< Terug

Zwijgen en spreken van God in de Bijbel

‘Gij hebt het zwijgen met uw eigen stem verstoord’

Het komt in de Bijbel vaker voor dat God spreekt, dan dat Hij zwijgt. God roept mensen of spreekt via hen. Ook klinkt zijn stem in natuurverschijnselen. Vooral in de Psalmen spreekt of zwijgt God. Mensen ervaren dat Hij zwijgt als hij niet antwoordt op hun vragen. Hij lijkt dan niet te luisteren. Maar ook als God zwijgt, kun je stellen dat Hij spreekt. Er is meer tussen woorden en stilte.

Spreken en zwijgen zijn in ons dagelijks leven tegenstellingen. Als je zwijgt dan spreek je niet en als je spreekt dan zwijg je niet… of is het niet zo eenduidig? Bij het thema spreken en zwijgen moest ik terugdenken aan de tijd dat ik werkte bij de Stichting 1940-1945. Ik begeleidde toen mensen die getraumatiseerd waren door de verschrikkingen die ze meegemaakt hadden in de Tweede Wereldoorlog. Sommigen van hen wilden daar voortdurend over blijven praten en anderen hadden geen woorden; zij bleven hun leven lang zwijgen. Misschien is het door deze ervaring dat het woordenpaar ‘spreken en zwijgen’ mij fascineert.

God lijkt zich voor veel mensen oorverdovend stil te houden

Hoe veelzeggend kan zwijgen zijn? En kun je spreken zonder iets te zeggen? En hoe zit het met het spreken en zwijgen van God? In deze bijdrage wil ik verkennen hoe mensen het spreken en zwijgen van God ervaren hebben in een aantal bijbelteksten die mij troffen, met name in het Eerste Testament. Ik doe geen poging om volledig of systematisch te zijn. Het gaat om een variëteit van teksten die mij opvallen en voor mij inspirerend werken. En die iets laten oplichten van het geheim van het spreken en zwijgen van God. Aan het eind probeer ik wat ik hiervan geleerd heb bijeen te brengen.

Kun je spreken zonder iets te zeggen?
(beeld: Steward Masweneng, Pixabay)

God zwijgt?

In onze wereld vol rampen en geweld lijkt God zich voor veel mensen oorverdovend stil te houden. ‘Het zwijgen van God’ is dan ook een thema bij auteurs als Eli Wiesel en Immanuel Levinas. En bij filmmakers als Lars von Trier en Ingmar Bergman. Deze laatste beroemde Zweedse filmer wijdde zelfs drie films aan het thema van de zwijgende God.

Ook theologen en pausen hebben zich uitgesproken over het zwijgen van God, waarbij ze Gods zwijgen als een feit aannamen waar niets aan te doen was. Zo heeft Johannes Paulus II in 2002 eens gezegd: ‘Naast het zwaard en de honger is er een nog grotere tragedie, namelijk het zwijgen van God die zich niet meer openbaart en zich lijkt te hebben teruggetrokken in de hemel, alsof hij walgt van de daden van de mensheid.’

Elia hoort de stem, het gefluister van een zachte stilte

God spreekt?

Al direct bij het begin van de Bijbel, in Genesis, blijkt dat God spreekt. Voordat Hij sprak was er een soort kosmische stilte; een groot zwijgen. Dan neemt God het woord. Hij begint te spreken! Hij is de verstoorder van de stilte. Een hele week, iedere dag weer opnieuw. Elf keer staat er: ‘God sprak.’ Jan Wit dichtte hierop het lied: Grote God, Gij hebt het zwijgen met uw eigen lieve stem verstoord. (Liedboek 317)

De echo van Genesis 1 horen we terug in de eerste tekst van het Johannesevangelie: In het begin was het Woord. (Johannes 1:1, tenzij anders vermeld gebruik ik de NBV.) Gods spreken betekent hier, in Genesis: scheppen. Alleen op de zevende dag spreekt Hij niet, maar rust Hij uit. God lijkt zich op de zevende dag terug te trekken in de stilte.

In Exodus lezen we dat God, bij de berg Sinaï, spreekt tot Mozes en de Israëlieten. Daaraan gaan donderslagen, bliksemflitsen en een aanzwellend hoorngeschal vooraf (Exodus 19). Over het contact tussen God en Mozes wordt gezegd dat ‘de Heer persoonlijk sprak met Mozes, zoals een mens met een ander mens spreekt’. (Exodus 33:11, Naardense Bijbel: ‘van aanschijn tot aanschijn, zoals een man spreekt tot zijn makker’) Heel persoonlijk dus.

Soms is het niet eenvoudig om de stem van God en van mensen te onderscheiden. Dat blijkt uit de bijzondere geschiedenis van de roeping van Samuel. In 1 Samuel 3 wordt eerst gezegd: ‘Er klonken in die tijd zelden woorden van de Heer en er braken geen visioenen door.’ Samuel groeit op bij de priester Eli. Hij ligt te slapen. Dan roept de Heer hem, maar Samuel denkt dat hij de stem van Eli hoort. Maar toch bleek het de stem van God zelf.

‘God zwijgt, Hij lijkt zich te hebben teruggetrokken in de hemel.’
(beeld: Tobias Hämmer, Pixabay)

In het algemeen lijkt God niet direct te spreken met ‘gewone’ mensen, maar via bemiddelaars, zoals priesters en profeten. Elia is zo’n profeet. Over hem is een bijzonder verhaal opgetekend. Daarbij speelt op de achtergrond een strijd om de ware God: Israël beschimpte de Baälsgoden van de andere volken vanwege hun onvermogen om te antwoorden op de gebeden van hun aanbidders.

In het oude Nabije Oosten leefde de gedachte dat de goden sliepen, zoals mensen. Israël wilde laten zien dat hun God luisterde en antwoordde op gebeden. Bij de berg Karmel is er dan eerst weer spektakel: veel vuur, stortregens en orkaangeweld. Elia houdt zich gereed om naar God te luisteren die hem in de donder toespreekt. Maar de Heer bevindt zich daarin niet. Wanneer het oorverdovende lawaai ophoudt, hoort Elia ‘de stem, het gefluister van een zachte stilte’. Daarin spreekt God tot hem. Vervolgens wijst Hij Elia terecht en stuurt Hij hem op weg met een opdracht (1 Koningen 19).

Hieruit wordt duidelijk dat God op verschillende manieren kan spreken, zowel door natuurverschijnselen als door een stem.

Job blijft zich luidkeels beklagen: waarom ik?

Zwijgen: intimiteit of woede

De meeste bijbelteksten over het zwijgen van God komen we tegen in de Psalmen. Deze liederenbundel getuigt van een persoonlijke relatie van de dichters met hun God. Er wordt geklaagd, geroepen, geschreeuwd en gezwegen. Soms is er sprake van zo’n intimiteit met God dat de dichter geen behoefte meer heeft aan woorden. Hij doet er het zwijgen toe:

Nee, ik ben stil geworden,
ik heb mijn ziel tot rust gebracht.
Als een kind op de arm van zijn moeder,
als een kind is mijn ziel in mij.
(Psalm 131:2)

Aan het spreken gaan donderslagen, bliksemflitsen en hoorngeschal vooraf.
(beeld: jplenio, Pixabay)

Het komt ook voor dat er geen sprake is van een intieme stilte tussen God en mens. De mens kan de stilte ervaren als het zwijgen van God (of de afwezigheid van God). Mozes interpreteert dit zwijgen als een verstoring van de relatie tussen God en het volk. Hij legt een verband tussen het zwijgen van God en het zondige gedrag van het volk: ‘U klaagde uw nood bij de Heer maar Hij wilde niet naar u luisteren en hield zich doof.’ (Deuteronomium1:45)

God weigert te luisteren naar zijn volk als dat niet naar hem wil luisteren. Dan stokt het gesprek. Ook bij de profeet Micha komen we de gedachte tegen dat God zwijgt. Daar heeft het te maken met sociaal onrecht dat gepleegd wordt. Het gaat erom dat de mensen niet doen wat aan hen bekend gemaakt is en wat de Heer van hen vraagt, namelijk ‘niets anders dan recht te doen, trouw te betrachten en nederig de weg te gaan van je God’ (Micha 6:8).

Toch is het niet zo eenduidig dat overal waar God zwijgt er sprake zou zijn van mensen die niet luisteren naar God of die onrecht plegen. Dat blijkt wel uit het verhaal van Job. Immers, deze als ‘rechtvaardig en onberispelijk’ omschreven man ‘meed het kwaad’ (Job 1:1) en toch overkomt hem veel ellende. Daarbij lijkt hij ook God kwijt te raken omdat God zwijgt. Zijn vriend Elihu probeert het lijden van Job te verklaren. Hij suggereert dat God hem niet antwoordt vanwege zijn zonde. Job pikt dat niet. Hij blijft zich luidkeels beklagen bij God. Dat is het laatste wat hij nog kan: ‘Waarom? Waarom ik?’ Uiteindelijk spreekt God tegen hem. Of liever: brult God hem een antwoord vanuit een storm.

Ik vraag me af: is dit spreken van God wel een antwoord? Als ik nauwkeurig lees moet ik vaststellen dat Job geen antwoorden krijgt. Er wordt hem een reeks vragen gesteld. Maar, hoe dan ook, God spreekt tot hem!

Bij de profeet Jesaja troffen mij ook enkele teksten over Gods zwijgen. Inhoofdstuk 42 gaat God tekeer ‘als een krijgsheld en aanvoerder’ (vers 13). ‘Al zo lang heb ik niets gezegd, ik heb gezwegen, me beheerst. Nu schreeuw ik het uit als een barende vrouw, ik zucht en ik zwoeg tegelijk. Bergen en heuvels laat ik uitdrogen en alles wat er groeit verdorren, in rivieren laat ik eilanden ontstaan, meren vallen droog…’ (Jesaja 42:14-15)

Ook hier spreekt God na eerder gezwegen te hebben. Uiteindelijk zal het leiden tot verlossing. Een paar hoofdstukken verder zegt Jesaja: ‘Voorwaar, u bent een God die zich verborgen houdt.’ (Jesaja 45:15)

‘Ik zoek tussen het woord en de stilte’

Zwijgen en spreken in de Psalmen

Zoals ik al eerder schreef, komt het zwijgen en spreken van God vooral voor in de Psalmen. Het zijn liederen die getuigen van een persoonlijke relatie tussen mens en God waarin naast vriendschap, toenadering en intimiteit er ook sprake kan zijn van verwijdering, onbegrip en vervreemding. In Psalm 66 gaat het over zo’n mogelijke verwijdering. Daar stelt de dichter dat God hem niet gehoord zou hebben als hij kwaad in zijn hart droeg. Volgens hem gaan zondig gedrag en gebedsverhoring kennelijk niet samen.

Had ik kwaad in mijn hart gevonden,
de Heer had mij niet gehoord.
Maar God heeft mij gehoord,
Hij heeft geluisterd naar mijn gebed.
(Psalm 66:18-19)

En er zijn nogal wat Psalmen waarin iemand zich verbijsterd afvraagt: ‘Waarom?’ Zo ook in Psalm 22, de Psalm die Jezus citeerde aan het kruis:

Mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten?
U blijft ver weg en redt mij niet,
ook al schreeuw ik het uit.
‘Mijn God!’ roep ik
overdag, en u antwoordt niet,
’s nachts, en ik vind geen rust.
(Psalm 22:2)

Als mensen niet meer het lef hebben om woorden van God te spreken, lijkt het alsof God zwijgt.
(beeld Jan Steiner, Pixabay)

Dezelfde waaromvraag horen we in Psalm 88 van iemand met een chronische dodelijke ziekte, die maar blijft bidden en roepen: ‘Waarom Heer, verstoot u mij en verbergt u voor mij uw gelaat?’ (Psalm 88:15)

Psalmen zijn geen beschouwingen. Het zijn expressies van dichters die uiting geven aan hun eigen ervaringen met God. Ik vind het opvallend dat ik in sommige Psalmen lees dat er naast de klacht, in hetzelfde lied wordt getuigd dat God heeft geantwoord. Ik vermoed daarom dat je Psalmen kunt lezen als verslag van een innerlijk psychologisch en spiritueel proces. Maar niet altijd is er sprake van een antwoord dat gehoord wordt. Er blijft sprake van een geheim. Zoals iedere relatie ten diepste een geheim blijft. God blijft verborgen.

Ik trek voorzichtig wat conclusies. Het eerste dat opvalt rond het thema ‘zwijgen en spreken van God in de Bijbel’ is dat God spreekt! Het zwijgen van God komt in de Bijbel veel minder voor. Het is een uitzondering. Volgens het bijbels getuigenis is God de Hoge, Heilige en Verhevene. Dit weerhoudt hem er niet van te spreken met de mens. Hij kan dit rechtstreeks doen in het hart van de mens maar ook via bemiddelaars of via de natuur.

God spreekt!

Gods spreken kan echter ook verhinderd worden door ongerechtigheid tussen mensen. Al is het zwijgen van God daar niet altijd toe te herleiden. Doorgaans gebruikt God mensen om zijn woorden te spreken. Dat betekent ook dat als mensen niet meer het lef hebben om woorden van God te spreken, het lijkt alsof God zwijgt. Ieders persoonlijke ervaring rond het zwijgen en spreken van God mag een stem krijgen.

Ten slotte: in de inleiding had ik het over de oorlogsgetraumatiseerden die ofwel bleven praten ofwel bleven zwijgen. Ik moest tijdens het schrijven vaak denken aan woorden van Elie Wiesel. Hij zegt ergens steeds te zoeken naar iets ‘tussen het woord en de stilte’. Een soort derde weg.

Zwijgen en spreken hoeft geen tegenstelling te zijn. Soms zeg je duidelijker iets door te zwijgen. Zoals ik ooit iemand hoorde zeggen: ‘Gott redet auch wenn Er schweigt.’ Dat zwijgen meer kan zeggen dan woorden kunnen uitdrukken herken ik ook in het volgende gedicht van Judith Herzberg:

Ziekenbezoek

Mijn vader had een lang uur zitten zwijgen bij mijn bed.
Toen hij zijn hoed had opgezet
zei ik, nou, dit gesprek
is makkelijk te resumeren.
Nee, zei hij, nee toch niet,
je moet het maar eens proberen.

Uit: Beemdgras (1968) van Judith Herzberg (1934)

Jan Venderbos werkte in diverse functies in de hulpverlening, onder meer met oorlogs- en geweldsgetroffenen. Hij is gepensioneerd theoloog en geestelijk begeleider, en redactielid van Herademing. Hij werkte mee aan De Bijbel spiritueel. Bronnen van geestelijk leven in de bijbelse geschriften. Meinema, Zoetermeer, 2004.

Literatuur

Marjo Korpel en Johannes de Moor, De zwijgende God, Vught, Skandalon, 2011.

K.H. Miskotte, Als de goden zwijgen, Kok, Kampen, 1983.


< Terug