De verheerlijking op de berg
Bij Marcus 9,2-10 Het evangelie van de gedaanteverandering van de Heer (‘transfiguratie’) komt in het Marcusevangelie na een belangrijk scharnierpunt in het geheel: de belijdenis van Petrus van Jezus als […]
Bij Marcus 9,2-10 Het evangelie van de gedaanteverandering van de Heer (‘transfiguratie’) komt in het Marcusevangelie na een belangrijk scharnierpunt in het geheel: de belijdenis van Petrus van Jezus als […]
In Matteüs 4,1-11 wordt niet duidelijk gezinspeeld op Genesis 2,15–3,9. Toch is de combinatie van deze lezingen niet vreemd. In beide tekstgedeelten treedt een tegenstander van God op: de slang in Genesis 3 en de duivel in Matteüs 4. Deze personificaties van het kwaad proberen iemand ertoe aan te zetten om ontrouw te worden aan God, in het eerste geval met succes, in het tweede juist niet.
Jona’s vlucht om aan zijn opdracht te ontkomen heeft hem doen afdalen tot in de zee, tot aan de fundamenten van de bergen (‘afdalen’ – 1,3.3.5; 2,7). Daar klinkt ook de omkeer: JHWH doet hem ‘opgaan uit de groeve’ (2,7). De vraag is: zal Jona de herkansing aangrijpen om gevolg te geven aan zijn roeping?
Bij 1 Korintiërs 15,1-11 1 Korintiërs 15,1-11, een traditionele lezing in de Paastijd, vormt een samenvatting van Paulus’ verkondiging van de verrijzenis van Christus. Binnen 1 Korintiërs 15 functioneert deze […]
Bij Jesaja 43,1-12 en Johannes 21,1-14 Dag van de verrijzenis De eerste dag van de verrijzenis, ‘de eerste dag der week’ (Johannes 20,1), zet zich voort. Sinds die tijd ontwikkelt […]
Het mysterie van Christus is nauwelijks te bevatten, laat staan goed te vertalen. Het Griekse woord mustèrion wordt soms vertaald met ‘geheim’ of ‘verborgenheid’. Maar vaak laat men het woord mysterie staan, want kenmerkend ervoor is nu juist de ondoorgrondelijkheid ervan. In de Efeziërslezing op het feest van Epifanie gaat het met name over deze ondoorgrondelijkheid van het Christusmysterie.
Met de aankondiging van de tiende plaag in Exodus 11 is de onwil van Farao om het volk te laten vertrekken duidelijk geworden. Hoofdstuk 12 is de keerzijde van dezelfde medaille: de radicale vernieuwing die de uittocht voor de zonen van Jakob-Israël betekent.
Bij Hooglied 8,5-7.13-14 en 1 Johannes 2,1-6 Het Hooglied heeft, zoals alle bijbelteksten, vele lagen. Oorspronkelijk is het een bloemlezing van profane liefdeslyriek, van misschien door vrouwen overgeleverde liederen. In […]
De duif – beeld van de Geest van God. De kracht die alle dingen nieuw maakt, die leven geeft en levend maakt. Geertje de Vries is predikant van de Goede […]