Menu

Premium

Geduldig wachten op de vreugdebode

Bij Jesaja 35,1-10, Jakobus 5,7-10 en Matteüs 11,2-11Als je iemand hoort zuchten, dan weet je: die heeft ergens moeite mee. Wanneer een zucht klinkt in het bijzijn van iemands anders, dan luidt de boodschap: ‘hoor toch eens hoe moeilijk ik het heb’, of: ‘je moet weten dat deze toestand door mij ongewenst is’. Met dit zuchten of steunen (Grieks: stenadzoo) houd je je zuster of broeder een verkeerd beeld voor, zo lijkt de brief van Jakobus (5,10) te zeggen. In plaats van een voorbeeld te zijn, laat je jouw ongemak blijken. Je brengt jouw houding van ongeduld over op een

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken