Menu

Basis

‘Grenzen tussen kerken zijn er en zijn er niet’

Wandelaar met wandelstok

Waar wil de nieuwe algemeen secretaris van de Raad van Kerken in Nederland de komende jaren aandacht aan besteden? Een gesprek over eenheid, scheidslijnen tussen kerken en de schorsing van een bekende bisschop.

Sinds 1 april is ds. Coen Wessel de nieuwe algemeen secretaris van de Raad van Kerken in Nederland. Hij volgt daarmee ds. Christien Crouwel op. Wessel is de zesde algemeen secretaris sinds de oprichting in 1968. Zijn voorgangers: twee vrouwen en drie mannen, één katholiek en vier predikanten. Wessel was in Hoofddorp, net als in zijn vorige gemeente Heerenveen, voorzitter van de Raad van Kerken.

Hoe gaat het met de oecumene in Hoofddorp?

‘Er is hier al lang een Raad van Kerken waaraan de Doopsgezinde Gemeente, de rooms-katholieke parochie en de Protestantse Gemeente deelnemen. Er zijn gemeenschappelijke gespreksgroepen en bijeenkomsten in het gezamenlijke toerustingswerk.

Hoogtepunt was en is de jaarlijkse pinksterdienst, op een weide in het bos terwijl de kerken dicht bleven. Op zeker moment lukte dat niet meer. Nu zijn er pinksterdiensten in drie van de vijf kerken. Het is de bedoeling dat mensen mixen, dat doen ze helaas te weinig.

Naast de raad groeide een bredere oecumene. Bij de Week van Gebed voor de Eenheid sloten andere kerken aan, zoals de evangelische Meerkerk en de Christelijk Gereformeerde Kerk. Inmiddels is dit initiatief uitgebreid naar de hele Haarlemmermeerpolder.

Tijdens de eerste lockdown was er elke dag een online dienst vanuit steeds een andere kerk. Die samenwerking heeft diaconale vruchten afgeworpen toen hier dertienhonderd Oekraïners gehuisvest werden. Als gezamenlijke kerken openden wij één loket, voor de Oekraïners en voor de burgerlijke gemeente. Uit allerlei kerken werd een grote pool van vrijwilligers gevormd, die veel werk verzette.

Ook landelijk is er veel oecumenische samenwerking buiten de Raad en de lokale raden van kerken om. Denk aan interkerkelijke gebedsgroepen of oecumenische basisgemeenten. De oecumenische gedachte is breder en groter dan de raden van kerken. Dat is iets wat ik de komende jaren nadrukkelijk wil waarderen en waar ik rekening mee wil houden.’

Wat betekenen de grenzen tussen kerken voor u?

‘Ze zijn er en ze zijn er niet. Als protestanten, zeker uit het midden van de kerk, moeten we niet te gemakkelijk denken dat we lichtvaardig over scheidslijnen heen kunnen stappen.

De oecumenische gedachte is breder dan de raden van kerken

In mijn gemeente, De Lichtkring, is er elk jaar een gezamenlijke dienst met de Doopsgezinde Gemeente. Daarbij merk je de verschillen in kerkgevoel, spiritualiteit, ambtsopvatting, eigenaardigheden. Wij denken te gemakkelijk ‘niet moeilijk doen, wat Oosterhuis zingen en we zijn er’. De eigenheid van de verschillende kerken is veel groter dan wij als goedwillende, liberale protestanten denken.

De andere kant is dat mensen op het grondvlak door allerlei omstandigheden naar elkaar toegroeien. De geloofsbiografieën van mensen zijn minder uniform dan voorheen. Door een gemengd huwelijk kun je van kerk wisselen. Je kunt je aansluiten bij een evangelische gemeente om later terug te keren naar je oorspronkelijke kerk. Er zijn grote verschillen tussen kerken maar over veel zaken zijn we het ook eens. De vraag is steeds of de verschillen zo onoverkomelijk zijn dat we afzonderlijk doorgaan.’

Hoe beïnvloedt ontkerkelijking het werken aan oecumene?

‘In Heerenveen merkte ik in de jaren negentig dat de belangstelling voor oecumene afnam. Kerken hadden het druk om zelf het hoofd boven water te houden. Er waren geen vrijwilligers over voor de oecumene. De inzet en aandacht waren gericht op de eigen kerk en leidde tot meer interne bezinning op wat eigen is.

De andere beweging is: kerken worden kleiner, we zullen elkaar moeten opzoeken. Plaatselijk en landelijk. Er zijn allerlei vormen van samenwerking mogelijk, denk bijvoorbeeld aan de opleidingen van voorgangers.’

Wat is de kern van oecumene?

‘Oecumene is het gezamenlijke geloof in de drie-enige God, de verbondenheid in Christus. Je weet dat deze veelvormig is en tegelijk geen reden tot scheiding zou moeten zijn. Eenheid is geen standpunt of allemaal hetzelfde doen. Eenheid is dat je met elkaar verbonden bent, naar elkaar toegroeit, elkaar soms verliest en elkaar toch vasthoudt.

Er is verscheidenheid, bijvoorbeeld liturgisch. Niet iedereen voelt zich thuis bij een Evensong of een dienst met Opwekkingsliederen. Toch hoeft dat samenwerking op diaconaal of pastoraal vlak niet in de weg te zitten.’

Is de Protestantse Kerk een dragende kracht onder de oecumene?

‘Zeer zeker, zowel plaatselijk als landelijk. Tot 2004 waren de drie kerken druk met het fusieproces. Daarna kwamen er nieuwe impulsen, bijvoorbeeld voor het missionaire werk. Ik heb geen klagen over de Protestantse Kerk en hoop dat ook de oecumenische inzet verder uitgebouwd kan worden. Natuurlijk zijn er ook protestanten die nog nooit een voet in de katholieke kerk hebben gezet.’

Hoe is de verhouding tussen lokale raden van kerken en de Raad van Kerken in Nederland?

‘Er zijn circa tweehonderdvijftig plaatselijke raden van kerken, waar goed contact mee is. Vanuit de Raad wordt veel materiaal ontwikkeld waar lokale raden mee aan de slag kunnen, bijvoorbeeld rond het thema duurzaamheid.

Dat hoeft diaconale of pastorale samenwerking niet in de weg te zitten

De plenaire raad, het hoogste orgaan van de Raad, is niet de synode van de plaatselijke raden. Bij ons komen rechtstreekse vertegenwoordigers van de aangesloten landelijke kerken samen. Daardoor zitten ook Koptische christenen en de Oud-Katholieke Kerk aan tafel. Dat maakt de pluriformiteit groter dan doorgaans in een plaatselijke raad.’

Waar gaat u zich sterk voor maken?

‘Volgend jaar is het 1700 jaar geleden dat het Concilie van Nicea bij elkaar kwam. Dat was een grote kerkvergadering, bijeengeroepen door keizer Constantijn. Dat gaat internationaal herdacht worden.

Het was de eerste keer dat vertegenwoordigers van kerken uit allerlei streken samen kwamen. Dat leidde onder andere tot de geloofsbelijdenis van Nicea en tot een gezamenlijke paasdatum. Dat zoveel mensen uit verschillende tradities samenkwamen, is een prachtig voorbeeld voor deze tijd: het kan!

Leuk om te weten: op een bewaard gebleven deelnemerslijst staat ook sint Nicolaas. Van hem gaat het verhaal dat hij Arius (tegenstander van het dogma van de drie-eenheid; red.) op de wang zou hebben geslagen. Dat mocht natuurlijk niet, hij werd geschorst.

Ook in Nederland herdenken en vieren we 1700 jaar Nicea. Hoe groot dat wordt en wat er mogelijk is, weet ik nog niet. In ieder geval komt er een gezamenlijke viering. Ik hoop dat dat iets moois wordt. Ook kijk ik uit naar het overleg met moslims en joden. Dat is in deze tijd zeker niet gemakkelijk en tegelijk waardevol en belangrijk om te doen.’

Coen Wessel (Den Haag, 1960) studeerde theologie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij was van 1988 tot 2012 predikant in Heerenveen en Haskerdijken, en vanaf 2012 predikant in Hoofddorp. Hij werkte als redacteur en vertaler mee aan het Liedboek 2013. Hij publiceerde in Nederland en Duitsland op het gebied van theologie en literatuur.

Kees Posthumus is kerkjournalist.


Koers houden
Woord & Dienst 2024, nr. 4

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken