Het kleine goede voor de ander
Pastoraat in het licht van Dirk de Wachter
Dirk de Wachter is een bekende psychiater, die veel gelezen wordt. Hij schrijft over zaken, waar we in het pastoraat ook veel aan hebben. In deze bijdrage gaat het vooral dáárom – over wat we van hem leren voor ons contact met mensen, voor onze pastorale contacten met name.
Is Dirk de Wachter de nieuwe toonaangevende voorganger? Met zijn voordrachten trekt hij volle zalen, jaloersmakend voor gewone voorgangers, die hun kerkdiensten vaak steeds leger zien worden. En opmerkelijk, geeft hij ook zelf aan, dat ondanks dat hij steeds weer de dezelfde boodschap vertelt, mensen dat toch steeds opnieuw weer willen horen. De zalen waar hij spreekt, zijn telkens tot de laatste stoel bezet. Ook de boeken van Dirk de Wachter vinden gretig aftrek.
Hij spreekt mensen aan, kerkmensen en ook buitenkerkelijken en anders gelovigen. Mensen die pastores zo graag in hun kerkdiensten zouden willen verwelkomen. Hoe komt dat?
Wie is Dirk de Wachter?
Dirk de Wachter woont in Antwerpen met zijn vrouw, die huisarts is. Zelf is hij psychiater en psychotherapeut in het UPC KU in Leuven. Hij is expert in systeem- en gezinstherapie en verantwoordelijk voor het dagactiviteitencentrum Sint-Maarten op campus Kortenberg. Hij is vader en opa. Waarom voelen mensen zich getroost door de Wachter? Blijkbaar geeft hij antwoord op de vragen van mensen van vandaag, meer dan de kerk dat doet. Wat zouden pastorale bezoekers van hem kunnen leren?
Waarom voelen mensen zich getroost door De Wachter? Wat valt te leren?
Emmanuel Levinas
De Wachter baseert zich voor zijn opvattingen vooral op het gedachtegoed van Emmanuel Levinas (1906-1995). Levinas werd geboren in Litouwen, toen nog gelegen in het rijk van de Russische tsaar, als kind van een godsdienstig meelevend joods gezin. Hij groeit op met de Hebreeuwse Bijbel en de klassieke wereldliteratuur. Zijn vader had een boekhandel. Met name de klassieke Russische literatuur beïnvloedt zijn denkwereld. Als middelbare scholier maakt hij de Russische revolutie van 1917 mee. Na zijn schooltijd vertrekt hij in 1923 naar de universiteit van Straatsburg en later naar Freiburg. Daarna studeert hij verder aan de Sorbonne in Parijs. Hij promoveert er en gaat daar ook werken. Terwijl hij schrijft aan zijn studies en les geeft, wordt zijn denken en leven beheerst door het voorgevoel van wat komen gaat. Hij brengt de oorlogsjaren door als krijgsgevangene in verschillende gevangenkampen. In 1945 is hij van zijn familie de enige overlevende.
Het voorgevoel, de ervaring van en de herinnering aan de oorlogsjaren hebben Levinas getekend en een stempel gedrukt op zijn filosofie. Voor hem als jood en als filosoof is de ethiek het uitgangspunt van de filosofie. Hij houdt zich bezig met het schrijven van een indrukwekkend intellectueel oeuvre en met de exegese van de Talmoed (het joodse commentaar op de Hebreeuwse Bijbel). Hij houdt daarover vele lezingen in joodse kring. In 1971 ontvangt hij in Amsterdam de Albert Schweitzerprijs en in 1975 wordt hem een eredoctoraat in de theologie verleend door de Universiteit van Leiden.
Het gelaat van de ander
Centraal in het denken van Levinas is de gedachte, dat God zich openbaart in het weerloze gelaat van de ander. Deze gedachte is zeer vormend geweest voor De Wachter: de ander werkelijk willen zien als ander en aandachtig luisteren zonder eigen oordelen.
Dat klinkt niet spectaculair. Eigenlijk gaat het om heel gewone, maar tegelijk heel essentiële dingen, waar de ouderling of pastoraal medewerker naar kan informeren: wie is deze mens en hoe gaat het met hem of haar? Hoe kan ik de ander zien als ander, hoe kan ik iemand met respect benaderen?

Of is dat voor christenen toch te weinig? Het lijkt in hun ogen dan wellicht teveel alleen te gaan om naastenliefde en niet om geloof in een persoonlijke God, iemand die groter is dan zijzelf. Waar blijft dan bijvoorbeeld de behoefte aan redding, aan troost, aan een Schepper en Verlosser en Iemand naar wie gelovigen na hun dood heengaan? Maar deze boodschap vindt steeds minder gehoor, lijkt het wel. Het geloof in de zin van ‘er is wel iets’, en ‘overal is wel iets van God te vinden’ lijkt veel aantrekkelijker te zijn dan het geloof in Jezus Christus, in God de Vader en in de Heilige Geest. Maar zou er in het schijnbare zo gewone pastoraat in de geest van Levinas en De Wachter toch iets van God kunnen oplichten?
Volgens Levinas ‘openbaart God zich in het weerloze gelaat van de ander’
Vragen naar ‘gewone’ dingen
Als de ouderling of pastoraal medewerker op bezoek gaat, is het belangrijk dat hij of zij vraagt naar de eventuele overleden partner, naar kinderen, kleinkinderen, andere contacten in de buurt of in de kerk. En ook naar bijvoorbeeld gevoelens van eenzaamheid, naar gezondheid, werk, naar stressvolle situaties, burn-out; en ook naar hobby’s of vakantie. Alles afhankelijk van de situatie en leeftijd en omstandigheden van de degene, die bezocht wordt. Aandacht voor opvallende en/of mooie dingen in het huis, mensen complimenten geven daarover, of over hoe ze eruit zien, over hun tuin, over het uitzicht, om maar enkele zaken te noemen. Of je kunt vragen naar een lied, dat iemand bijzonder vindt, een Bijbeltekst, of iets dat iemand gelezen of gehoord heeft.
Het gaat er om dat een mens geraakt wordt door woorden, door oprechte open belangstelling. Aangeraakt, getroost. Een arm om iemand heen kan ook zeer helpend zijn.
Net zoals een ritueel dat kan zijn. Een ritueel kan veel verdriet oproepen, maar het kan ook iets helends op gang brengen. Maak samen een wandeling naar een plaats van betekenis voor die ander bijvoorbeeld. Door een ritueel kunnen mensen verbinding met elkaar maken, verbinding ook met hun eigen verdriet.
Een mens wordt geraakt door woorden, door oprechte open belangstelling
De kracht van ‘niet-weten’
Wat ook belangrijk kan zijn, is het ‘niet-weten’, geen antwoorden geven als er geen antwoorden zijn, mensen stilte en ruimte gunnen om zelf (ant)woorden te vinden. Zoals De Wachter zegt in zijn boek Vertroostingen uit 2022: ‘Het niet-weten is een erkenning van de ernst van het verdriet. Uit de erkenning vloeit troost.’ (p.58) Dat raakt weer aan de gedachte van Levinas, dat de ander radicaal anders is, iemand die je nooit helemaal kunt kennen. Dat erkennen, de ander erkennen als een ander, kan grote troost geven. Dat is fundamenteel volgens De Wachter, en vaak anders dan wij gewend zijn. Zoals hij schrijft: “’De zorgvragende andere komt uit den hoge en ik kijk daarnaar op’, schreef Levinas nog. Daarmee bedoelde hij, dat troost opkijken is. Dat klinkt heel contra-intuïtief en in ieder geval contra-cultureel. In onze christelijke cultuur was het erg gewoon om troostend neerbuigend te zijn (…) Troost is mensen in hun kracht proberen te zetten.” (p.58-59). En over en weer je zo laten troosten, samen, door elkaar.
Het is ook goed om daarbij in het oog te houden, dat die ander ook aan jou vragen kan stellen, belangstelling voor jou kan hebben.
Het wezenlijke kleine
Wat Levinas en ook De Wachter ‘het kleine goede’ noemen, is: de oprechte belangstelling voor al deze facetten van het individuele leven, die dat kleur en vorm geven. Oog hebben voor de ander, voor wie dat is, dat het iemand anders is dan jijzelf, oprechte en open vriendelijkheid.
‘Vriendelijkheid koppel ik aan wat de Franse filosoof Levinas schreef over het kleine goede (…) Want als iets troost, dan is dat het kleine goede, dat zo dicht bij die vriendelijkheid zit. Het is de mens, die er voor u is. De mens, die iets voor u doet. Iets kleins. Iets ogenschijnlijk onschuldigs. Iets, dat vermoedelijk geen moeite kost en dat zomaar, met een knippering van het oog, aan de aandacht ontsnapt. Een glimlach, een hand, een schouderklop. Iets heel klein-menselijks, maar iets dat zo wezenlijk is voor het bestaan.’ (p.39-40)
Als iets troost, dan is dat het kleine goede, de mens die iets voor u doet, iets kleins
De mens bestaat in verbinding met de ander, en dat geldt ook voor zingeving: we zijn in alles verbonden met elkaar. Niet zoals Jean Paul Sartre zegt: ‘de hel, dat zijn de anderen’, maar zoals de Wachter zegt: de hel is het ontbreken van de anderen, is juist het niet-verbonden zijn met anderen.
Hij benadrukt telkens, dat de blik van de ander ons tot mens maakt. Doordat we gehoord en gezien worden, worden wij mens. ‘De goddelijkheid verschijnt niet bij het individu, dat op een berg naar de hemel kijkt, maar die verschijnt in de blik van de noodlijdende ander. Als ik de zorgvraag van de ander kan beantwoorden, dan ontsnap ik aan de beklemming van het bestaan en ervaar ik bevrijding’ (interview in De Nieuwe Koers, januari 2023). De Wachter noemt dat zelf niet, maar ik moet onmiddellijk denken aan Matteüs 25, waar de koning zegt: ‘Ik verzeker jullie: alles wat jullie gedaan hebben voor één van de geringsten van mijn broeders of zusters, dat hebben jullie voor Mij gedaan.’ Er is een schilderij bekend van de meester van Alkmaar, waarop deze tekst is uitgebeeld met Jezus, die tussen al die groepen in staat en jou aankijkt als je naar het schilderij kijkt. Mijn man en ik hebben daar in het verleden een dienst over gemaakt en ook een filmproject bij deze werken van barmhartigheid.
De kracht van ‘gewonigheid’
Wat De Wachter sinds zijn eerste boek Borderline Times (2012) succesvol predikt, is ‘een pleidooi voor gewonigheid’. En voor contact. ‘Men is obsessioneel op zoek naar geluk en denkt dat te vinden in autonomie’, zegt hij. ‘Naarmate het geloof in de hemel verdwijnt, wil men hier op aarde de illusie van een persoonlijk paradijs creëren. Dat is een vergissing, want hier op aarde is verdriet.’” (Nederlands Dagblad, 21 januari 2020)
Verdriet, vindt De Wachter, is als een groot stekelig ding. Het doet pijn en dat blijft, dat kun je niet wegnemen. Je kunt het wel erkennen en er ruimte aan geven in het samen zijn, dat maakt het te dragen. Zoals de vrienden van Job: zeven dagen en zeven nachten bleven ze naast hem op de grond zitten, zonder iets tegen hem te zeggen, want ze zagen hoe vreselijk hij leed (Job 2:13). Zoals deze vrienden, mogen wij er gewoon voor onze medemens zijn.
Drs. Hanny Langebeeke is emeritus-predikant van de Protestantse Kerk Nederland, woonachtig te Middenmeer. Het filmproject rond Matteüs 25 is bij haar op te vragen: [email protected].