Menu

None

De dromen die kwijt waren

Het feest was in volle gang. De nieuwe koning was nog maar net ingehuldigd. Hij zat op de troon met een glimlach die bijna zo groot was als die van de nieuwe koningin naast hem. Alle feestgangers zaten lekker te eten. De zaal gonsde van het gepraat en gelach. Ineens zwaaide de deur open. In de deuropening stond een minister. Zijn gezicht was helemaal bleek. De minister trilde zo, dat zijn brilletje haast van zijn neus viel. ‘Sire,’ zei de minister, ‘we hebben iets ernstigs ontdekt, iets zeer ernstigs… We zijn de dromen kwijt. Weg. Foetsie. Nergens in het land kunnen we ze nog vinden.’

De nieuwe koning keek beteuterd. Het ging net zo lekker. De koningin greep zijn hand en zei: ‘De dromen moeten ergens te vinden zijn. Laat iedereen gaan zoeken!’ Zo gebeurde het. De ministers keken op de zolder van hun huis. De mensen zochten in alle laatjes thuis. De juffrouwen en de meesters zochten in hun klassen, de kinderen in hun tassen. De goochelaars keken in hun hogehoed en de duizendpoten onder elke voet. Maar niemand vond de dromen terug.

‘s Avonds laat dronken de nieuwe koning en koningin nog een kopje thee voor het naar bed gaan. ‘Wanneer heb jij voor het laatst gedroomd?’ vroeg de koning. De koningin dacht na. ‘Het is lang geleden, maar toen ik een klein meisje was, had ik nog dromen. In mijn kinderjaren droomde ik dat ik eens koningin zou worden.’ De koning glimlachte: ‘En nu ben je het.’ Het bleef even stil. Ineens veerde de koningin op. ‘Oh, we zijn een beetje dom! De dromen liggen niet op zolder of in kasten of in laatjes! Ik weet weer waar ze liggen! In onze kinderjaren, daar liggen ze!’

De koning begreep er niets van: ‘In onze kinderjaren?’ ‘Wat deed je als kind graag?’ wilde de koningin weten. ‘Ik vond het leuk om te tekenen … huizen met een schoorsteen en gordijntjes voor de ramen … schepen … vogels.’ De koningin vroeg verder: ‘Waarom tekende je die?’ De koning dacht even na: ‘Ik tekende huisjes omdat ik verlangde naar gezelligheid, en schepen omdat ik verlangde naar verre reizen, en vogels omdat ik zo licht wilde zijn als een vogel.’ De koningin maakte een sprongetje in de lucht van vreugde: ‘Daar zijn je dromen, je dromen zijn wat je verlangde in je kinderjaren!’ De koning keek verbaasd: ‘Is het waar?’ ‘Ja,’ zei de koningin, ‘het is waar.’

De volgende ochtend vroeg werden alle ministers bijeengeroepen. De koning maakte plechtig bekend dat de dromen weer waren gevonden. ‘De dromen liggen in onze kinderjaren.’ De ministers waren zo verbaasd dat hun brilletjes haast van hun neus vielen. ‘Is het waar?’ vroegen ze in koor. ‘Het is waar,’ antwoordden de koning en de koningin samen. ‘Wie niet wordt als een kind, kan het land van de dromen niet binnengaan.’

Het werd een heel vrolijke dag, waarover tot op de dag van vandaag wordt gesproken.

Bron: klik hier

Wellicht ook interessant

None

Thema: Slow looking

In deze aflevering van De theologie podcast gaat Elsbeth in gesprek met Frieda van de Geest. Frieda nodigt ons uit om in onze oordelende samenleving te vertragen en met het hart te kijken naar de medemens. Vanuit de filosofie en wetenschap wordt besproken wat het verschil is tussen kijken en zíén. De lezer wordt uitgenodigd liefdevol naar de wereld te kijken, na te denken over blinde vlekken om uiteindelijke tot verandering te komen en net zo naar de wereld te kijken als Jezus.

Annemarieke van der Woude
Annemarieke van der Woude
Basis

Om jezelf te kunnen worden, moet je op reis gaan

Ik luister graag naar de radio, maar moet me nogal eens door reclames heen worstelen om bij mijn favoriete programma uit te komen.  Bijvoorbeeld een advertentie voor een reisorganisatie – ik noem geen naam. Op hun site lees ik dat ze klanten proberen te lokken met beloftes als ‘hoogtepunten’, ‘zorgeloos’ en ‘comfortabel’. Daar gaat een bepaalde opvatting achter schuil over wat reizen de moeite waard maakt: dat je zonder last of ongemak een reeks bijzondere ervaringen opdoet. Maar is dat de waarde van reizen?

Nieuwe boeken