Pleidooi voor een kerk die zich inzet voor rechtvaardigheid
Er is veel nood in de wereld, en ook vlakbij in onze eigen samenleving. Aan die nood willen we als kerken graag wat doen. Maar barmhartigheid alleen is ‘dweilen met de kraan open’ als we niet tegelijk aan rechtvaardigheid werken, actie voeren zelfs. Vanuit de Pauluskerk in Rotterdam komt die dubbele aanbeveling.
Elke kerk doet wel iets aan barmhartigheid. Dat is belangrijk en de moeite waard. Maar als er ondertussen niets wordt gedaan aan het systeem dat onbarmhartigheid veroorzaakt, is het dweilen met de kraan open. Daarom moet de kerk zich niet alleen inzetten voor barmhartigheid, maar ook voor rechtvaardigheid.
Creatief met corona
Het was Hemelvaartsdag 2020. In plaats van een fysieke kerkdienst waren we veroordeeld tot een digitale uitzending. Het was immers de coronatijd, en het einde van de eerste lockdown was nog niet in zicht. Een vrijwilliger kwam op een idee: laten we eens wat extra’s doen, in deze eenzame tijd waarin we elkaar niet kunnen opzoeken. Als de mensen niet naar de kerk kunnen, dan moet de kerk maar naar de mensen komen.
Zo kwam het dat een groep vrijwilligers al vroeg in de kerk aanwezig was om bijna 100 papieren tasjes te vullen, met een feestelijk (‘hemels’) ontbijt. Die zouden we gaan langsbrengen bij kwetsbare kerkgangers en buurtbewoners. Niet alleen een aantal vaste kerkvrijwilligers, maar ook enkele studenten uit de buurt hielpen ons daarbij. Met aan weerszijden van mijn stuur vijf ontbijttasjes stapte ik op de fiets.
De kerk is niet op aarde voor zichzelf, maar om het goede nieuws te brengen aan iedereen
Eén van de ontmoetingen aan de deur zal ik nooit vergeten. Een dementerende vrouw van ongeveer 90 jaar deed open. ‘Ach, dominee, wat fijn u weer eens te zien! Komt u toch binnen voor een kopje koffie! U bent er nu toch!’ Ik kon haar nog zo vaak uitleggen dat ik niet naar binnen kon, vanwege de coronamaatregelen en ook omdat ik haast had – de digitale kerkdienst zou zo beginnen – ze begreep het niet. Of misschien wílde ze het gewoon niet begrijpen. Het was een feestelijke ontmoeting, en schrijnend tegelijk.
Barmhartigheid en rechtvaardigheid
Het was één van de vele activiteiten die we vanuit de kerk organiseerden met en voor de buurt. Zo lever je niet alleen een mooie bijdrage aan het samenleven, maar ontdek je ook de praktische betekenis van je geloof. De kerk is immers niet op aarde voor zichzelf, om haar eigen zielenheil of om haar hachje te redden in de moderne tijd. De kerk is op aarde om het goede nieuws te brengen voor iedereen.
Er zijn verschillende manieren om dat te doen. Twee van de belangrijkste sleutels zijn barmhartigheid en rechtvaardigheid. Iedere kerk doet wel iets aan barmhartigheid, desnoods alleen maar in een kleine kring. Maar rechtvaardigheid, dat kan nog wel wat meer aandacht gebruiken. Dat is de stelling die ik in dit artikel zal verdedigen.
Waarom niet alleen barmhartigheid, waarom ook rechtvaardigheid? Toen Mozes bij de brandende braamstruik door God geroepen werd, werd hij door God betrokken bij zijn missie om zijn volk te redden uit de slavernij (Exodus 3). Hij kreeg niet de opdracht om brood uit te delen of de wonden te verzorgen, maar om het onderdrukkende systeem te doorbreken – een opdracht van God zelf.
Toen de profeet Zacharia tot de priesters en de leiders van het volk sprak, spoorde hij hen aan om recht te spreken en goed te zijn voor wezen, weduwen, vreemdelingen en armen. Deze inzet vinden we terug bij alle grote profeten. En ook Jezus was het niet louter te doen om een aalmoes voor de enkeling. De komst van het Koninkrijk van God vraagt om fundamentele verandering.
Rechtvaardigheid in de Pauluskerk
Barmhartigheid is altijd goed, zelfs of misschien wel juist als het plaatsvindt in het verborgene. Maar rechtvaardigheid vraagt om een grotere reikwijdte. Rechtvaardigheid geldt voor iedereen. Als er maar één mensenkind wordt buitengesloten, dan heeft dat gevolgen voor ons allemaal.
Barmhartigheid wordt hier vanouds gekoppeld aan inzet voor rechtvaardigheid
In de Pauluskerk in Rotterdam leven we van barmhartigheid. Kerken en donateurs uit het hele land ondersteunen ons werk, en zonder de inzet van bijna 200 vrijwilligers zou het ook al niet veel voorstellen. Maar het aardige van de Pauluskerk in Rotterdam is dat barmhartigheid hier vanouds wordt gekoppeld aan de inzet voor rechtvaardigheid. Je kunt immers iedere dag boterhammen smeren voor mensen die dakloos geworden zijn. Maar als er steeds nieuwe dakloze mensen bij komen, dan los je daarmee het probleem niet op. Je helpt de grootste slachtoffers alleen maar om het iets beter vol te houden in de goot.
Actie voeren vanuit de kerk
Zo trok dominee Hans Visser eens met een stoet drugsverslaafden naar de publieke tribune van de gemeenteraad. Op die wijze maakte hij aan gemeenteraadsleden kenbaar dat het gewone mensen waren, over wie zij een besluit moesten nemen.
Drugsverslaafden hadden een gebruikersruimte in de Pauluskerk, met een heuse huisdealer. En voor dakloze prostituees liet dominee Visser caravans komen, zodat ze niet op straat hoefden te slapen. Zo zette hij vanuit de kerk de maatschappelijke problemen op de politieke kaart. Later werd onder leiding van dominee Couvee de bed-bad-broodregeling uitgedacht. Van dominee Visser werd gezegd dat hij meer invloed had in de gemeenteraad dan de burgemeester van de stad. Dat was niet omdat hij er zoveel aardigheid in had, maar omdat het nodig was om iets te veranderen in de positie van gemarginaliseerde bewoners van de stad. Hij was pleitbezorger van een rechtvaardig systeem. Alleen zo kun je langdurig verschil maken voor groepen mensen die worden buitengesloten uit de maatschappij.
Actie voeren doen we nog steeds. De mooiste momenten van mijn eerste jaar in de Pauluskerk waren de Recht op Rust-acties, waarbij we voor één nacht een tentenkamp bouwden op een zichtbare plek in de stad. Bijvoorbeeld op het Stationsplein bij het Centraal Station, of pal voor het Stadhuis. Daarmee realiseerden we voor even de nachtopvang voor dakloze mensen die de gemeente nalaat te organiseren.
Het was nodig iets te veranderen aan de positie van gemarginaliseerde bewoners van de stad
De druk opvoeren
Zulke acties trekken veel aandacht. Van voorbijgangers op straat, van politici en ambtenaren, van kranten en de radio, en op de sociale media. Sommige voorbijgangers gaan spontaan boodschappen doen om ons te sponsoren. Omwonenden komen koffie langsbrengen, en anderen melden zich aan als vrijwilliger of sympathisant. Deze manier van actievoeren is zelf een vorm van barmhartigheid. We delen immers eten uit, en wie dakloos is krijgt een plek in een tent.
Maar het belangrijkst aan zulke acties is dat ze de druk opvoeren op de beslisbevoegden in de maatschappij. Op politici, bestuurders, ambtenaren en opiniemakers. Zo kan de kerk bijdragen aan een meer rechtvaardige weten regelgeving. De inzet van de kerk werkt als hefboom voor rechtvaardigheid.
Ook publieke voorlichting is een belangrijk punt. Veel mensen weten bijvoorbeeld niet dat de daklozenopvang in de meeste gemeenten allerlei voorwaarden kent. Daardoor slapen duizenden mensen in Nederland onder een viaduct, in een auto of bij een vage kennis op de bank. Dit terwijl er gewoon plek is in de lokale nachtopvang. ‘Je gaat het pas snappen als je het ziet’, zei Johan Cruijff ooit, en daarom is het belangrijk om te zeggen waar het op staat.
Samen verantwoordelijkheid nemen
Dat dit niet alleen voor de grote steden telt, maar ook voor dorpen en provinciesteden, wijst de Ethos Light telling uit. In de regio Noordoost-Brabant werden vorig jaar maar liefst 1498 daken thuisloze mensen geteld. Vroeger dacht ik dat Nederland betrekkelijk goed en rechtvaardig was georganiseerd. Sinds ik in de Pauluskerk werk, weet ik wel beter.
Er is ook goed nieuws. Veel gemeenteraadsleden, wethouders en ambtenaren willen hier iets aan veranderen. Organisaties die in de opvang van daken thuisloze mensen zitten, zoals het Leger des Heils, willen dat ook. Maar de landelijke en lokale overheden trekken er niet voldoende geld voor uit, en er is een enorm tekort aan sociale huisvesting.
Actie voeren kan politiek gevoelig liggen, buiten de kerk, maar ook in eigen kring
Deze problemen zijn niet op te lossen door barmhartigheid. Ze vragen om inzet voor rechtvaardigheid. Hier ligt een verantwoordelijkheid voor de kerk. Dat mogen we niet verwaarlozen.
En de krimp dan?
Veel lokale kerken hebben wel iets anders aan hun hoofd. Het is niet te ontkennen dat we te maken hebben met ernstige en langdurige krimp. Daardoor staat de kerkelijke organisatie onder druk. Veel ambtsdragers zijn al blij als ze de boel een beetje gaande kunnen houden, en kunnen blijven doen wat de kerk nu eenmaal doet. Voor nieuwe initiatieven is altijd te weinig tijd. Daarnaast kan actie voeren ook nog eens politiek gevoelig liggen: niet alleen buiten de kerk, maar ook in eigen kring.
In oktober verscheen het boekje Krimp, waarin ds. Gerrit van Dijk en ondergetekende uitgebreid ingaan op het krimpproces dat de kerken in zijn greep gekregen heeft. We betogen dat kerk-zijn in onze tijd betekent, dat je geduldig moet zijn. Het is wachten op een nieuw begin en je vasthouden aan de hoop op een nieuw begin. Er zijn al genoeg quick fixes uitgeprobeerd. Dat gaat niet werken. We blijven dan ook weg van snelle oplossingen.
Maar we hoeven natuurlijk ook weer niet op onze handen te gaan zitten. Of je nu een eenvoudige brievenactie organiseert met Amnesty International, een brief stuurt aan de gemeenteraad over de opvang van asielzoekers of een heel nieuw diaconaal centrum opricht: de kerk is geroepen tot barmhartigheid én rechtvaardigheid. De Pauluskerk gaat daarin voorop, en zal dat ook blijven doen. Maar ten diepste is dit een roeping en een verantwoordelijkheid voor ons allemaal.
Martijn van Leerdam is sinds 2023 predikant-directeur van de Pauluskerk te Rotterdam. Van 2010 tot 2023 was hij gemeentepredikant in Maassluis en Amsterdam.
Krimp
Gerrit van Dijk en Martijn van Leerdam, Krimp. Waarom de kerk naar de haaien gaat, maar wij toch hoopvol zijn, KokBoekencentrum, Utrecht 2023, 160 blz.
