Menu

Premium

Preekschets Israëlzondag

Deuteronomium 6:1-3

Open Bijbel op kansel

Dit zijn de geboden, wetten en regels die ik u in opdracht van de HEER, uw God, moet leren en die u moet naleven in het land aan de overkant, dat u in bezit zult nemen.
(Deuteronomium 6:1 NBV21)

Liturgisch kader

In verband met Israëlzondag zoeken we naar de verbinding met de God van Israël, die ook ónze God is. Dit ook in vergelijking met Romeinen 11, waar duidelijk wordt gemaakt hoezeer wij zijn geënt door Jezus Christus op de wortel van Israël. Geen wet maar richtlijnen om mee te leven. Uit genade.

  • Thora: Deuteronomium 6:1-3 en 10:12-22
  • Nieuwe Testament: Romeinen 11 en 12:1-2, Johannes 15:9-12, 16 en 17

Uitleg

Deuteronomium is een heel oud boek: mogelijk al teruggaand op de tijd van Mozes. Nieuwere uitleggers plaatsen het boek in de tijd van of kort na de Babylonische ballingschap, met verwijzingen naar oudere orale of schriftelijke bronnen; in ieder geval in een tijd van crisis en het zoeken van identiteit als Gods uitverkoren volk. Het is het boek van de herhaling van de wet; dat betekent deze naam ‘Deuteronomium’ trouwens ook.

In het Hebreeuws begint het boek met de woorden: ‘élleh haddebarim’; ‘Dit zijn de woorden’. De formule waarmee elk contract in de antieke wereld van het Eerste Testament tussen een koning en zijn vazal begint. Zo’n contract behelst de achtergrond van het contract, algemene contractregels, bijzondere gedragsregels, geldig alleen voor de vazal, en verbonds-specifieke regels: wat is nodig om het contract zijn geldigheid te laten bewaren? Er moeten ‘goddelijke’ getuigen zijn en er zijn zegeningen en vloeken, voor wat gebeurt als er contractbreuk is gepleegd. Zo ontving Israël zijn regels en wetten, allemaal beschreven in de eerste vijf boeken van de Bijbel, de Thora; daarin klopt tegelijkertijd het hart van de Joodse eredienst. Deuteronomium gaat verder dan alleen het beschrijven van een aantal regels. Deuteronomium beschrijft het hart van het verbondscontract: niet alleen regels, maar bovenal een relatie: hoe mensen met de Heer dienen om te gaan. Vandaar ook dat het voorgaande stukje van ons tekstgedeelte gaat over herstel en vergeving na het bekende verhaal over het gouden kalf, dat de Israëlieten hadden laten maken om te aanbidden, geheel in overeenstemming met de vruchtbaarheidscultus in het Midden-Oosten in die tijd. Israël wordt aan deze gebeurtenis herinnerd, kort voordat ze de Jordaan overstaken, en aan de trouw van de Eeuwige! Als het Eerste Testament zijn huidige vorm krijgt ten tijde van de ballingschap, zal dit verhaal ongetwijfeld een grote rol hebben gespeeld: die ballingschap was niet voor niets een oproep tot omkeer en geen vernietiging van het volk. Telkens en telkens weer opnieuw valt Israël in de oude fout en loopt het goden na die met de Heer niets van doen hebben.

De tora toonkast in Trinity International University
Toonkast met Thorarol in Trinity International University. Bron: Taylor Flowe via Unsplash

De kern is dus een relatie. In tegenstelling tot andere contracten in de antieke wereld gaat dit contract uit van trouw en vriendschap. Het Hebreeuws beschrijft dit dan ook als de besnijdenis van het hart: in het gedrag is zichtbaar wie men dient en door wie iemand wordt bemind. Het taalgebruik dat hier wordt gehanteerd in vers 12 en 13 is bijna hetzelfde taalgebruik dat ook in een Joodse huwelijksformule tussen man en vrouw voorkomt.

Kern is daarin het woord ule-ahabah, ‘liefhebben’ en ‘wederzijds dienen’ (we-alabod). Die liefde is uiterlijk zichtbaar door de wijze waarop iemand omgaat met wees, weduw en vreemdeling, alle drie categorieën die in het volksgeloof werden gezien als ‘straf van God’ of ‘onrein’ vanwege het mogelijk contact met afgoden van heidenen: dezen werden geschuwd (!) Hier kan ook verwezen worden naar ons gedrag en onze persoonlijke en soms ook politieke werkelijkheid.

Hier wordt echter opgeroepen tot gastvrijheid en tot barmhartigheid. Ook veel andere wetten hebben alles te maken met Gods liefde voor zijn volk en het gedrag van het volk dat uit die liefdesrelatie (achav en chesed) voortvloeit. Vers 20 schrijft zelfs dat we ons aan die Eeuwige zullen hechten; ook dat is huwelijkstaal, dat voorkomt bij een huwelijkscontract waar man en vrouw zich aan elkaar hechten. Dat gaat dus veel verder dan een koningscontract tussen een groot vorst en zijn vazal!

De Heer wil met ons omgaan als zijn partner, ook al is de erkenning dat Hij Koning is van hemel en aarde. Een innerlijke relatie met de Heer telt dus meer dan uiterlijk vertoon, hoezeer ook dat uiterlijke symbool is van de band tussen God en zijn volk. Het is die innerlijke band die uiteindelijk Gods liefde zichtbaar maakt en zijn trouw, praktisch ingevuld door die barmhartigheid o.a. jegens de vreemdeling! Alle riten dienen dat doel en niet andersom. Romeinen 12 spreekt ook over gedragsverandering en een levenshouding die geraakt wordt door Christus, de Zoon van God, die liet zien hoe die relatie tussen God en mensen in liefde en vrede wordt geuit. Ook daar weer die taal van een contractbrief en de taal van aansporing, nauw aansluitend bij dat Eerste Testament. Zo spreekt ook Romeinen 12 over liefde: die liefde sluit de gaven voor de gemeente in, die immers zijn gegeven tot opbouw. In de wijze van omgang laat iemand zien wie God is. Niet voor niets gaat het over God die geeft en de mens die zich uit naar de gave van de Heer ontvangen. Zo was het in het Eerste Testament harte zaak, zo was het harte zaak bij de Heer; en zo worden wij in navolging daarvan geroepen om in praktijk te laten zien wie Hij is.

We leven in een tijd waarin de vragen van Israël en de oproep van de Heer in Deuteronomium en Romeinen weer brandend actueel is geworden. Denk maar aan de vluchteling onder ons, misschien wel mensen die we niet helemaal vertrouwen.

Er kan dus bij die lezing uit Deuteronomium veilig verwezen worden naar Romeinen 11 en 12. Immers, Paulus, als Jood, heeft de Thora grondig gekend en verwijst er ook naar. Maar zowel Jezus als Paulus schoffelen het wetticisme onderuit; echter zonder die richtlijnen aan te tasten. Ons gedrag verwijst ernaar (de ‘besnijdenis van het hart’ is belangrijker dan het lichamelijk teken!). Zo vervolgde Paulus de gemeente, zo riep de Heer hem, ook al werd Paulus door veel navolgers van de Heer gewantrouwd.

Actualiteit

  1. Natuurlijk is Israël als staat ook onder kritiek te plaatsen. We kunnen voor de parallel tussen vroeger en nu veilig verwijzen naar talloze plaatsen in zowel Thora als de Profeten. De ballingschap laat Gods beschermende hand zien. God laat zijn volk niet vallen, maar het land is geen garantie. Vrijheid en vrede zijn vruchten van een gedrag van veiligheid voor de minsten, ook naar de vreemdeling toe. Mijns inziens is solidariteit met Israël een opdracht, alleen al vanwege het feit dat we wekelijks uit een Joods geschrift preken! Dat Boek is Gods Woord en mensenwoord tegelijkertijd. Als mensen die genadig door Jezus Christus zijn geënt op Israël en niet andersom. In onze eigen samenleving zijn de heilloze gevolgen te zien van het recht van de sterkste, o.a. door uitholling van sociale vangnetten, teken van een beschaafde samenleving.
  2. Nog onlangs las ik een themanummer van de ‘Groene Amsterdammer’ uit 2016 (toen al!) over de groeiende kloof tussen blank en gekleurd, tussen laag- en hoogopgeleiden en ook een groeiende kloof in salariëring, alle mooie beloften van de overheid ten spijt, en gezien de huidige internationale maatschappelijke en economische ontwikkelingen waarschijnlijk ook niet meer waar te maken. Juist nu worden we opgeroepen om ons te bekeren, zoals het oude Israël zich afkeren moest van afgoden en onrecht en toekeren naar recht en vrede, vanuit het hart. Is het niet opvallend dat Jezus ons zijn vrienden noemt, als we doen wat Hij gebiedt? Dat is liefhebben! Ook in deze maatschappij van ontwaarding en ontrechting.
Groep mensen bij elkaar bij zonsondergang bij water
We worden opgeroepen om recht, liefde en vrede te verspreiden. Bron: Mario Purisic, via Unsplash

Zo had de Heer Hij ons lief en deed de Wet naar haar uiterste bedoeling: ten behoeve van ons. Zo worden we opgeroepen om recht, liefde en vrede te verspreiden. Daarvoor ontvangen wij gaven: om de vruchten van Gods liefde uit te delen. Joden en christenen, en trouwens ook moslims, verwachten herstel aan het einde der tijd. Onze worsteling om te leren liefhebben is voorteken van het Rijk dat komt, de Heer die ons heeft verlost; dat rijk zal uiteindelijk dood en verdriet overwinnen. Juist in onze onmacht en gebrokenheid mogen we beseffen dat we geënt zijn op die oude wortel van Israël: die oproep om alleen de Heer te dienen, Hem te vrezen en door zijn liefde barmhartig en rechtvaardig en vol vrede in Gods wereld te staan. Actualiteit en zichtbaarheid van Deuteronomium in het hier-en-nu, bij jood en christen zichtbaar in hoe we met elkaar omgaan.

Liturgische aanwijzingen

  • Op kerkenisrael.nl (Christelijk gereformeerde kerken) vind je allerlei gebeden, liturgische aanwijzingen. Net als op de site van de PKN en op de themapagina over de Israëlzondag.
  • Joodse belijdenis met trinitarisch slot: lied 193 ‘De leven God’, Evangelische Liedbundel e.a. Israëlliederen
  • Liefste lied van overzee, deel I, lied 29 en 33
  • Tussentijds 94
  • Het verdient aanbeveling om de Aäronische zegen te geven.

Johan Lotterman is gepensioneerd voorganger van de Vrije Evangelische Gemeente Beverwijk en van Luthers Zeist.

Geraadpleegd

  • Craigie, ‘Deuteronomy’ (serie NICOT), 1976, Eerdmans Grand Rapid
  • Labuschagne, Deuteronomium, deel I (serie Prediking OT), 1973, Callenbach
Kaart van Israël

Meer materiaal voor de Israëlzondag raadplegen? Op een speciale themapagina hebben we relevant materiaal voor je bij elkaar gezet.

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken