Menu

Premium

Woorden

Woorden

Bij Jesaja 52,7-10 en Johannes 1,1-14

In veel kerken worden vandaag met de kinderen de advents- en kerstprojecten afgerond. Op school zijn veel kerstfeesten gevierd. Misschien was er al een gezinsviering op kerstavond (zie 24 december). Johannes 1 is voor kinderen erg abstract.

Gesprek

‘In den beginne was het Woord…’ Wat kunnen woorden allemaal doen? Woorden kunnen troosten, je blij of verdrietig maken, je helpen, je elkaar laten verstaan, verhalen vertellen…

Ik noem een woord. Vind je dat woord bij God horen? Waarom vind je dat? Woorden van God zouden kunnen zijn: leven, licht, liefde, opkomen voor elkaar, aandacht, vrede.

Laat zeven kaarsen aansteken bij deze woorden:

1. Elk nieuw leven is een wonder van God.

2. We merken dat er licht is, als mensen bij ons blijven en ons helpen wanneer we het moeilijk hebben.

3. Liefde is als de maan: als ze niet groter wordt, wordt ze kleiner. Liefde is warmhartig, en als je haar niet voedt, dooft ze uit.

4. God komt op voor mensen die niet meetellen. Wij mogen voor elkaar opkomen wanneer mensen het moeilijk hebben.

5. Elk mensenkind heeft aandacht nodig, zoals planten water en licht nodig hebben om te kunnen groeien en bloeien.

6. Vrede is niet het doel: vrede is de weg. Vrede moet je doen! Maak het goed wanneer je ruzie hebt. Zorg voor elkaar.

7. Leven, licht, liefde, opkomen voor elkaar, aandacht en vrede zijn woorden die handen en voeten hebben gekregen in Jezus, die sprekend God is. Dat ook wij aan die woorden gestalte geven.

Gebed

Wij zoeken U, Heer, maar soms bent U moeilijk te vinden.

Wie verwacht nu een koningskind in een stal?

Toch bent U het licht voor de wereld.

Een licht dat schijnt in het donker.

Voor U is macht en rijkdom niet belangrijk;

U wilt er zijn voor iedereen.

Voor kleine mensen bent U bereikbaar.

Daar danken wij U voor.

Doe-tip

Trakteer bij de koffie op beschuit met muisjes.

Anneke van Wijngaarden

Wellicht ook interessant

None

Recensie van Matthijs Schuurman over het boek Drie-eenheid

In 2024 schreef Bram van de Beek een artikel voor een wetenschappelijke encyclopedie over hoe er in de Vroege Kerk werd gedacht over de drie-eenheid. Al vanaf de jaren-’80 is hij actief als hoogleraar. In 1981 volgende hij in Leiden prof. dr. H. Berkhof op als hoogleraar Dogmatiek. In 2000 verhuisde hij naar de Vrije Universiteit, waar hij Symboliek ging doceren. Bij symboliek gaat het om de inhoud van de geloofsbelijdenissen. Ook was Van de Beek bijzonder hoogleraar Systematische theologie aan de Universiteit van Stellenbosch in Zuid-Afrika.

None

Recensie van Matthijs Schuurman over het boek Inferno

Iedereen heeft misschien wel zijn eigen beeld van de hel. Persoonlijk vind ik de hel zelf veel moeilijker voor te stellen dan de hemel. Als ik de hel zou moeten verbeelden, dan zou ik kiezen voor een druk winkelcentrum waar ik eindeloos op en neer ga op de roltrap. Ik ben dan in een drukte van mensen waar ik niet verbonden mee kan raken, omdat die mensen op dat moment allemaal voor zichzelf leven. Een plek waar ik innerlijk alleen maar onrustig kan worden en onrustig zal blijven. Zo stel ik me de hel voor: als een plek waar ik in het leven hier op aarde al niet graag kom. Als ik over het beeld nadenk, ontbreekt een belangrijk element: God Die Zijn oordeel heeft uitgesproken over mijn leven. Dat ik niet zonder reden voor altijd op die roltrap op en neer zal gaan en ik innerlijk gek wordt van de steeds toenemende onrust.

Jan Luyken (1700), Origenes onderwijst zijn studenten.
Jan Luyken (1700), Origenes onderwijst zijn studenten.
Basis

Waarom ‘Eeuwig’ toch niet altijd een goed vertaalwoord is

Enkele publicaties vorig jaar, waaronder het boek “Het einde van de Hel” van Reinier Sonneveld, hebben de eeuwenoude discussie of God alle mensen uiteindelijk zal redden1 weer nieuw leven ingeblazen. Een belangrijk argument tegen de leer dat voor ongelovigen de hel de eindbestemming zou zijn, is dat de Hebreeuwse en Griekse woorden die meestal met “eeuwig” vertaald worden, niet de betekenis “eindeloos” hebben. Dat was aanleiding voor het blad Met Andere Woorden (MAW), een vakblad voor Bijbel en vertalen, om een themanummer uit te geven rondom dit woordje, “eeuwig” en “eeuwigheid”. En, hoewel vertalers zich het liefst op de tekst zelf focussen, ontkom je er niet aan keuzes te moeten maken die aan een dergelijke discussie raken.2 Zo moet een vertaler kiezen of hij meegaat in het zo bekende “eeuwig” en “eeuwigheid”, of in navolging van kritiek en diverse onderzoeken voor een andere weergave kiest. In het themanummer verdedigden enkele artikelen de keuze voor “eeuwig”. In de studievertaling waar ik aan mee mag werken, de Nieuwe Concordante Vertaling (NCV),3 is echter een andere keuze gemaakt. In dit artikel laat ik graag zien waarom “eeuwig” toch niet altijd een goed vertaalwoord is.

Nieuwe boeken