Op verhaal komen
Op verhaal komen: je krachten terugkrijgen, even uitblazen, meer bewegingsruimte ervaren. Dat kan op veel manieren: door te wandelen, te mediteren, te luieren, naar muziek te luisteren. Of met een verhaal.
Op verhaal komen: je krachten terugkrijgen, even uitblazen, meer bewegingsruimte ervaren. Dat kan op veel manieren: door te wandelen, te mediteren, te luieren, naar muziek te luisteren. Of met een verhaal.
Op verhaal komen Dit artikel is een gratis introductie op het themanummer van Open Deur over Op verhaal komen (2023, nr. 4). Onderaan het artikel vind je de andere bijdragen […]
In het oude Israël werden veel wijsheden doorgegeven van vader op zoon en van moeder op dochter. In het bijbelboek Spreuken lezen we heel veel dergelijke uitspraken.
Zoals je kunt groeien in moed, kun je ook groeien in openheid. Anderen helpen ons daarbij; zij zijn ons tot voorbeeld. En er is een belangrijke voorwaarde voor echte openheid: dat we de ander en onszelf aanvaarden op het punt waar we zijn, zonder vooroordelen.
De zon heeft vermoedelijk tienduizenden jaren een goddelijke status genoten, tot een bijbelauteur haar door God zelf als een licht aan het uitspansel deed bevestigen. Vanaf dat vernederende moment heeft de tot hemellichaam teruggebrachte godheid een sterk wisselende carrière gehad. Eerst een lange poos als ordinaire lamp annex tijdwijzer, toen eeuwenlang gepromoveerd tot centrum van het universum en met haar warmte de bron van al het leven, en ten slotte een diepe val gemaakt als zomaar een ster tussen ontelbare sterren. En die warmte van de zon is óók niet meer zo gezien, door het broeikaseffect.
Door een goed gesprek kun je je ‘als nieuw’ voelen. Je gesprekspartner stelt vragen waardoor je aan het denken wordt gezet. Of hij vertelt je iets, en ineens valt het kwartje. Je kunt behoefte hebben aan zo’n gesprek dat je verder helpt. Dit is het geval bij Nicodemus.
Op verhaal komen Dit artikel is een gratis introductie op het themanummer van Open Deur over Op verhaal komen (2023, nr. 4). Onderaan het artikel vind je de andere bijdragen […]
Wie zelf een min of meer aangeharkt bestaan leidt, kan zich veroorloven mild te zijn over rommel. Het woord ‘rommelig’ alleen al heeft beslist een positieve bijklank. ‘Gezellig, die verhuisdozen in jullie kamer, kun je gebruiken als bijzettafeltje’, ‘Zo’n keurig kaarsrecht afgebakend gazonnetje, daar kan ik toch zo de kriebels van krijgen!’, ‘Echt een aangenaam chaotische man!’, ‘Ik voelde me meteen helemaal op mijn gemak tussen die stapels boeken overal.’ En dan wordt ook Albert Einstein weer eens gememoreerd, die zou hebben beweerd dat een opgeruimd bureau gelijk staat aan een lege geest. Let wel, de rommel wordt vergoelijkt, niet nagestreefd en wie zich herkent in dit register heeft vermoedelijk zijn eigen bureau wél opgeruimd.
Clara van Assisi (1194-1253) was achttien jaar toen ze zich aansloot bij Franciscus en zijn kleine groep broeders. Haar rijke leven verruilde ze voor strikte armoede en de weg van contemplatie. Tot op heden wordt de levenswijze van Clara en haar zusters voortgezet over de hele wereld.