Menu

Premium

Je mag niet meer meedoen

Bij Marcus 1,40-45

Eerst had Marit een akelige keelontsteking. Toen die over was, bleef ze verhoging houden en bleef ze hangerig. De dokter liet haar bloed onderzoeken. Hij constateerde de ziekte van Pfeiffer. ‘Kunnen we op vakantie?’ vroeg de moeder van Marit bezorgd, ‘is het besmettelijk?’ ‘Het is alleen besmettelijk bij intensief contact,’ zei de dokter. ‘Via het speeksel kan het besmettelijk zijn. Marit mag gewoon naar buiten hoor, en jullie kunnen ook met vakantie. Zorg wel voor rust.’

Een paar dagen later wordt er gebeld. De buren staan voor de deur. ‘We horen dat Marit de ziekte van Pfeiffer heeft. We willen niet dat ze buiten speelt. Ze mag niet bij ons binnen en ze mag niet met onze kinderen spelen.’ Vader en moeder staan perplex. ‘Waarom niet? Zo besmettelijk is het niet meer.’ ‘Kan wel zijn, maar we willen geen risico nemen. En we gaan daarom ook niet met jullie op vakantie, zoals afgesproken. We hopen dat jullie er begrip voor hebben. We vinden het heel onverantwoord van jullie om Marit op straat te laten spelen.’ ‘Maar de dokter…’ begint moeder. De buren hebben zich al omgedraaid. ‘Stom,’ zegt moeder, ‘we hadden het beter geheim kunnen houden. Hoe moet dat nu?’ ‘Kom op, zeg,’ zegt vader, ‘als ze niet mee durven, gaan ze toch niet mee. Dan gaan wij wel met elkaar.’ ‘We moeten Marit wel vertellen, dat ze niet met Bas en Anja mag spelen zolang ze ziek is. Wel erg vervelend. Het lijkt wel of ze melaats is…’

Bij Marcus 1:40-45

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken