Ademhalen, dat is toch heel gewoon?
In onze adem zit beweging, een ritme: we ademen in, we ademen uit. Adem doet leven. Fysiek, maar ook geestelijk, door de Geest van God.
In onze adem zit beweging, een ritme: we ademen in, we ademen uit. Adem doet leven. Fysiek, maar ook geestelijk, door de Geest van God.
Op 24 februari 2022 viel Rusland Oekraïne binnen. Door bombardementen en hevige gevechten is het land niet meer veilig. Velen vluchtten naar Duitsland, Polen, en Tsjechië. Ook Nederland vangt Oekraïense vluchtelingen op. Een verhaal van vallen en opstaan, van steeds opnieuw beginnen.
Als mensen verlangen we naar nieuwe spullen, een nieuwe versie van onszelf, een andere, frisse omgeving. En als we dat splinternieuwe ding dan hebben, of ons in een chique outfit hebben gewurmd, of arriveren op onze volgende plek, verlangen we weer terug naar vroeger, naar hoe het was.
Een regenboog straalt als teken van trouw, waarin zich het Licht veelkleurig ontvouwt. Dat geeft aan ons allen een eigen gezicht en vloeit in ons samen tot Gods ene Licht.
Aangekomen bij het graf van Jezus zien de vrouwen dat de steen is weggerold. Een in het wit geklede jongeman laat hen zien dat Jezus er niet meer is. Zijn lichaam is weg, en juist daarom is Hij meer aanwezig dan ooit.
Schoonheid heeft iets zuivers in zich. Iets puurs. Toch kan ook iets wat niet puur is, maar eerder rauw of confronterend, een vorm van schoonheid in zich hebben. Schoonheid kan het alledaagse overstijgen, maar ook juist naar voren komen in heel gewone dingen.
Twintig jaar deelden we lief en leed. We waren afgestemd op elkaars ritmes en in meer of mindere mate op elkaars gewoonten. Toen we gingen scheiden, vielen die dagelijkse gezinsgetijden weg. Dat ervoer ik als ontwrichtend.
Het geboorteverhaal van Jezus klinkt weinig glorieus. Het is een armoedige bedoening. Geen paleis in de hoofdstad als geboorteplek, geen bedje maar een voederbak. Geen beroemde of hoogstaande ouders.
Vijftien jaar werk ik nu in het verpleeghuis. In die tijd heb ik tien verschillende leidinggevenden gehad. Op de afdelingen kom ik telkens weer nieuwe collega’s tegen. Psychologen komen en gaan. Dat geeft veel onrust – je weet niet meer zo goed wat je aan elkaar hebt, want je kent elkaar nog maar kort.