< Terug

Van blijde stilte naar kakofonie

Intermezzo

Het eerste boekje van F. de Clerq Zubli (De blijde stilte) is een juweeltje. Het lijkt erop dat ze op latere leeftijd haar bescheidenheid verloren is.

In mijn jonge jaren las ik een boekje dat mijn leven lang met me mee is blijven gaan: De blijde stilte van F. de Clercq Zubli. Het gaat over een jonge vrouw, Joep, die doof wordt. De thematiek is autobiografisch. De auteur beschrijft hoe ze met deze en met alle tegenslagen in het leven wil omgaan. Het komt erop neer dat, als je van binnen het ‘zuivere leven’ kent, je in feite niet vertroebeld kunt worden door zaken van buitenaf.

Evenmin zou je gesteldheid afhankelijk moeten zijn van uiterlijke dingen die juist positief zijn. ‘Het doet er toch ook feitelijk niets toe, wat de omstandigheden van je leven trachten te maken, als ’t échte leven binnen in ons maar zuiver is.’

Je kunt dat God noemen, of het een andere naam geven die bij je past. De dove Joep zocht naar dat innerlijke leven en vond daar glimpen van, zodat ze de stilte die van buiten op haar af kwam uiteindelijk ervoer als een blijde stilte.

Het begon met een dun, bescheiden boekje

Op latere leeftijd ben ik eens gaan onderzoeken wat de schrijfster van dit boekje nog meer had gedaan. Ik ontdekte een dik boek waarin teksten van haar gebundeld waren, die ze pas naderhand is gaan schrijven. Ik kocht het en bladerde erin. In eerste instantie meende ik haar oorspronkelijke gedachten te herkennen en vond ik de teksten mooi.

Maar langzamerhand bekroop me een unheimisch gevoel. Ze had uitgesproken ideeën over God en over de man-vrouw-verhouding en was daarbij wel érg van zichzelf overtuigd. Op een gegeven moment kon ik er niet meer omheen: het leek er sterk op dat ze zichzelf als de vrouwelijke openbaring van God zag. Het dunne boekje dat ze schreef toen ze jong was, waarin veel bescheiden, open en onbenoemd bleef, had plaats gemaakt voor een enorme hoeveelheid tekst vol zekerheden en stelligheden.

Boek van F. de Clerq Zubli.
Het eerste en het laatste boek van F. de Clerq Zubli.
(beeld: Margot Berends)

Vervolgens vond ik op internet een televisiedocumentaire over haar. Ze bleek een tijdlang samen met een vriendin een kindertehuis te hebben gehad. Kinderen die daarin waren opgegroeid, kwamen in de uitzending aan het woord. Ze vertelden dat de overtuigingen en praktijken van beide dames hadden geleid tot traumatische ervaringen.

Je kunt jezelf gaan overschreeuwen

Ik was geschokt. Mijn lievelingsschrijfster was van haar troon gevallen. Bijna had ze me meegesleurd; in het dikke boek wilde ik aanvankelijk alleen maar mooie dingen lezen. Ik besefte hoe iemand die begint met waardevolle ideeën zichzelf op een gegeven moment kan gaan overschreeuwen. Dat gevaar ligt op de loer, ik vrees bij iedereen. Succes en het idee dat je geweldige gedachten hebt, kunnen je naar je hoofd stijgen. Naar mijn inzicht is haar blijde stilte verworden tot een kakofonie vol dichtgetimmerde en dubieuze overtuigingen.

Een tijd lang voelde het alsof ik mijn lievelingsboekje kwijt was. Tot ik ontdekte dat ik het best als een dierbare, wijze richtingaanwijzer mag blijven zien. Als ik maar besef dat zulke wijsheid niet moet leiden tot iets absoluuts. De schoonheid van het boekje blijft voor mij bestaan. De wetenschap dat de auteur in de valkuil van de zonnekoningin is getrapt, staat daar nu naast, als een waarschuwende vinger.

Margot C. Berends is theoloog, journalist, fotograaf, eind- en beeldredacteur van Herademing. Website: www.margotberends.com.


< Terug