingen. Hoe kan je hiermee omgaan?
Geloofsstress is spanning naar aanleiding van wat we zijn gaan geloven. Niet alleen over God, maar ook over onszelf, over gehoorzaamheid, over schuld, over wat veilig is en wat gevaarlijk. Zulke overtuigingen ontstaan meestal niet op één moment. Ze groeien langzaam, vaak al vanaf de kinderjaren.
Ze ontstaan niet alleen uit onderwijs of prediking, maar bijvoorbeeld ook uit de sfeer, de reacties van ouders, uit wat beloond werd en wat angst opriep. Overtuigingen worden zelden alleen maar aangeleerd, ze worden vooral aangevoeld. En dan kan het zomaar zijn dat je hebt geleerd dat God onvoorwaardelijke liefde is en dat ook ‘officieel’ gelooft maar dat je tegelijkertijd ergens het gevoel hebt dat God teleurgesteld in je is.
Dit artikel gaat over geloofsstress die niet zozeer veroorzaakt wordt door de leer zelf, maar door hoe wij deze kunnen beleven.
Verkeerde conclusies
Allereerst wil ik opmerken dat het volkomen normaal is om overtuigingen te hebben die niet direct helpend voor ons zijn. Dat is niet omdat we iets verkeerd hebben gedaan, maar omdat deze nou eenmaal zo in ons zijn ontstaan.
Als kind hebben we onze eigen conclusies getrokken naar aanleiding van wat we zagen, hoorden en ervoeren. Terwijl we groeiden, maakten onze hersenen steeds meer verbindingen aan. Zo ontstonden innerlijke regels die hielpen om de wereld een beetje te begrijpen en ons daartoe te verhouden.
Veel van die regels klopten en droegen bij aan ons gevoel van veiligheid. Maar sommige conclusies waren te eenvoudig of te absoluut om de werkelijkheid passend te beschrijven.
Een kind heeft bijvoorbeeld deze conclusie getrokken: ‘Als ik stout ben, kijkt Mama boos, dus als Mama boos kijkt, ben ik stout (geweest).’ Terwijl moeder misschien ook wel eens een frons op haar gezicht heeft omdat ze zich zorgen maakt, zeer geconcentreerd is of boos is op iemand anders.
Vaak corrigeert zo’n foutief getrokken conclusie zich vanzelf in de loop van de tijd. Maar soms blijven er ‘regels’ bestaan die geen recht doen aan de werkelijkheid. Dat komt niet doordat we niet zorgvuldig of niet slim genoeg zijn, maar doordat we onze basisaannames als waarheid beleven. Ze lijken zich keer op keer te bevestigen.
Bewijzen vinden
Een kind dat geconcludeerd heeft dat het zelf schuldig is aan de frons op moeders gezicht, zal hiervan ook bewijzen zien. Er wordt door de moeder bijvoorbeeld minder met het kind gesproken en gelachen dan anders. Dit ‘bewijst’ de aanname dat moeder het kind iets verwijt. Terwijl dit dus net zo goed kan komen doordat moeder andere zorgen heeft.
We weten dat iemand die mishandeld of misbruikt is door een persoon met macht/autoriteit/aanzien, een negatief godsbeeld kan ontwikkelen. Als met jouw gevoelens, behoeften en belangen als kind geen rekening werd gehouden, doordat iemand ten koste van jou de eigen zin doordreef, dan kan dat ingrijpende gevolgen hebben. Het kan de indruk geven dat degenen met macht – ook God – zomaar wat doen en dat jij er bij hen niet toe doet. Een grillig, onveilig of zelfs een narcistisch godsbeeld kan dan het gevolg zijn. Maar zelfs als er geen sprake is van onrecht, kunnen we overtuigingen of aannames hebben ontwikkeld die niet helpend of kloppend zijn. Mede daardoor komt geloofsstress ook zoveel voor. Het kan ons allemaal treffen, want onze overtuigingen lijken de waarheid. Maar hoe kan je er zijn voor iemand die worstelt met belemmerende geloofsovertuigingen?
Niet corrigeren
Als iemand jou toevertrouwt soms bang te zijn voor God, dan helpt het meestal niet als je dat gelijk tegenspreekt met zinnen als: ‘Je hoeft niet bang te zijn, zo is God niet’, ‘God houdt van jou’, enz. Dit soort ‘correcties’ worden vaak ervaren als beschuldigend. Alsof er gezegd wordt: ‘Hoe kan je nou zo denken? In de Bijbel staat toch duidelijk dat (…vul maar in…)?’ Naast angst kan er zo ook schaamte ontstaan, vanwege die angst. Als mijn geloof groter of beter zou zijn, zou ik geen angst kennen, maar blijkbaar ben ik geen échte gelovige, kan iemand denken. En schaamte kan een reden zijn waarom mensen zich terugtrekken.
Iemands beleving erkennen
Wat wél kan helpen, is je oprecht verdiepen in hoe iemand anders het beleeft. Jij ziet misschien dat diegene worstelt met de eigen aannames. Maar hoe ziet de wereld eruit als deze aannames feiten zouden zijn? Voor deze persoon is dat de wereld waarin hij zich bevindt.
Als je écht daarnaar kunt luisteren of kunt helpen om daar woorden aan te geven – aan de stress en de angst en de onzekerheid – dan kan iemand soms een zucht slaken van verlichting, omdat hij zich gezien en begrepen voelt.
Een kind dat al zo lang denkt dat moeder boos op hem is, is niet geholpen met het verwijt: ‘Hoe kan je dat nou denken? Notabene over onze lieve moeder! Hoe durf je zo’n beeld van haar te hebben? Je zou toch beter moeten weten? Na alles wat ze voor je heeft gedaan! Schaam je!’
Nee, wat helpt zijn zinnen als: ‘Ach lieverd, wat naar voor je dat je dat al die tijd gedacht hebt!’ En wat ook helpt is iemand de ruimte geven om te vertellen wanneer iemand dat in het bijzonder dacht of hoe verschrikkelijk die gedachte voelde. Ruimte scheppen voor de pijn dus.
En dat is iets wat wij vaak automatisch proberen te voorkomen. We drukken de pijn liever weg. We zeggen lachend dat het toch best meevalt of dat het vast niet zo bedoeld is. We voelen ons al gauw ongemakkelijk bij pijn omdat we ergens het idee hebben dat we het moeten oplossen.
Geen snelle oplossing
Toch is een oplossing meestal niet waar mensen met pijn op zitten te wachten. Bovendien, innerlijke regels die jarenlang richting hebben gegeven aan iemands leven, laten zich niet corrigeren met één ‘geruststellende’ zin als: ‘Je hebt het verkeerde godsbeeld, maar laat me je vertellen hoe/wie God wél is’. Dit doet geen recht aan iemands jarenlange beleving en ervaringen.
Als we aandacht geven aan hoe iemands overtuigingen zijn ontstaan en hoe ze hebben doorgewerkt in iemands leven, dan ontstaat er ruimte. Ruimte waarin zichtbaar wordt dat iemands geloofsstress niet is ontstaan uit laksheid of domheid, maar in een mens die – net als zo’n beetje iedereen – geprobeerd heeft trouw te zijn aan wat waarheid leek.
Pas dan ontstaat er ruimte voor herstel, want als iemand zich werkelijk gezien voelt in zijn stress en angst, kan er ontspanning komen. Van daaruit kan iemand zich steeds veiliger gaan voelen. En alleen dán, wanneer iemand zich veilig genoeg voelt, kunnen overtuigingen gaan verschuiven en kunnen aannames worden herzien.
Kijk en luister goed
Het kan verhelderend zijn om voor jezelf na te gaan of je zelf ook onbewuste geloofsovertuigingen hebt ontwikkeld die soms aanleiding kunnen zijn voor geloofsstress. Wat is je godsbeeld? Hoe denk je dat God naar je kijkt? En dan niet vanuit wat je is geleerd of vanuit wat je weet of meent te weten vanuit de Bijbel, maar vanuit hoe het vóelt. Als dit iets anders is dan wat je weet, dan kan het bijna niet anders of je ervaart zelf ook wel eens geloofsstress.
Het kan helpen om hier met anderen over te praten. Om ruimte te maken voor het thema geloofsstress. Zo kunnen ook ánderen nagaan of zij daar last van hebben. En kan er een begin worden gemaakt met verbindende en normaliserende gesprekken, waardoor degenen met geloofsstress kunnen ervaren dat ze niet de enige zijn. Alleen dit kan al een wereld van verschil maken, omdat het de schaamte ondermijnt.
In het volgende artikel sta ik stil bij geloofsstress naar aanleiding van overtuigingen die als een onveranderlijke realiteit worden ervaren. Denk dan bijvoorbeeld aan een God die alles ziet, een altijd aanwezige geestelijke strijd en de mogelijkheid dat God straft. Voor sommige gelovigen is dit – soms of vaker – een bron van stress. Toch is ook hier verlichting mogelijk.
Lees meer over belemmerende geloofsovertuigingen in Mantel van Angst.

Inge Bosscha geeft voorlichting over geloofsstress, kerkpijn en religieus trauma. Daarnaast beheert zij op Facebook een besloten steungroep voor mensen die daarmee te maken hebben. Sinds 2015 publiceert zij over de impact die een religieuze opvoeding kan hebben in de vorm van persoonlijke blogs en ervaringsverhalen op de website https://dogmavrij.nl/.
Recensies
Schrijf je in voor de nieuwsbrief
Wil je op de hoogte blijven van Theologie.nl? Schrijf je dan in voor onze wekelijkse nieuwsbrief. Daarin selecteren we de mooiste, nieuwste en scherpste artikelen van de week. Ook houden we je op de hoogte van nieuwe boeken, speciale events en De theologie podcast.
Word lid van Theologie.nl
Wil je meer artikelen kunnen lezen over boeken, levensvragen, maatschappelijke thema’s en spiritualiteit? Word dan lid van Theologie.nl en sluit een basisabonnement af vanaf €5,83 per maand.
