Zal ik helpen?
Bij Johannes 15,1-8 Bartje komt langs. ‘Zullen we gaan spelen?’ vraagt hij. Maar Simon en Andrea moeten in de tuin werken. Iedere week moeten ze iets doen: opruimen, schoonmaken of […]
Bij Johannes 15,1-8 Bartje komt langs. ‘Zullen we gaan spelen?’ vraagt hij. Maar Simon en Andrea moeten in de tuin werken. Iedere week moeten ze iets doen: opruimen, schoonmaken of […]
Gods licht zien stralen in tijden van duisternis is een hele uitdaging, of het nu is in tijden van ballingschap en als volk verstrooid te zijn over de bewoonde wereld (Jesaja), of in tijden van Romeinse bezetting en vervolgingen (Matteüs), of in de uitdagingen van onze tijd vandaag.
Bij Marcus 14,1-15,47 of Marcus 11,1-11 Inleiding Vandaag gaat het over een vrouw die dure olie over Jezus’ haren giet. De leerlingen van Jezus vinden het zonde van die dure […]
In Johannes 21 vindt een omgekeerde wonderbare spijziging plaats: er zijn maar zeven gasten en er is een overvloed aan vis. Maar de vangst die op verzoek van de Opgestane is gedaan en op zijn aanwijzing is verkregen, was slechts ‘toespijs’, een bijkomstigheid zogezegd. Want er bleek al brood en vis klaar te liggen. Wat zou er met al die vissen zijn gebeurd?
‘Tot jullie die naar mij luisteren zeg ik: heb je vijanden lief, wees goed voor wie jullie haten, zegen wie jullie vervloeken, bid voor wie jullie slecht behandelen.’ Dat zegt Jezus tegen zijn leerlingen. Wat zou hij daarmee bedoelen?
Aan het eind van onze vieringen klinkt de zegen van God. Ook op bijzondere momenten in een mensenleven krijgen we deze woorden mee – of kunnen erom vragen. Wat betekent die zegen? Wordt de week of het leven er anders van? En wie mag zegenen en gezegend worden?
‘Hij is gaan hemelen’ is een uitdrukking die we gebruiken als iemand sterft. Maar het interessante is dat de mensen die in de Bijbel ‘gaan hemelen’ juist heel levend zijn. Twee lezingen voor deze zondag staan daar op eigen wijze bij stil.
Mooie woorden zijn prachtig, maar ze zijn niets waard als we ze niet waarmaken.
‘Doe wat je zegt.’ ‘Walk your talk.’ In alle menselijke culturen leven we onze kinderen voor dat je woorden en daden één horen te zijn. Op de achtergrond van het verhaal van de barmhartige Samaritaan speelt het ook een rol. Misschien zelfs dusdanig dat ik een nieuwe titel voor het verhaal wil voorstellen: ‘Een Samaritaan doet barmhartigheid’.