De ringen in de Protestantse Kerk in Nederland,
In Kerk 2025 wordt groot belang gehecht aan de ontmoeting van gemeenten in ringen. Wat houdt dit in en hoe is de verhouding ring en classicale vergadering?
In Kerk 2025 wordt groot belang gehecht aan de ontmoeting van gemeenten in ringen. Wat houdt dit in en hoe is de verhouding ring en classicale vergadering?
In het pastoraat, het omzien naar de ander, is de geloofsbeleving van de bezoeker van belang. Het zicht op en de ervaring met God bepalen hoe we naar de ander (willen) kijken. Daarom is het goed en nodig die eigen spiritualiteit te voeden.
Overal worden kinderen geboren. Op de meest gebruikelijke plekken – als je een slaapkamer thuis of een ziekenhuisbed zo mag noemen… – maar ook op totale onverwachte of ook ongewenste plaatsen. Soms lees je in de krant van een geboorte op de vluchtstrook, naast een file. Of in een vliegtuig, onderweg. Maar ook in een vluchtelingenkamp of AZC, of op de vlucht voor oorlog, langs de kant van de weg, of in een schuilkelder worden kinderen geboren. De natuur laat zich wat dat betreft niet dwingen door menselijke, politieke of economische omstandigheden. Altijd en overal worden kinderen geboren, gelukkig wel!
De wijzen uit het Oosten. ‘Magoi’ staat er in het Grieks. Magiërs dus, vermoedelijk astronomen uit Babylonië. Wellicht zijn het priesters die in de weer zijn met sterren. Merkwaardig eigenlijk dat langs die weg mensen Jezus vinden, want wij hebben meestal niet zo’n hoge pet op van sterrenbeelden, horoscopen en religieuze kwakzalverij. Maar Matteüs schrijft heel onbevangen over lieden die zich laten leiden door sterren en door ingewikkelde magische formules en berekeningen. Bij Matteüs staat er dus wel degelijk iets in de sterren geschreven. De magiërs zijn in zijn Evangelie de eersten, die in de gaten krijgen dat er echt iets gebeurd is in een uithoek van de wereld.
Het is een uitdaging om de verhalen van Palmzondag tot Pasen met kinderen en jongeren, in stapjes en creatief, te lezen en verbeelden.
Bij het kerkelijke begrip ‘tucht’ krijgen we al gauw een nare smaak in de mond. Is dat terecht? Hoe zouden we het naar de bedoeling kunnen verstaan?
Over het sterven en de dood denken en praten we meestal niet makkelijk. In de geschiedenis, in de cultuur, hebben vooral kunstenaars wel altijd hún gedachten in beelden weergegeven. Daarnaar kijkend en luisterend komen we op eigen gedachten… en woorden…
Uit verschillende themanummers van Ouderlingenblad van de laatste tijd kwam het idee opborrelen eens verder te schrijven over – en lezers ‘aan de slag’ te laten gaan over – vragen rond gemeenteopbouw, beroepingswerk en toerusting. De vraag misschien wel: ‘hoe maken voorgangers hun gemeenten (iets meer) toekomstbestendig..?’
Op zondagmorgen 14 mei 2000 rijdt dominee Evert Jan Veldman van Hengelo naar Enschede, want hij gaat voor in de Opstandingskerk, zijn gemeente. Hij wordt aangehouden door de politie. Hij mag de stad niet in, niemand mag de stad in. Pas als hij heeft aangetoond dat hij zijn toga bij zich heeft en echt moet voorgaan in de dienst mag hij doorrijden. Hij rijdt de stad binnen en ziet allemaal verdwaasde mensen, ze kijken niet eens uit bij het oversteken. Er gaat bij hem een knop om: wij moeten bij die mensen zijn, zij zijn ontredderd.