Gedenken, met het oog op heden en toekomst
Het is goed aan het begin van dit themanummer goed te beseffen, wat we in een kerkdienst ‘in het algemeen’ vieren en hoe dan ook ‘het grondpatroon’ van een dienst zal zijn. Naast alle verscheidenheid is er eerst en vooral een gemeenschappelijke basis.
Bij vieren kunnen we ons van alles voorstellen. Misschien denk je aan een kring van vrolijke mensen die het glas heft. ‘Op het bruidspaar!’ Of aan een feest met live muziek, waarbij de voetjes van de vloer gaan. Aan een gedekte tafel onder olijfbomen of aan een kringetje in de woonkamer. Je kunt uittekenen wie op welke plek zit en je weet al waar de gesprekken over zullen gaan. Ook bij het afscheid van een geliefd mens wordt soms het woord ‘vieren’ gebruikt. Te midden van het verdriet vieren we het leven van deze unieke, geliefde mens.
Bovenstaande elementen komen ook terug wanneer we kijken naar het vieren in de gemeente. Tijdens de maaltijd van de Heer wordt de beker met wijn geheven. Een verwijzing naar het sterven van Jezus, maar ook een voorschot op de vreugdevolle maaltijd in het Koninkrijk van God (vgl. Jesaja 25,6 e.v.). Tijdens de dienst wordt gezongen en ook al wordt er in de kerk niet zo vaak gedanst (het gebeurt af en toe wel en spreekt andere zintuigen aan!), tijdens het loflied kan je hart een vreugdesprongetje maken. We kunnen in onze kerk mensen uittekenen op hun ‘eigen’ plekje en we voelen de geestelijke stokpaardjes van de voorganger aankomen.
Het is altijd een present stellen van een gebeurtenis van toen in het hier en nu
Gedenken, met het oog op heden en toekomst
Wat het vieren in de gemeente van Christus typeert is het ‘gedenken’. Daarbij is het belangrijk om te onderstrepen dat het bij dit gedenken niet gaat om het zo goed mogelijk reconstrueren van feiten uit het verleden. Het is altijd gedenken met het oog op het heden. Het is een present stellen van een gebeurtenis uit het verleden in het hier en nu.
Een voorbeeld. Als we het Heilig Avondmaal vieren, dan bootsen we niet de maaltijd na die Jezus zo’n 2000 jaar geleden hield met zijn leerlingen, op de vooravond van zijn lijden en sterven. We geloven, dat in de woorden uit de Schriften én de handelingen van de voorganger de levende Heer zélf in ons midden is. Hij is de gastheer en Hij nodigt ons aan zijn tafel.
Gedenken zegt ook iets over onze visie op de toekomst. Als we het verhaal lezen over de bevrijding van het volk Israël uit de wrede onderdrukking in Egypte, dan geloven we dat God ook nu nog uit is op de bevrijding van mensen. Hoe donker de nacht in het heden ook mag zijn, we belijden dat God trouw is en dat Hij redding brengt.
Bron
De centrale bron van het gedenken is voor christenen de Bijbel. Daarin zijn de verhalen opgetekend van mensen zoals wij en vooral ook het verhaal van God met mensen. De Bijbel is een eerlijk boek. Er valt veel te vieren (met als beeldend verhaal de bruiloft in Kana), maar er is ook ruime aandacht voor de tragiek en de zonde van mensen. Ook in de viering in de gemeente is aandacht voor de gelaagdheid en complexiteit van het leven.
Denk aan het kyriëgebed aan het begin van de dienst (gebed voor de nood in de wereld, een schreeuw om hulp en recht), dat naadloos overloopt in de lofzang. De liturgie van de kerkdienst behoedt ons daarmee voor eenzijdigheden, die geen recht doen aan de werkelijkheid van mensen en de aarde waarop wij leven. Een ‘Halleluja’, dat geen oog heeft voor de reële nood van mensen, klinkt vals. Een ‘Heer ontferm U’, dat geen ruimte geeft aan de lofzang, leidt tot hopeloosheid.
Een ‘Halleluja’, dat geen oog heeft voor de reële nood van mensen, klinkt vals
Samen vieren
Met dit alles wil ik niet zegen, dat tijdens de dienst verdriet en vreugde, verzoening en schuld in een perfect evenwicht worden gehouden. In de ene dienst zal de balans mogelijk doorslaan naar de ene kant en in een andere dienst wat naar de andere kant. Daarom kan de ene dienst je ook meer aanspreken dan de andere.
Je kan het kyriëgebed misschien maar moeilijk meemaken. Het stoort je in je positieve flow. Voor een ander is juist de toonhoogte van het gloria te hoog gegrepen. De viering is een collectief gebeuren. Waar ik even niet kan zingen, zingt een ander voor mij. En andersom.
De viering is de bedding waarin al die ervaringen en vragen, vreugde en vertwijfeling hun weg kunnen vinden. Een bedding, die vanuit de bron van Gods liefde naar de toekomst stroomt, waarin ‘God alles in allen zal zijn’ (1 Korintiërs 15,28).
Doorgaande viering
Het geheel van de viering wordt omsloten door de belofte dat God erbij is (bemoediging en groet) aan het begin van de dienst en de zegen aan het eind van de dienst, waarmee we onze levensweg vervolgen. Die zegen is de belofte, dat God ook met ons meegaat als het ‘feestje’ is afgelopen. Daarmee is het tegelijk een opdracht. Wat je hebt gehoord en beleefd tijdens de viering mag werkelijkheid worden in je leven van alledag, in de wereld van vandaag.
Dr. Wilbert van Iperen is classispredikant van de Classis Veluwe. Hij is lid van de redactie van Ouderlingenblad.