Inleiding op ‘Vieren & Beleven’
Dit themanummer ‘Vieren & Beleven’ is geschreven in het verlengde van het vorige over ‘Geloofsdiversiteit’. En tegelijk is dit het zomernummer, dat we als redactie meestal (zoveel mogelijk) met eigen bijdragen vullen. We zijn op pad geweest, vrijwel steeds dicht bij huis, om een verscheidenheid aan vieringen mee te maken. Ter inleiding de bedoeling en grote lijn… om nieuwsgierig verder te lezen…
In de kerk valt heel veel te vieren. Vaak doen we dat op zondag met z’n allen bij elkaar, in een gezamenlijke dienst. Maar daarnaast zijn er ook op tal van plaatsen en tijden vieringen voor een bepaalde doelgroep.
Geloven kent vele vormen, zagen we in het vorige nummer van Ouderlingenblad. Er is in de protestantse (liturgische) traditie een grote diversiteit in taal, rituelen, leeftijd en muziek … In dit themanummer willen we zichtbaar maken hoe groot de diversiteit van kerkdiensten en vieringen is.
De wijze waarop we vieren is vaak zo gegroeid, door tijd en traditie, ‘zo zijn onze manieren’. Iedere lokale gemeente heeft wel iets ‘eigens’. Dat kan ontstaan door een muzikale, theologische of liturgische kleur, maar ook door de locatie van de gemeente, de grootte van de gemeenschap of de leeftijdsopbouw.
Doordat de eigen wijze van vieren zo ‘bekend en vertrouwd’ is, lijkt het soms of dat de enig mogelijke manier van vieren is. Het is inspirerend om eens te horen hoe er gevierd wordt in andere gemeentes. In sommige gemeentes zijn veel vieringen voor en door doelgroepen, andere kiezen er bewust voor om altijd samen, met de héle gemeente, de diensten te houden.
In dit nummer
We leiden het nummer in met enkele basiskaders over ‘vieren’, ‘liturgie’ en ‘diversiteit’. Deze artikelen nodigen uit om in de eigen gemeente te bespreken, in kerkenraad of liturgiecommissie. Ze roepen vragen op als ‘Waarom vieren we zoals we dat nu doen?’ en ‘Tot wie richten we ons in onze vieringen?’.
Inspirerend… om te lezen hoe er in andere gemeentes gevierd wordt
In het tweede deel laten we deelnemers aan tien verschillende vieringen aan het woord. We horen hoe deze diensten mensen raken, waarom ze zich hier gekend en gezien weten en hoe hun geloof juist hier gevoed wordt. De tien vieringen, die beschreven worden, laten zien hoe divers de liturgie en eredienst in onze kerken is. De voorbeelden inspireren wellicht om ook in de eigen gemeente te kijken naar een nieuwe of iets andere manier van vieren voor een bepaalde doelgroep.
Basiskaders
Dit themanummer begint met eerst in herinnering te roepen wat we eigenlijk vieren, wat de bedoeling is van ons samenkomen. Wilbert van Iperen tekent een grondpatroon uit, waarop in verschillende smaken verder gebouwd kan worden.
Vervolgens staat Roelof de Wit stil bij de liturgie, waarin de ontmoeting met God centraal staat, dát moet de focus van de liturgie zijn. Een eredienst moet geen gezellig onderonsje worden. De blik moet naar buiten. Daarom is het van belang om een toegankelijke liturgie te hebben voor buitenstaanders en geen geheimtaal te spreken: ‘Dat het geheim van het geloof soms het mysterie in zich draagt, mag geen reden zijn om de blik naar binnen gericht te houden.’
Hoe kun je elkaar blijven verstaan in die brede diversiteit? Nelleke Plomp deelt hierover haar visie en gedachten. Ze licht toe wat ‘bricolageliturgie’ is en laat zien wat daar de kracht van is. Daarnaast noemt ze drie stappen om onderling verbonden te blijven in de gemeente.
Tien verschillende vieringen
- Iedere vrijdag komen mannen samen in de kerk voor een ochtendgebed. Bezoeker Jan vertelt hoe waardevol de bijeenkomsten voor hem zijn. Ze kleuren zijn leven, als muziek.
- Wekelijks bidden om vrede in een Coventrygebed, juist ook in deze spannende tijden. Bert vertelt hoe hij zo stem geeft aan zijn verlegenheid over wat er in de wereld gebeurt.
- Kerk op Schoot is voor de jongsten én hun ouders. Hester vertelt hoe ze hoopt dat zowel de kinderen als hun ouders bekend raken met de kerk, met andere kinderen en hun ouders én met de Bijbelverhalen. Dat ze ervaren hoe leuk de kerk is, voor jong én oud.
- Jos deelt zijn enthousiasme over de Michazondag. Hij is vol blij met de meerstemmigheid binnen in de kerk. ‘Daar wint iedereen aan!’
- Met jong en oud proeven dat God goed is, dat doe je in de Kliederkerk. Deze vieringen zijn voor kinderen in de basisschoolleeftijd en hun (groot)ouders. Hier ervaren ze dat ze sámen kerk zijn, vertelt Nelleke.
- Samen stil zijn, tijd en ruimte maken voor God, voor gebed, dat doen ze in Ermelo iedere donderdagavond. Vóór de meesten naar de eigen vergaderingen gaan, is er in de kerk een avondgebed, met zingen, een Bijbellezing en stilte. En ’t is eigenlijk heel eenvoudig…
- Kippenvel ervaart Alex bij de Queerdiensten. Omdat hij daar een diepe onderlinge verbondenheid en vreugde voelt om het samen bidden en zingen: samen zijn we gemeente van Christus.
- Er worden prikkelarme diensten gehouden voor mensen, die meer dan anderen gevoelig zijn voor geluiden, beelden, drukte enz., door wat voor oorzaak ook. Marjan deed zo’n dienst en vertelt erover.
- De zestienjarige Moniek vertelt hoe de jeugddiensten beter bij haar leven en geloof aansluiten dan de diensten op zondagmorgen, met de hele gemeente. De centrale belofte, dat God bij je is, geeft haar zoveel kracht!
- Als ‘het geloof uit het gehoor’ is – Romeinen 17:10 – hoe zullen dan dove mensen een kerkdienst beleven? Of anders gezegd: wat is nodig om mét hen te vieren? Dovenpastor Hendrik Stevens, zelf doof, kan als geen ander over de dovenviering vertellen.
Mw. drs. Erica Hoebe-de Waard is als gemeentepredikant verbonden aan de Protestantse Gemeente Leusden. Zij is lid van de redactie van Ouderlingenblad.