Menu

None

Hoe lees je de Bijbelse profetieën rond Israël?

Fragment uit het boek Israëls terugkeer en herstel van Christian Stier

Banner boekfragment Israëls terugkeer en herstel

In 2010 schreef rabbijn Lody van de Kamp in een artikel1: ‘Waarom nemen kerken zo klakkeloos aan dat de seculiere staat Israël de vervulling is van Bijbelse profetieën?’ Deze woorden riepen bij Christian Stier tal van vragen op. Had hij gelijk? En zo ja, paste ook ik niet te makkelijk profetieën toe? Van de Kamp maakte in zijn artikel duidelijk dat er binnen het jodendom verschillende visies zijn op de oprichting van de staat Israël.

In algemene zin kun je stellen: hoe religieuzer de jood, hoe minder overtuigd hij is dat de huidige staat Israël inderdaad een godsgeschenk is. Dat was volkomen nieuw voor Stier. Hoe interpreteren (religieuze) joden Gods beloften over de terugkeer en het herstel van Israël dan? Hebben zij een punt? Deze vragen zetten Stier ertoe aan Gods Woord opnieuw hierop te onderzoeken in het boek Israëls terugkeer & herstel. Hieronder lees je een gratis fragment uit het boek.

De profetieën staan vol beloften over de terugkeer en het herstel van Israël. Maar hoe onderscheid je nu de vervulde, gedeeltelijk vervulde en onvervulde profetieën? In dit hoofdstuk behandelen we vijf belangrijke principes die kunnen helpen bij het bestuderen van de Bijbelse profetieën.

Principe 1: Gods grote plan als uitgangspunt nemen

Bij het uitleggen van de Bijbelse profetieën zijn we geneigd om vooral te kijken naar de huidige wereldontwikkelingen. Toch is het belangrijk om vast te houden aan het grote plan van God, ofwel aan de rode draad die loopt van Genesis tot Openbaring. In Gods plan liggen tal van profetieën en beloften opgesloten. Een deel daarvan is al vervuld; een deel wacht nog op zijn vervulling.

Door zicht te krijgen op het grote plan van God kun je profetieën veel beter plaatsen. Hierdoor voorkom je dat je ‘achterloopt’ op Gods plan, door vervulde beloften op nu toe te passen. Of dat je juist ‘vooruitloopt’ door Gods beloften omtrent het toekomstige Messiaanse Rijk op vandaag toe te passen. Wat dat laatste betreft gaat er in het Bijbels onderwijs over Israël veel mis, want veel profetieën die eigenlijk gaan over het Messiaanse Rijk worden toegepast op de huidige staat Israël.

Israëls terugkeer en herstel

Israëls herstel in Gods plan

Als we vanuit Gods plan kijken naar de terugkeer en het herstel van Israël, dan hebben we al ontdekt dat er vier grote momenten zijn voor de terugkeer van het Joodse volk. Daarbij herhalen we dat er in de tussentijd altijd Joden in het land hebben gewoond of zijn teruggekeerd.

We zetten de grote momenten nog even op een rij:

Terugkeer 1:

Onder Mozes, en later JoSinds de oprichting van de staat Israël in 1948 tot op hedenzua. De Heere gaf in Genesis 15:13-16 aan Abraham te kennen dat zijn nazaten vierhonderd jaren vreemdelingen zouden zijn in een land dat niet van hen is (= Egypte) en dat ze vandaaruit teruggebracht zouden worden naar Kanaän.

Terugkeer 2:

Na de Babylonische ballingschap, in de tijd van Ezra en Nehemia. Deze terugkeer loopt door tot 70 na Christus.

Terugkeer 3:

Sinds de oprichting van de staat Israël in 1948 tot op heden

Terugkeer 4:

In de toekomst, na de wederkomst van de Heere Jezus. Het begin van het Messiaanse Rijk.

Het is belangrijk om deze vier momenten in gedachten te houden wanneer je de profetieën over de terugkeer en het herstel van Israël bestudeert. Het feit dat Joden in onze dagen aliyah maken, betekent dus niet automatisch dat dit de vervulling is van de vele terugkeer- en herstelbeloften. Bij iedere profetische belofte is het belangrijk om te onderzoeken wat het meest logische moment is om deze als wel of niet vervuld te beschouwen. Heeft de belofte betrekking op terugkeer 1, 2, 3 of 4?

Principe 2: Let op de context

Maar hoe weet je nu over welke terugkeer de desbetreffende belofte gaat? Het antwoord op die vraag vind je altijd in de context! Zonder de context in acht te nemen, kun je de Bijbel van alles laten zeggen en tot verkeerde conclusies komen. Op grond van Psalm 14 zou je bijvoorbeeld kunnen beweren: er is geen God. De context leert echter: ‘De dwaas zegt in zijn hart: Er is geen God’ (Ps. 14:1; 53:2). Context is dus cruciaal. Ieder woord en elke tekst heeft een achtergrond, vanuit welke de betekenis moet worden verstaan. Wanneer een rechter voor zijn uitspraak maar een willekeurig en beperkt deel van de aangevoerde bewijsstukken leest en vervolgens zijn conclusies trekt, dan wordt de rechtsgang met voeten getreden.

Context is cruciaal

Toch zien we dit in het bijbelonderwijs over Israël vaak gebeuren, als bijvoorbeeld maar één afzonderlijk vers wordt aangehaald. Het is daarom belangrijk om als hoorder of lezer een bijbelvers in de context te bestuderen. Wees daarin als de Bereeërs, die ‘het Woord dat gepredikt werd met grote bereidwilligheid ontvingen’ maar ook ‘dagelijks de Schriften onderzochten om te zien of die dingen zo waren’ (Hand. 17:11). Ja, dat kost tijd en moeite, maar het helpt wel voor een goede en gedegen uitleg. En het levert ook mooie Bijbelse inzichten op.

Principe 3: Belangrijke kenmerken

Bij het bestuderen van de context is het goed om nauwkeurig te letten op de details. Verreweg de meeste terugkeer- en herstelprofetieën bevatten kenmerken die duidelijk spreken over de regering van Christus als Koning op aarde. Dus over het Messiaanse Rijk dat aanbreekt ná de wederkomst van Christus (terugkeer 4). Dat is het grote moment waar de Heere, door de hele heilsgeschiedenis heen, naartoe werkt.

Niet alleen wordt dan heel het Joodse volk verzameld en teruggebracht naar Israël, maar ook wordt dan de gebroken relatie tussen de Heere en Zijn volk volledig hersteld (Rom. 11:26-27; Micha 7:18-20). Het is dan ook vanzelfsprekend dat verreweg de meeste beloften betrekking hebben op die specifieke Messiaanse periode. Voor volk en land breekt dan eindelijk de tijd van vrede, herstel en grote welvaart aan. Elke Israëliet zal de Heere kennen en Hem dienen, niet één uitgezonderd! Deze kenmerken vind je terug in heel veel profetische beloften in het Oude Testament.

In het volgende schema vind je een aantal belangrijke verschillen tussen de huidige terugkeer naar Israël en de terugkeer na de wederkomst van Christus.

Stel bij iedere profetie vragen als: hoe handelt God in onze tijd? Welke kenmerken horen daarbij? En hoe werkt God straks in het Messiaanse vrederijk? Welke kenmerken horen daarbij?

Kenmerken van de huidige staat IsraëlKenmerken toekomstig herstelde Israël
Oorlog en voortdurende dreiging. Ieder vredesakkoord is tijdelijk en kent een ‘totdat…’.Christusregering waarvan de kenmerken recht, gerechtigheid, vrede, welvaart en vreugde zijn (Ps. 46:9; 72:7-8; Jes. 2:4; 9:6; 11:4; 35:10; 42:10; Jer. 23:5-6; Ezech. 34:23-24).
De staat Israël is opgericht en ingericht naar seculiere maatstaven.Gods wet zal uit Sion uitgaan (Jes. 2:3; Micha 4:2). Gods wet zal in hun binnenste zijn (Jer. 31:33-34).
God werkt in het verborgene.De Heere zal net als onder het Oude Verbond zichtbaar aanwezig zijn en rechtstreeks vanuit Jeruzalem over de aarde regeren. Atheïsten zullen er niet zijn en niemand zal nog vragen: waar is God? (Zach. 14:9).
Verreweg de meeste Joden keren terug op basis van niet-godsdienstige, zionistische idealen.Terugkeer, waarbij heel het volk onder rechtstreekse leiding van de Heere terugkeert (Deut. 30:2; Micha 2:13-14).  
Het land is nog grotendeels dor, woest en verdeeld.Heel het land zal worden als de hof van Eden (Ezech. 36:35).
Enkelen uit het volk kennen en dienen de Heere.Heel het Joodse volk zal de Heere kennen en dienen (Ezech. 11:19-20; 36:24-29; Jer. 30:9).

Principe 4: Belangrijke uitdrukkingen

In de profetische boeken komen we regelmatig uitdrukkingen tegen als ‘op die dag’ en ‘te dien dage’. Bij deze woorden is het belangrijk om extra alert te zijn. We worden dan bepaald bij een bijzondere tijd of bijzonder moment waarop God rechtstreeks ingrijpt en handelt met de wereld en Zijn volk Israël.

Veel van deze uitdrukkingen staan in verband met de ‘dag van de Heere’, wat veelal verwijst naar gebeurtenissen die zullen beginnen in de eindtijd. Ooit kondigde de Heere aan dat Hij Zich voor Israël zou verbergen (Deut. 31:16-18; 32:20; Micha 3:4). Als de ‘dag van de Heere’ aanbreekt treedt Hij uit Zijn verborgenheid om Zich aan Israël en de wereld te openbaren en Zijn heerschappij op aarde te vestigen. Het is dan ook geen dag van vierentwintig uur, maar een uitdrukking voor een langere periode waarin God rechtstreeks ingrijpt en handelt. Dit begint in de eindtijd met oordelen en loopt door in de wederkomst van Christus, de oprichting van Zijn Koninkrijk (het Messiaanse Rijk) en de terugkeer en het herstel van Israël.

Vandaar dat we in veel herstelteksten dezelfde uitdrukkingen tegenkomen. Neem bijvoorbeeld Amos 9:

Op die dag zal Ik oprichten de vervallen hut van David. Zijn scheuren zal Ik dichtmaken, en wat aan hem is afgebroken, zal Ik oprichten, Ik zal hem opbouwen als in de dagen van oude tijden af; … Ik zal een omkeer brengen in de gevangenschap van Mijn volk Israël. Zij zullen de verwoeste steden herbouwen en bewonen, zij zullen wijngaarden planten en de wijn ervan drinken, zij zullen tuinen aanleggen en de vrucht ervan eten’ (Amos 9:11,14).

Of Jeremia 16:

‘Daarom, zie, er komen dagen, spreekt de Heere, dat er niet meer gezegd zal worden: Zo waar de Heere leeft, Die de Israëlieten uit het land Egypte geleid heeft, maar: Zo waar de Heere leeft, Die de Israëlieten uit het land in het noorden en uit al de landen waarheen Hij hen verdreven had, geleid heeft. Ik zal hen terugbrengen in hun land, dat Ik hun vaderen gegeven heb’ (vs. 14-15).

Of Jesaja 11:11:

‘En het zal op die dag gebeuren dat de Heere opnieuw, voor de tweede keer, met Zijn hand het overblijfsel van Zijn volk zal verwerven, dat zal zijn overgebleven in Assyrië en in Egypte, in Pathros, Cusj, Elam, en in Sinear, Hamath en op de eilanden in de zee.’

Principe 5: Overeenkomsten in terugkeer

We hebben tot nu toe stilgestaan bij vier belangrijke basisprincipes: redeneer vanuit Gods grote plan, bestudeer bij iedere profetie de context, let daarbij op opvallende kenmerken en uitdrukkingen.

Maar er is nog een aandachtspunt. Aan het begin van dit hoofdstuk hebben we vier momenten op een rij gezet waarop het Joodse volk is teruggekeerd of nog zal terugkeren naar het land.

Tussen deze momenten zijn een aantal overeenkomsten te vinden. In het voorgaande hoofdstuk hebben we al even gezien dat er belangrijke parallellen zijn tussen ‘de uittocht uit Egypte’ en ‘de grote uittocht na de wederkomst van Christus’ (zie pag. 112). Deze overeenkomsten maken het soms lastiger om te ontdekken op welke terugkeer de desbetreffende belofte precies betrekking heeft.

We moeten dan extra alert zijn op de kenmerken en context.

Ik geef drie voorbeelden:

Overeenkomst 1: Terugkeer na een tijd van benauwdheid

Bij iedere terugkeer naar Israël komt het Joodse volk uit een periode van lijden.

  • Toen het volk uit Egypte trok, hadden ze jaren van zware slavernij achter de rug. De Heere had ook aan Abraham voorzegd dat zij ‘vierhonderd jaar onderdrukt zouden worden’ alvorens ze zouden terugkeren naar het land (Gen. 15:13-16).
  • Hetzelfde zien we ook bij de terugkeer onder Ezra en Nehemia. Het volk had zeventig jaar daarvoor de val van Jeruzalem en de tempel meegemaakt. De Babyloniërs hadden op een verschrikkelijke manier huisgehouden, waarbij zelfs de grijsaard niet werd gespaard (Jes. 47:6). Ook in de ballingschap heeft het volk geleden (zie o.a. Ps. 137).
  • Voor de oprichting van de huidige staat Israël (1948) vond in Europa de grootste tragedie in de geschiedenis van het Joodse volk plaats: de Sjoah. Voor Joden in Europa waren het tijden van ongekend lijden. Slechts drie jaar na deze verschrikkingen werd de staat Israël opgericht en keerden Joden van over de hele wereld terug naar het land.
  • Aan de toekomstige terugkeer van het Joodse volk, na de wederkomst van Christus, zal opnieuw een periode van lijden voorafgaan.

In de eindtijd zullen alle volken zich tegen Israël keren en zal het antisemitisme wereldwijd tot een climax komen (Zach. 12). In die periode van grote benauwdheid zullen ze de Naam van de Heere aanroepen, waarna Jezus de Messias zal terugkeren om Zijn volk te verlossen en te verzamelen vanuit de hele wereld (zie hoofdstuk 6).

Bij alle keren dat het volk terugkeert naar het land, komen ze dus uit een periode van lijden. In veel terugkeer- en herstelteksten vind je dat ook terug.

Deze profetieën kunnen we niet zomaar klakkeloos toepassen op 1948

Neem bijvoorbeeld Zefanja 3:14-20 waar de Heere spreekt over een tijd dat Hij Israël zal terugbrengen naar het land. Vaak wordt vers 19 eruit gelicht: ‘Ik zal verlossen wie mank gaat, bijeenbrengen wie verdreven is.’ Het mank terugkeren zou volgens sommige uitleggers betrekking hebben op de terugkeer van het Joodse volk sinds de Sjoah (zie ook Micha 4:6).

Of neem de eerdergenoemde profetie uit Ezechiël 37, het dal met de dorre doodsbeenderen die verzameld worden en tot leven komen.

Hebben deze bijbelteksten betrekking op de huidige terugkeer van het Joodse volk en heeft het ‘mank gaan’ en ‘dorre doodsbeenderen betrekking’ op de Sjoah?

Of gaan ze ten diepste over de terugkeer na de wederkomst van Christus? Want ook in de eindtijd zal er voor Israël een lijdensperiode aanbreken, die eindigt in de wederkomst van Israëls Messias en de wereldwijde bijeenverzameling van het Joodse volk. Wat leert de context? (zie pag. 168 en 218)

Overeenkomst 2: Opbouw van het land

Bij iedere terugkeer van het volk is het land over het algemeen dor en verwoest en wordt het opnieuw opgebouwd.

  • Als het Joodse volk in de tijd van Ezra en Nehemia terugkeert, dan zijn Jeruzalem en de tempel verwoest door de Babyloniërs. Het land moet opnieuw worden opgebouwd.
  • Als vanaf 1881 het zionisme op gang komt, en er steeds meer Joden terugkeren naar Israël, is het land overwegend dor en woest. We kunnen dit uiteraard niet vergelijken met de situatie zoals Ezra en Nehemia het hebben aangetroffen. Maar de eerste Joodse pioniers hebben moerassen blootgelegd, woeste gronden ontgonnen en het land verder opgebouwd. Vooral de eerste generatie heeft daarin ongekende prestaties geleverd.
  • In het vorige hoofdstuk hebben we gezien dat er aan het begin van het Messiaanse Rijk opnieuw een periode van herstel zal zijn. Onder ‘de mens van de wetteloosheid’ (2 Thess. 2) zal er in de eindtijd nog veel worden verwoest. Vooral Jeruzalem zal het epicentrum van verwoesting en verschrikking zijn (Zach. 12-14). Na Christus’ wederkomst zal er in Israël dus opnieuw een periode aanbreken waarin de puinhopen worden opgebouwd en het land hersteld wordt. Zoals we eerder hebben gezien, zal dan ook de natuur een grote metamorfose ondergaan, plekken als de woestijn en de Dode Zee zullen zelfs spontaan tot leven komen (Ezech. 47:9).

Het is dus niet verwonderlijk dat veel terugkeer- en herstelprofetieën gepaard gaan met vooruitzichten van herbouw en herstel.

Deze profetieën kunnen we niet zomaar klakkeloos toepassen op 1948. Denk in dit verband aan de bekende woorden uit Jesaja 35 over ‘de woestijn die zal bloeien als een roos’. Vaak wordt deze tekst betrokken op het werk van de eerste zionisten, die het land hebben bewerkt en gaandeweg de land- en tuinbouw hebben ontwikkeld. Maar opnieuw: wat leert de context ons? (zie verder pag. 157).

Of neem bijvoorbeeld Ezechiël 36 waar gesproken wordt over ‘de steden die weer bewoond zullen worden en de puinhopen die worden herbouwd’ (vs. 4,10,33). Gaat het hier over de opbouw van de huidige staat Israël (1948) of leert de context iets anders en is het nog profetisch? (pag. 128)

Overeenkomst 3: Terugkeer, daarna heiliging

Een derde belangrijke overeenkomst waarbij het volk terugkeert naar het land, is dat het volk een proces van heiliging en reiniging moet ondergaan.

  • We hebben in hoofdstuk 2 gezien dat het volk onder Mozes in eerste instantie Kanaän niet in mag vanwege haar ongeloof (Num. 14:33-35; Hebr. 4). Liefst veertig jaar moeten ze wachten in de woestijn. Pas nadat de ‘Egypte-generatie’ is overleden, trekken ze onder leiding van Jozua door de Jordaan. En dan wordt bij de plaats Gilgal ‘de smaad van Egypte’ afgewenteld (Joz. 5:9).
  • Als het Joodse volk onder Ezra en Nehemia terugkeert, en jaren later de komst van Heere Jezus als beloofde Messias aanstaande is, wordt het volk door Johannes de Doper voorbereid op Zijn komst. Opnieuw vindt er een heiligingsproces plaats waarbij het Johannes’ opdracht is om ‘velen van de Israëlieten te bekeren tot de Heere, hun God… en voor de Heere een toegerust volk gereed te maken’ (Luk. 1:16-17). Zijn prediking bij de Jordaan wordt gevolgd door de doop, waarbij de zonden worden beleden en afgewassen (Matt. 3:5-6; Luk. 3:3).
  • In de toekomst zal de Heere opnieuw Zijn volk in een heiligingsproces leiden. Ze zullen in ‘de woestijn van de volken’ worden verzameld, gereinigd en in de band van het verbond worden gebracht (zie hfst. 7). Na dit proces zullen ze onder leiding van de Heere voor eeuwig het land binnengaan (Ezech. 20; Micha 2:12-13).

In veel bekende Messiaanse profetieën is te lezen dat het volk in ongeloof terugkeert, en daarna geheiligd en gereinigd wordt. Een voorbeeld daarvan vinden we in Ezechiël 36, waar we lezen:

‘Ik zal u uit de heidenvolken halen en u uit alle landen bijeenbrengen. Dan zal Ik u naar uw land brengen. Ik zal rein water op u sprenkelen en u zult rein worden. Van al uw onreinheden en van al uw stinkgoden zal Ik u reinigen. Dan zal Ik u een nieuw hart geven en een nieuwe geest in uw binnenste geven. Ik zal het hart van steen uit uw lichaam wegnemen en u een hart van vlees geven’ (Ezech. 36:24-26).

Vaak wordt deze profetie in tweeën geknipt. De gedachte is dan dat de Heere sinds 1948 het hele Joodse volk verzamelt. In de volgende fase zal de Heere rein water over hen sprenkelen.
Maar bedenk nogmaals: we hebben nu te maken met een gedeeltelijke terugkeer.
Na Christus’ wederkomst zal echter heel Israël verzameld worden. Pas daarna vindt er een periode van heiliging en reiniging plaats en zal de Heere hen een nieuw hart geven en een nieuwe geest in hun binnenste. Of deze profetie dus betrekking heeft op het heden of op de (nabije) toekomst, we weten nu het antwoord (zie pag. 128).

Lees de inhoudsopgave en inleiding van het boek Israëls terugkeer en herstel in deze pdf. 

Christian Stier (1986) is directeur van Stichting Israël en de Bijbel. Deze organisatie verspreidt sinds 1969 wereldwijd Bijbels onder het Joodse volk, met het verlangen dat Joodse mensen in dit kostbare Boek hun Messias ontmoeten. De stichting werkt daarin samen met Bijbelgenootschappen en Messiasbelijdende Joden, en geeft ook zelf Bijbels uit voor specifieke Joodse doelgroepen. Christian geeft, namens de stichting, onderwijs over de Bijbelse profetieën en Gods plan met Israël.


Christian Stier. Israëls terugkeer en herstel. Tijd voor herbezinning op de profetieen. Uitgeverij: Hoornaar, Gideon, 2025. 240 pp. € 22,50. ISBN 9789059992955.

Meer lezen


  1. L. B. van de Kamp, “Messiasverwachtingen in de staat Israël,” Profetisch Perspectief, nr. 69 (2010): 48-51. ↩︎

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken