Augustinus rouwt om de dood van zijn moeder Monica van Thagaste
Wanneer Augustinus als bisschop op leeftijd (43-47jr) zijn relatie met zichzelf, de schepping en de Schepper in zijn Belijdenissen1 beschrijft, ontkomt hij er niet aan om stil te staan bij de dood van geliefde mensen in zijn omgeving. Zo geeft hij in het vierde boek van zijn Confessiones een kritische inkijk in zijn verdrietige reactie op het heengaan van een vriend. Deze vriend was hem indertijd zelfs gevolgd toen Augustinus zich aansloot bij aanhangers van het Manicheรฏsme. De vriend werd op zijn ziekbed gedoopt. Hij trachtte in een tijdelijke opleving voor zijn dood Augustinus te overtuigen terug te keren naar de bronnen van zijn jeugd: het eenvoudige geloof dat zijn moeder Monica hem meegaf. Naast de dood van Monica, wordt ook de vroegtijdige dood van Augustinusโ zoon Adeodatus in de Belijdenissen als een groot verlies beschreven.
Het overlijden van zijn moeder Monica neemt een bijzondere plaats in. Wanneer Augustinus na zijn retraite op het landgoed Cassiciacum uit handen van Ambrosius het doopsel ontvangt, ondergaat de band met zijn moeder een transformatie. In zijn Belijdenissen tekent Augustinus een tweegesprek op dat hen zeer nabij brengt. Het gesprek stelt hen in staat een gemeenschappelijke visie op de werkelijkheid te bespreken in het licht van de gave van de Heilige Geest die hen in het doopsel is geschonken. Zo gaat een nieuw licht op over hun wederzijdse zorg en genegenheid. Dit nieuwe licht schijnt ook over hun beider blik op God en wereld: geschapen werkelijkheid. Dit tweegesprek staat bekend als het visioen van Ostia.

Augustinus en zijn verlies
In dit gesprek lijkt Monica zich in het zicht van haar terugkeer naar Afrika te hebben verzoend met eindigheid:
ย โJongen, wat mij betreft, dit leven heeft mij niets meer te bieden. Wat doe ik hier nog en waarom ben ik hier nog? Ik weet het niet. Ik heb hier niets meer te verwachten.โย [Conf IX.26]
Kort voor haar ziekte maakte Monica duidelijk dat wat haar betreft het leven vervuld was: een ommekeer in het leven van haar zoon. Daarom liet ze ook haar wens om samen met haar achtergebleven echtgenoot Patricius in Thagaste (Noord Afrika) te worden begraven varen: โToen zei ze: โJullie zullen je moeder hier (te Ostia MC) begraven.โ [Conf. IX.27]
Augustinus beschrijft de dubbele pijn die de rouw om de dood van zijn moeder veroorzaakte. Het is enerzijds pijn om haar heengaan, en anderzijds pijn omdat hij zichzelf voorhoudt niet zichtbaar (uitwendig) te mogen huilen omdat de dood nu eenmaal bij het leven hoort. Desalniettemin voelt hij de wonde van het gemis: hij mist de dagelijkse hartelijke omgang met elkaar.
โIk sloot haar ogen en er vloeide een mateloos verdriet samen rond mijn hart. Het zocht naar een uitweg in tranen, maar op een krachtig bevel van mijn geest hielden mijn ogen hun tranen tegen.ย [โฆ] Want wij vonden het niet passen om bij dit doodsbed te klagen of te huilen of te zuchten. Want zo wordt er gehuild omdat men vindt dat een stervende te beklagen is of dat alles nu ophoudt. Maar haar sterven was niet beklagenswaardig en zij stierf ook niet helemaal. Dat was ons vertrouwen vanwege haar levenswijze en haar oprechte geloof, en op goede gronden.โ [Conf. IX.29]
Rondom de begrafenisplechtigheid van Monica meldt Augustinus dat hij niet in het zicht van de mensen uitwendig huilt, maar innerlijk verward en ongezien verdrietig is:
โToen ze begraven werd, ben ik gegaan en teruggekomen zonder een traan. Ook bij de gebeden voor haar, toen het offer van onze verlossing voor haar werd opgedragen, heb ik dus niet gehuild. Haar lichaam lag daarbij naast het graf voordat het werd bijgezet, dat is daar de gewoonte. Maar ongezien was ik wel de hele dag verdrietig en ook verward.โ [Conf IX.32]
Ook het bezoek aan de badinrichting waar Augustinus zijn verdriet denkt uit te zweten brengt geen verlichting. Pas wanneer hij zich na een nacht slapen Monica gaat herinneren in haar relatie tot Gods scheppende zorg , stromen de tranen. Hij huilt niet voor de โbuitenwereldโ, maar voor het aanschijn van God.
โGeleidelijk kwam ik weer terug bij mijn vroegere gevoelens tegenover uw dienares, hoe vroom ze had geleefd in u en hoe vol heilige vriendelijkheid en welwillendheid tegenover ons. Dat miste ik nu opeens en het deed me goed voor uw aangezicht te huilen om haar en voor haar, om mezelf en voor mezelf. De tranen die ik eerst tegengehouden had liet ik nu vrijuit stromen, ik spreidde ze uit als een bed voor mijn hart. Het kwam erin tot rust, want daar was uw oor, niet dat van een mens met zijn eigen verklaring voor mijn tranen.โ [Conf. IX.33]
In de rust van het verdriet richt hij zich niet langer alleen op zichzelf. Hij overweegt ook de kwetsbare kanten van het leven van zijn moeder:
โNu zijn het tranen die voortkomen uit een geest die geschrokken is bij het overwegen van de gevaren van een ziel die in Adam sterft. Zeker, zij was in Christus tot leven gewekt en heeft ook vรณรณr haar dood zo geleefd dat uw naam geprezen werd omwille van haar geloof en haar levenswijze. [..] Ach, als de mensen toch eens inzagen dat ze maar mensen zijn, en als iemand wil roemen, dat hij dan moet roemen in de Heer.โ [Conf. IX.34]
Wat Augustinus echt troost lijkt te geven is dat Monica er groter belang aan hechtte door hem aan het altaar te worden herdacht bij het vieren van de maaltijd des Heren, dan aan haar fysieke begrafenis bij haar echtgenoot in Noord Afrika. Augustinus vertrouwde erop dat zijn moeder na de dood desalniettemin herenigd zou zijn met haar man. Het blijkt uit de afsluitende beschouwing van Augustinus over zijn eigen oorsprong in deze twee herenigde mensen:
โMoge zij in vrede zijn samen met haar man. [..] Geef het iedereen in die dit leest, dat ze uw dienares Monica gedenken aan uw altaar samen met Patricius, eens haar man. Door deze twee mensen hebt u mij dit leven binnengeleid, hoe weet ik niet.โ[..]ย Door het gebed van velen gaat haar laatste wens aan mij dan ruimschoots in vervulling, niet door mijn gebed, maar door mijn belijdenis.โ [Conf. IX.37]

Tot slot
Augustinusโ rouw om de dood van zijn moeder verloopt niet volgens zijn eigen boekje. De tranen die de buitenwereld van hem verwachtte, stromen pas wanneer hij zijn innerlijke verdriet voor het oog van God kan brengen. Beproefde hulpmiddelen zoals een bad baatten niet voordat hij zijn moeder kon zien als medeschepsel in God en die hem, samen met zijn vader Patricius het leven heeft binnengeleid in het bieden van ouderlijke zorg tot het uiterste. De poรซtische geest van Augustinus werd geholpen door een liturgisch gedicht van bisschop Ambrosius over de schepping.
God die het al geschapen heeft,
het al regeert, met licht omgeeft
als met een kleed de dageraad,
die โs nachts ons vredig slapen laat,
de leden languit uitgestrekt
tot hen gesterkt het daglicht wekt,
de geest in vrede en bevrijd
van alle angst en bitterheid
(Ambrosius, Deus creator omnium, vert. J.W. Schulte Nordholt 1973, geciteerd in Belijdenissen vert. W. Sleddens p. 211.)
Het mag de meer prozaรฏsch ingestelde meerderheid onder ons sterken dat het vooral de goede nachtrust is die hem kracht geeft en in staat stelt zich als gewonde en rouwende zoon te laten genezen door de nagedachtenis aan zijn moeder: in het licht van de kruisdood รจn verrijzenis van Christus.
Augustinusโ rouw om de dood van zijn moeder verloopt niet volgens zijn eigen boekje
Om meer zicht te krijgen op Augustinusโ voortschrijdend inzicht inzake verlies, is het interessant om zijn relaas over de dood van Monica te lezen in de context van de dood van zijn vriend zoals beschreven in boek IV van zijn Belijdenissen. Augustinusโ beschouwingen op de rouw rondom de dood van zijn moeder geven er blijk van dat hij het verlies niet minder heftig beleeft dan de dood van zijn vriend, maar wel meer verinnerlijkt. Het verdriet veroorzaakt door de dood van Monica is verdriet voor het aanschijn van God dat hem uit zijn isolement bevrijdt. De beleving van de dood van zijn vriend voor het oog van de mensen bracht hem juist steeds meer in een isolement.
Hoewel het begrafenisritueel een cruciale functie heeft in het beleven van het afscheid van Monica in de kleine kring tijdens de laatste dagen van haar leven, beschrijft Augustinus een gebeurtenis die vooral de buitenkant betreft. De werkelijke genezing vindt in het innerlijk plaats voor het oog van God. Het relaas over de dood van Monica maakt duidelijk dat Augustinus te midden van deze aangrijpende gebeurtenissen geen grip heeft op zichzelf. Rouw verloopt volgens het boekje dat God voor hem heeft geschreven, en niet volgens zijn eigen boekje. Daarmee is wellicht het meest treffend Augustinusโ rouw om de dood van zijn moeder omschreven.
Literatuur
Douglas Finn, โResting on Tears: The Trinity, the Sacraments, and Grief in Augustineโs Confessions.โ in: Augustiniana 67/3-4 (2017)
Martin Claes is priester van het bisdom โs Hertogenbosch. Daarnaast is hij docent patristiek aan Fontys Hogescholen en als onderzoeker verbonden aan het Centrum voor Patristisch Onderzoek.
- In deze bijdrage worden citaten uit Augustinusโ Belijdenissen ontleend aan de vertaling van Wim Sleddens OSA: Aurelius Augustinus, Belijdenissen [Confessiones]. Ingeleid, vertaald en van aantekeningen voorzien door Wim Sleddens OSA., Damon Budel 2009. โฉ๏ธ
Boekentip
Klaproosmomenten
In dit prachtig geรฏllustreerde geschenkboek staan bemoedigende teksten voor allerlei momenten in een tijd waarin jouw grond omgewoeld wordt. De klaproos staat symbool voor momenten van moed en kracht. Ze wortelt ondergronds, vindt daar kiemkracht en komt uiteindelijk tot bloei op plekken waar je dit het minst verwacht. In dit boek worden tekeningen afgewisseld met poรซtische teksten, verhalen en anekdotes over de klaproos en haar symboliek, over rouw en afscheid nemen.
