< Terug

Seksgerelateerde teksten in de Hebreeuwse Bijbel

Bloot en bloot als straf

De Bijbel en seks is niet zomaar een voor de hand liggende combinatie. Tenach en Evangelie zijn beide geworden en geworteld in een schaamte- en pronkcultuur, hoewel je bij een zoektocht naar teksten met een seksgerelateerde inhoud in de Hebreeuwse Bijbel veel kansrijker bent dan in het Nieuwe Testament.

Bij die schaamte hoort niet alleen de schande die ziet als persoonlijke mislukking, maar ook op lichamelijk schaamtegevoel, zoals bijvoorbeeld de aandacht voor geslachtsdelen. Een tekst uit Jesaja bevestigt dat:

Zo zal de koning van Assyrië alle Egyptenaren en Nubiërs, jong en oud, als krijgsgevangenen en ballingen wegvoeren: naakt en barrevoets, met ontbloot achterste – de schaamte van Egypte. De mensen zullen verbijsterd en beschaamd staan…
(Jesaja 20:4-5a; vgl. ook Ezra 23:29)

Voeg daarbij de eufemismen die het hanteerbaar moeten maken om wat eenvoudiger over seksgerelateerde lichaamsdelen te spreken, zoals ‘heup’ als het gaat om het manlijk geslachtsdeel, zie Exodus 1:5: ‘Al de zielen nu, die uit Jakobs heup voortgekomen zijn, waren zeventig zielen’ (SV). Zie bijvoorbeeld ook Genesis 24:2.9, in de Statenvertaling.

Niet dat de preutsheid koning is, zie Ezechiël 16:7, in NBV: ‘Ik liet je groeien als een bloem in het veld: je groeide, je werd groot en je werd hoe langer hoe mooier. Je kreeg stevige borsten, je kreeg schaamhaar, maar je was nog helemaal naakt’. Maar de tekst valt wel op, al zet de pornotekst over Ohola en Oholiba uit Ezechiël 23:16 in de schaduw.

En dan hebben we nog het Hooglied, waarin weinig te raden overblijft als je eenmaal de dubbele bodem in de tekst hebt ontdekt. De bruidegom noemt zijn bruid zijn ‘zuster’ (Hooglied 4:9.10.12; 5:1.2.8), omgekeerd noemt de bruid haar geliefde slecht éénmaal ‘broer’ (8:1), of eigenlijk: de bruid wenst dat haar lief een broer zou zijn. Ook dat klinkt wat eufemistisch: een broer en zus hoeven minder afstand tegenover elkaar te bewaren, al zijn er strenge regels als het gaat om incest, zie Leviticus 18:6 in NBG51: ‘Niemand zal naderen tot zijn naaste bloedverwant, om de schaamte te ontbloten, Ik ben de HERE’.

In de NBV wordt dit bepaald ongelukkig weergegeven met: ‘Niemand van jullie mag de eer van een bloedverwant aantasten’. Daarbij ziet de aantasting van de eer niet meer direct op incest. Het standaardwoord voor ‘eer’ in de Biblia Hebraica is kavod, en dat woord komt nauwelijks in Leviticus voor, en dan nog als attribuut voor JHWH: heerlijkheid. Het feit dat niet met een algemeen gebod wordt volstaan, maar dat heel precies wordt aangegeven waar de grenzen liggen, zet aan het denken. Kennelijk was er reden om seksuele relaties strak te regelen.

Abraham en Sara in het paleis van farao. Giovanni Muzzioli, 1975.
Abraham en Sara in het paleis van farao. Giovanni Muzzioli, 1875.
(Civic Museum of Modena)

De bloedmooie Sara

Abraham noemt zijn vrouw Sara ook ‘zuster’ (Genesis 12:13.19). Het verhaal waarin dat gebeurt, is een van de drie voorbeelden van gefundenes Fressen voor de vormcritici. Zie ook Genesis 20:1-18(2); 26:1-11(7).[1] Het is maar liefst drie maal overgeleverd, waarbij in de derde weergave Isaak en Rebekka de hoofdrol spelen. De drievoudige vermelding ervan is mede een bewijs voor het belang van de tekst. Maar je moet je wel enigszins in bochten wringen om – ook met Leviticus 18:9 voor ogen – uit te leggen dat het in de relatie van Abraham en Sara om seks zou gaan. De tekst biedt daarvoor geen houvast. Wel wordt door Abraham gezegd dat Sara een mooie vrouw is, maar hij heeft vooral te vrezen van de seksuele escapades van de Egyptenaren. De traditie geeft Sara graag een zetje in de richting van een seksbom. Neem het Genesis Apokrief uit de Qumran-vondsten erbij.[2] In kolom XX wordt de schoonheid van Sara beschreven door de dienaren van de farao:

Hoe prachtig is de vorm van haar gelaat en hoe liefelijk en fijn is het haar van haar hoofd; hoe mooi zijn haar ogen en hoe begeerlijk haar neus, ja de hele glans van haar gelaat is […]! Hoe mooi zijn haar borsten en en hoe prachtig heel haar blanke tint. Haar armen, hoe prachtig zijn die, en haar handen, hoe volmaakt! Hoe [verrukkelijk is] de aanblik van haar hand[en], hoe mooi zijn haar handpalmen en hoe slank en fijn al de vingers van haar handen! Haar benen, hoe mooi zijn zij en hoe volmaakt daaraan haar dijen. Geen van de meisjes en bruiden die de bruidskamer binnengaan, is mooier dan zij.

Dat hoorden we niet eerder over Sara. En dat allemaal op haar vijfenzestigste![3]

Abraham wist het niet

In het Pentateuchcommentaar van Rashie lezen we dat Abraham pas bij de entree in Egypte de ontdekking doet dat Sara een mooie vrouw is:

Een agadische verklaring: tot nu toe had hij haar nog niet nauwkeurig gade geslagen ten gevolge van de ingetogenheid die bij hen beiden [aanwezig was]; en nu had hij door een toeval haar gade geslagen… Eene andere verklaring: ’s werelds beloop is, dat men door de moeiten op de reis leelijk wordt terwijl deze [Sara] bleef bij haare schoonheid.[…] ‘Ik wist al lange tijd dat gij schoon waart van aangezicht, maar nu komen wij onder …. de stamverwanten van de Mooren en deze zijn niet gewoon aan een schoone vrouw…[4]

Midrash Rabba

In de Midrash Rabba[5] wordt de schoonheid van Sara ook in de verf gezet:

The Egyptians beheld the woman that she was very fair (me‘od) – which means, even beautiful than Eve’s image. And the princes of Pharaoh saw her and praised her.
(XII:15).

Het wordt een kwestie van loven en bieden.

Rabbi Joḥanan said: They went on outbidding each other for her: one said: ‘I give a hundred dinars that I may enter [Pharaoh’s palace] with her’. Whereupon another bid: ‘I give 200 dinars to enter with her’.

Men kan aanvoeren dat het niet zo chique is dat Abraham Sara opoffert aan zijn eigen belang. Maar daarmee is buiten Egypte gerekend. De snelste manier om een vrouw te krijgen is haar man te doden, een beproefde methode die ook door David bij Uria wordt toegepast.[6] De vraag van Abraham aan Sara is dan ook: ‘Jij wordt weduwe en daarmee hun buit, kun je zoiets willen?’.[7]

Het broer-en-zus-zijn van Abraham en Sara heeft van zichzelf mijns inziens hier geen enkele seksuele connotatie. Het dient om het vege lijf te redden. In het leven van Abraham speelt seksualiteit in het verhaal nauwelijks een rol. Die kun je er wel aan toekennen, en dat reken je dan bij de Wirkungsgeschichte van de tekst, maar daarmee heb je het wel gehad. We lezen van Abraham en Sara niet wat je elders vindt: ‘ Hij kwam tot haar’, ‘hij ging tot haar in’. Er wordt ons geen blik in de slaapkamer gegund.

Een tekst als Genesis 30:16, waarin Lea Jakob koopt met het oog op een nachtje seks,[8] is bij Abraham en Sara ondenkbaar. Het gaat er natuurlijk niet om dat Abraham een kind verwekt. Het zijn juist de volken, die niet veel meer op hun CV hebben dan dat ze verwekken en doodgaan. Israël is niet het verwekte volk, maar het door JHWH aan de wereld geschonken volk. Bij de verwekking van Isaak staat dan ook niet dat Abraham hem verwekt, maar dat JHWH Sara bezoekt en haar doet wat Hij beloofd heeft (Genesis 21:1). De geboorte Isaak lijkt op wat in Johannes 1:13 is geformuleerd: ‘Zij zijn niet op natuurlijke wijze geboren, niet uit lichamelijk verlangen of uit de wil van een man, maar uit God’.

Lots lot

Daar tegenover staat Lot, de contrastfiguur van Abraham, in de verhalencyclus van de aartsvaders en -moeders. Waar Abraham twee zonen krijgt, Ismaël en Isaak, krijgt Lot twee dochters die naamloos blijven. De stedeling wordt een banale holbewoner, die zich dronken laat voeren en daarna incest pleegt en van zijn beide dochters een kind verwacht: Moab, ‘hij is er een van vader’ en Ben Ammi, ‘een van mijn volk’.

Lot met zijn twee zoontjes, op zijn ene knie Moab, op zijn andere knie Ammon. Zijn het nu zijn zoontjes of zijn kleinzoontjes? Twee keer hebben we horen klinken hoe Lot, toen zijn dochters bij hem gingen liggen, ‘van niets wist’. De heidenen zijn opnieuw getekend: ze weten ook na de ranmp van niets.[9]

Zelfs het plezier dat seks kan opleveren, en dat door Sara wordt verwoord: ‘Zal ik wellust hebben, nadat ik oud geworden ben, en mijn heer oud is?’ (SV) is Lot niet vergund.

Summa summarum

Is Abraham een seksloos wezen? Nee. De bijbelschrijver zet hem niet op dat spoor. De seksualiteit die rondom de cultus van Baäl hangt, speelt in de Abraham-cyclus geen enkele rol van betekenis. De rol van de vrouw(en) wordt meer verbonden met seksualiteit. Maar ook dat wordt later pas ingevuld. Het is juist de bedoeling van de verteller te onderstrepen dat Abraham de manlijke rol van gever verwisselt voor vrouwelijke rol van ontvanger. Hij krijgt een zoon. Laat het verwekken maar aan de volken over.

Piet van Midden is docent Hebreeuws aan LUCE Tilburg School of Catholic Theology.

Noten

[1] Zie K. Koch, Was ist Formgeschichte?, Neukirchen 1967, 135-162.

[2] Zie F. García Martinez/A.S. van der Woude, De rollen van de Dode Zee 2, Kampen 1995, 307.

[3] Zie Genesis 12:4 en 17:17. Sara is tien jaar jonger dan Abraham.

[4] A.S. Onderwijzer, Nederlandsche Vertaling van den Pentateuch, benevens eene Nederlandsche verklarende vertaling van Rashie’s Pentateuchcommentaar 1, Amsterdam 1895, 136-137.

[5] Midrash Rabba Genesis 1, Londen/New York 329-330.

[6] 2 Samuël 11.

[7] Zie B. Jacob, Das Buch Genesis, Stuttgart 2000, 348.

[8] Toen Jakob ’s avonds thuiskwam uit het veld, ging Lea hem tegemoet en zei: ‘Je moet met mij slapen, ik heb je gehuurd voor de liefdesappels van mijn zoon’.

[9] K. Bouwhuijs/K.A. Deurloo, Dichter bij Genesis, 1974, 107.


< Terug