Menu

Filters

Auteur

Soort materiaal

Bron

Premium

‘Mijn schapen geef ik eeuwig leven’

Tempel en altaar in Jeruzalem zijn ingewijd (2 Kronieken 7:5.9). Die nacht verzekert de Heer Salomo dat Hij in dit huis voor eeuwig zijn intrek zal nemen en bij grote plagen het volk dat het hoofd buigt zijn zonden al vergeven en het land zal genezen (7:11-16). In Efeze is de gemeente Gods woning (Efeziërs 2:21-22); door het geloof woont Christus in de gemeente. Zo zal zij de liefde van Christus kennen (3:14-21).

Premium

Als het Licht heeft overwonnen

In Micha 4:1-5 zien we de processie van alle volken naar Jeruzalem. Ze willen de weg in het leven leren van de Heer die heeft overwonnen. Groot feest: eindelijk vrede en rust voor iedereen, ook de kreupelen en de verstrooiden (4:6). In Psalm 98 juicht de hele schepping: de Heer komt om de wereld te oordelen naar recht en wet. Psalm 4 weet van verdrukking, roept om ruimte en weet van het veilige huis bij de Heer.

Premium

Een menigte die niemand tellen kan

De schriftlezingen voor de viering van Allerheiligen waren al in zwang toen Paus Gregorius IV (ca. 840) 1 november invoerde als datum die voortaan overal in de kerk zou gelden voor dit toen al eeuwenoude feest. Door de eeuwen heen hebben ze bewezen een bron van troost en uitzicht te zijn voor de lijdende en strijdende kerk op aarde. Het rooster beveelt deze lezingen ook aan voor protestantse en lutherse gemeenten die op de laatste zondag van het kerkelijk jaar de overledenen gedenken.

Premium

‘Mijn juk is zacht en mijn last licht’

‘Juich, Sion – de koning van God is in aantocht,’ roept Zacharia. Zittend op een bescheiden rijdier draagt Hij gerechtigheid en zege, strijdwagens en paarden verjaagt Hij. Wereldwijd brengt Hij vrede. De psalm roept op tot lof aan God om zijn grote en goede daden – ook aan kleine en gebukte mensen (145:14-16). De apostel schrijft aan de Romeinen hoe mensen die zich toevertrouwen aan de Heer vrij zijn tot gerechtigheid, geen slaaf meer van de zonde. Leven, niet meer de dood is hun deel.

Premium

Hij is gestorven en leeft

De Israëlieten, net vertrokken uit het diensthuis, werden doodsbang toen Farao met zijn leger hen inhaalde. De Heer redde hen van de ondergang (Exodus 14:9-14). Op deze Paasdag zingt de kerk met woorden van Israël: ‘Ik zal niet sterven, maar leven en de daden van de Heer verhalen.’ Zij herkent haar Heer Jezus Christus in de afgekeurde steen die een hoeksteen werd. Hij is gestorven en leeft (Psalmen 118:17.22).

Nieuwe boeken