Menu

Basis

Anders vasthouden

Witte duif die vrijgelaten wordt
(Beeld: iStock)

Loslaten vraagt moed. De dingen overlaten aan een ander doen we niet makkelijk, laat staan aan God. Waarom is het goed om los te laten?

Hoewel ik het voortdurend ontken, ben ik toch best een controlfreak. Ik hou liever alles zelf in de hand. Als ik een taakje doorspeel, maak ik me voortdurend zorgen of het resultaat wel voldoet aan mijn hoge eisen. Dat heeft zeker te maken met een overmatig gevoel van verantwoordelijkheid. Wat we als kerk leveren moet kwaliteit hebben… alsof alleen ik daarvoor kan zorgen. Het niet kunnen loslaten heeft dan ook alles te maken met een gebrek aan vertrouwen. Natuurlijk, er gaan af en toe dingen mis waarna je denkt: ‘Had ik het maar zelf gedaan’. Toch is de moed om los te laten belangrijk. Voor je eigen behoud en voor de kracht van de gemeenschap.

Eigen behoud

Je kunt als mens niet alles op je schouders nemen. Als je voortdurend de controle wilt hebben over alles kost dat veel te veel energie. Je hoofd raakt vol met zorgen en je agenda vult zich met het zoveelste klusje dat klaarblijkelijk alleen bij jou in goede handen is. Het vraagt moed om los te laten, maar het is wel noodzakelijk.

Een bekend voorbeeld is het verhaal over paus Johannes Paulus XXIII (1958-1963) die met het Tweede Vaticaans Concilie vernieuwing in de rooms-katholieke kerk wilde brengen. De kerk moest meer bij de tijd worden gebracht. Maar iedere vernieuwing gaat met vallen en opstaan, met voorlopers en met weerstand. Het bracht de paus rusteloze nachten, zijn hoofd en hart waren gevuld met zorgen over zijn kerk. Tot hij op een nacht weer wakker lag en zei: ‘Heer, het is Uw kerk. Ik ga slapen.’

Kracht van de gemeenschap

Overal waar samengewerkt wordt is het vruchtbaar wanneer men een gedeelde verantwoordelijkheid voelt. Een bedrijf is sterker als de werknemers zich mede-eigenaar voelen, als het ook ‘hun’ bedrijf is. Een kerk floreert wanneer de leden zich niet enkel consument voelen, maar hun steentje kunnen bijdragen, verantwoordelijkheid krijgen. Zo is men samen gemeente, het lichaam van Christus. Ieder met zijn of haar eigen kennis en kwaliteiten. Of zoals de apostel Paulus het zegt: ‘Er zijn verschillende gaven, maar er is één Geest; er zijn verschillende dienende taken, maar er is één Heer’ (1 Korintiërs 12:4-5).

Van directeur, dominee en kerkenraad vraagt het de moed om verantwoordelijkheid te delen, en om de tijd te nemen de gaven van de ander te ontdekken en te zien. In een gehaaste wereld geven we onszelf daar vaak te weinig ruimte voor. Alles moest eigenlijk gisteren al gedaan zijn.

Anders vasthouden

De moed hebben om te vertrouwen. Dat klinkt raar omdat vertrouwen aan moed lijkt vooraf te gaan. Misschien is het wel een samenspel. Ik ben zelf niet van het klakkeloos vertrouwen. In kerkelijke kringen hoor je steeds vaker dat je de dingen aan God moet durven overlaten. Maar als het zover gaat dat zelfs gebed zou helpen om de tekorten in de begroting te dichten, haak ik af. Daarvoor zullen we toch echt zelf aan de bak moeten.

Jezus zegt tegen zijn leerlingen: ‘Ik heb dit gezegd opdat jullie vrede vinden bij Mij. Jullie zullen het zwaar te verduren krijgen in de wereld, maar houd moed: Ik heb de wereld overwonnen’ (Johannes 16:33). Deze moed gaat uit van vertrouwen dat de weg van Jezus, van liefde en nabijheid, de goede is. En van de overtuiging dat zo het koninkrijk nabijkomt. Daarmee laat je je dromen niet los, noch je verlangens, maar je houdt ze anders vast. Niet alleen, maar samen, in Christus gedragen.

Harold Schorren is predikant van de wijkgemeente Laurenspastoraat, city pastor van Rotterdam, en redactielid van Open Deur.


Moed!
Open Deur 2026, nr. 7/8

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken