Menu

None

Voed de vlam: je kunt het vuur niet dwingen

Voed de vlam

In Voed de vlam schrijft anglicaans priester Tish Warren openhartig over de droogte die zij ervaart in haar geestelijk leven. Hoe doorbreek je zo’n periode van dorheid? Ze gaat te raden bij vroegchristelijke denkers. Jan Venderbos las het boek en werd geraakt door de radicale eerlijkheid van Warren.

Wie is Tish Warren?

De auteur, Tish Harrison Warren, is een Amerikaans Anglicaanse priester, echtgenote en moeder. Ze is ook columnist van de New York Times. Uit eerdere boeken ken ik haar als iemand die erg op zoek is naar een directe, persoonlijke beleving van haar geloof.

Zo schreef zij eerder Liturgie van het alledaagse (2020), een heel persoonlijk en praktisch boek waarin zij het dagelijks leven verkende door de lens van liturgie, kleine praktijken en gewoonten die ons vormen. Ik herinner me hoofdstukken over het bed opmaken, over tanden poetsen, over sleutels kwijtraken. Steeds zag Warren dan aanknopingspunten om die in verband te brengen met het heilige.

Een jaar later verscheen Bidden in de nacht. Voor wie werken, waken en wenen (2021). Opnieuw een heel persoonlijk boek. Dat met de deur in huis valt, met een heftig verhaal over haar verblijf in de nacht op de SEH, de spoedeisende hulp in het ziekenhuis. Ze hoorde zichzelf toen spontaan tegen Jonathan, haar man, roepen dat ze de getijden wilde bidden, uit het Book of Common Prayer. Dat eindigt zo:

Waak, lieve Heer, bij wie werken, waken of wenen vannacht, en laat uw engelen hen behoeden die slapen. Zorg voor de zieken, Heer Christus; geef rust aan vermoeiden, zegen de stervenden, troost wie lijden, heb medelijden met de beproefden, bescherm wie blij zijn, en dat alles omwille van uw liefde. Amen.

Naar aanleiding van haar eigen ervaring verkent ze in dit boek klassieke gebedspraktijken. Warren ontdekt dat christenen in het grootste deel van de kerkgeschiedenis bidden niet in de eerste plaats zagen als een middel van zelfuitdrukking of een individueel gesprek met het goddelijke, maar als een overgeleverde manier van God benaderen. ‘Waarin geloof meer ambacht is dan gevoel’. En dat gebed onze belangrijkste oefening is in dat ambacht. Ze concludeert: ‘als we de gebeden bidden die ons door de kerk gegeven zijn – de gebeden van de psalmisten en de heiligen, het Onze Vader, het morgen- en avondgebed – dan bidden we boven wat wij kunnen weten, geloven of zelf bedenken’. Dus als je zelf geen woorden hebt, kun je de woorden bidden die al eeuwenlang gepreveld werden. Bidden noemt ze je uitstrekken naar een werkelijkheid die groter is en blijvender dan wat je op dat moment voelt. In dit boek bespreekt ze de verschillende onderdelen van de completen en brengt die steeds in verband met alledaagse ervaringen van kwetsbaarheid, duisternis en afwezigheid van God. De completen vormen het laatste deel van het avondgebed in de Anglicaanse traditie. Die traditie gaat terug op oude gebruiken in de kloosters.

In 2024 schreef ze Advent. Een tijd van hoop. Warren vertelt hierin dat ze niet opgroeide met het vieren van advent, ze wist niet eens wat het was. Maar toen ze eind twintig was en een Anglicaanse kerk begon te bezoeken, voelde ze zich aangetrokken tot advent. De stille schoonheid en droevige gezangen spraken haar aan. Ze onderzoekt in dit boek de herkomst van oude gebeden, onder andere de middeleeuwse O-antifonen voor advent. Ze vindt deze oude gebeden heel toepasselijk voor onze tijd en maakt duidelijk waarom. De adventsperiode ziet ze als bewust stilstaan in het duister, bij de donkere kanten van het leven, bij de rouw. Ze is ervan overtuigd dat als je bepaalde gebeden bidt, je wordt gevormd door die gebeden. ‘We zijn wat we bidden’.

Voed de vlam. Veerkracht voor de vermoeide ziel

Heeft ze in haar adventsboek haar eigen leven al getypeerd als een worsteling en als een leven van verlangen en zuchten, in dit boek zet ze daar nog een tandje bij: hoe houden we het christelijke leven in vredesnaam vol? Opnieuw begint het met een persoonlijk verhaal. Ze beschrijft hoe ze zich opgebrand voelde en vertrok naar een retraitehuis in de hoop daar een paar dagen op adem te komen. Ze had het ijskoud en probeerde een vuurtje te maken op de binnenplaats. Hoewel ze bekend stond als iemand die daar heel bedreven in was lukte het dit keer helemaal niet. Na eindeloos veel pogingen vatte het hout toch vlam en laaide het vuur op. Deze ervaring vindt ze typerend voor het leven van een gelovige: Je wil in vuur en vlam staan voor Jezus, maar het stagneert. Het vuur sputtert, wordt zwakker en dooft uit. En toch kan het dan ineens, op een onverwacht moment, weer opvlakkeren en tot leven komen! Dat is een mysterie. Je kunt het vuur dus niet dwingen. Maar je kunt wel wachten. En doorgaan. Met de gewoonten van ons geloof, de daden van volharding en vertrouwen die vergeefs lijken. Die zijn uiteindelijk toch de tere, dunne aanmaakhoutjes die de Geest ontsteken. Die beelden van vuur en aanmaakhout blijven in dit hele boek terugkomen. Een typerende zin vond ik: ‘God brengt ons op gang met vuurwerk, maar als het ambacht van het geloof saai en zwaar wordt, groeien we pas echt. Dan leren we God liefhebben, niet omdat we wel moeten, niet omdat Hij ons plezier geeft, maar om wie Hij zelf is.’

Je kunt het vuur niet dwingen, maar je kunt wel wachten.

Een woestijnervaring

Warren verkent in Voed de vlam haar gevoelens van burn-out. Van lusteloosheid en uitputting. Daar is, ook door experts en psychologen, van alles over geschreven. Warren herkent zichzelf het meest in de psalmdichter die door een woestijn dwaalde en schreeuwde: ‘Naar u smacht mijn ziel, naar u hunkert mijn lichaam, in een dor en dorstig land, zonder water’(Ps 63:1) Dat is precies de beschrijving van haar eigen innerlijk landschap. Ze gaat op zoek naar hoe gelovigen in vroeger eeuwen met deze gevoelens omgingen. Dan ontdekt ze de ‘donkere nacht’ die katholieke mystici als Johannes van het Kruis en Teresa van Avila beschreven. En ze ontdekt dat de heiligste mensen uit de geschiedenis van het christendom, in alle tijden en culturen keer op keer uitkwamen bij dezelfde vraag: hoe blijf ik overeind?

Volharding

Doorbijten en doorgaan, jezelf wegcijferen, is wat veel christenen dan doen. Maar dat vindt ze geen oplossing. Warren pleit voor wat in de traditie ‘volharding’ of ‘standvastigheid’ is genoemd. Nu zouden we meestal het woord ‘veerkracht’ gebruiken. Hoe kun je die veerkracht versterken? Ze zoekt naar stemmen uit de christelijke traditie die haar kunnen helpen en vindt deze vooral terug bij mensen die zo’n 1700 jaar geleden leefden. Bij vroegchristelijke monniken die hun dorpen en steden verlieten en naar de verlaten vlakten trokken van Syrië, Palestina en vooral Egypte, de zogenaamde woestijnvaders en- moeders. Warren noemt hen de vroedvrouwen van de christelijke praktijk. Zij onderzochten hun innerlijk leven. Van hen kunnen we leren dat we niet bang hoeven te zijn voor de woestijn. Sterker nog: je richt schade aan als je die vermijdt. Op de weg van de navolging is er geen geestelijke of emotionele sluiproute om het lange pad van de oefening te kunnen overslaan. Er is ook geen korte route door de woestijn. We kunnen er niet omheen. We moeten er dwars dóórheen.

Geloof als een oefening of ambacht

Bij deze tocht door de woestijn hebben we training nodig. Geloof is niet zozeer ergens mee instemmen of bepaalde geestelijke ervaringen hebben maar een kwestie van ‘doen’ en daarvoor ook oefenen. Ze verwijst hiervoor naar de apostel Paulus die het heeft over een training in godvruchtigheid. En van de woestijnvaders en- moeders kun je bijvoorbeeld leren dat als je geen woorden hebt voor je gebed je nog wel je handen kunt opheffen of uitstrekken of  knielen, ongeacht hoe je je voelt. Abba Macarius zei: ‘Bid dagelijks op vaste tijden met je lichaam, en je ziel zal zich daar uiteindelijk bij aansluiten’. 

Een pleidooi voor eerlijkheid

Eén van de redenen waarom Tish Warren me steeds weer aanspreekt, is haar pleidooi voor radicale eerlijkheid. Ze vertelt vaak over ervaringen uit haar eigen leven en dat van haar man, haar vriendinnen, haar gemeente, enzovoort. In lijn daarmee pleit ze voor een kerk ‘waar we een eerlijk gesprek kunnen voeren over het ergste dat ons is overkomen, het ergste dat in de wereld gebeurt en zelfs het ergste dat we in het alledaagse leven meemaken, en waar we samen getuigen van een grotere, blijvende hoop.’ Daarbij wordt ze geïnspireerd door de zogenaamde ‘opklimmende keten’ van Paulus die aan de gemeente van Rome schrijft dat ‘ellende tot volharding leidt’ (ofwel tot geduldig doorgaan), ‘volharding tot betrouwbaarheid, en betrouwbaarheid tot hoop’ (Romeinen 5, vers 3-4). Elke deugd maakt ruimte voor een volgende. Strijd en moeite, niet gemak en succes, leiden tot hoop.

Ons hele leven als een baarmoeder

Een mooi verhaal, dat ik niet eerder gelezen had, vind ik ook dat van woestijnmoeder Amma Syncletica, die vergeleek ons hele leven en alles wat daarbij hoort, met ‘een tweede baarmoeder’. In de baarmoeder, zo zei ze, ‘hadden we geen vast voedsel zoals nu, en waren we ook niet in staat actief te zijn, zoals nu. We leefden daar zonder het licht van de zon te zien of enig ander glimpje licht. Op dezelfde manier zijn we in de huidige wereld minder rijk dan in het koninkrijk der hemelen.’ De baarmoeder is niet de plek van stug volhouden. Tijd wordt in de baarmoeder nooit verspild, is nooit betekenisloos. De baarmoeder is een plek vol mysterie, vorming en groei. Het is een plek vol schoonheid en doelgerichtheid, maar tegelijk ook een plek waar we wachten op iets beters. De metafoor van ons hele leven als een baarmoeder laat zien hoe goed en belangrijk ons leven hier en nu is, terwijl die tegelijk wijst op een toekomstige hoop, een wereld waarin God alles heeft rechtgezet. 

Conclusie

Dit is een boek dat goed kan helpen om het vuur in jezelf gaande te houden. Het heeft mij zeker geïnspireerd. Er zijn andere boeken die misschien meer verdieping geven over de woestijnvaders- en moeders, ik denk aan Anselm Grün, Rowan Williams of Mattias Rouw. Maar Warren geeft een goede en praktische inleiding vanuit een diep doorleefde eigen ervaring.

Jan Venderbos is gepensioneerd theoloog. Hij werkte jarenlang in diverse sectoren van de hulpverlening en als geestelijk begeleider.

Bestel Voed de vlam bij onze partner Boekenwereld

Cover Voed de vlam

Voed de vlam van priester en bestsellerauteur Tish Warren is een bemoedigend boek voor iedereen die verlangt naar een vervuld leven in een tijd vol verwarring en afleiding. Want wat als geestelijke droogte geen teken van falen is, maar van groei? Tish Warren onderzoekt in dit boek een ervaring die veel mensen herkennen, maar zelden benoemen: het gevoel dat God ver weg is en het leven zijn glans verliest. In een tijd van onrust, uitputting en ontevredenheid put Warren uit haar eigen verhaal en uit de wijsheid van de vroege christelijke traditie. Ze laat zien hoe perioden van dorheid juist kunnen uitgroeien tot bronnen van veerkracht, hoop en diepgang.


Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Wil je op de hoogte blijven van Theologie.nl? Schrijf je dan in voor onze wekelijkse nieuwsbrief. Daarin selecteren we de mooiste, nieuwste en scherpste artikelen van de week. Ook houden we je op de hoogte van nieuwe boeken, speciale events en De theologie podcast. 

Word lid van Theologie.nl 

Wil je meer artikelen kunnen lezen over boeken, levensvragen, maatschappelijke thema’s en spiritualiteit? Word dan lid van Theologie.nl en sluit een basisabonnement af vanaf €5,83 per maand. 

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken