Menu

Filters

Auteur

Hoofdthema

Pleinen

Soort materiaal

Andere bronnen

Premium

Tomas twijfelt niet

Het is een opvallend verschil tussen Johannes en de andere evangeliën: alleen Johannes maakt melding van de wonden van de Verrezene. Matteüs en Marcus zeggen daar niets over. Bij Lucas toont de Verrezene zijn handen en voeten (24,39-40), zoals Hij bij Johannes zijn handen en zijn zijde toont (20,20). Maar alleen Johannes noemt daarbij ook de wonden (20,25.27). De reden is dat Johannes op een heel eigen manier reageert op het in zijn tijd dominante ideaal van het mooie en ongeschonden lichaam. Als je dat weet, begrijp je Tomas beter.

Premium

Méér dan een pelgrim

Voor de christengemeenschap rond Marcus is het duidelijk: Jezus als de Gezalfde van God (1,1) verkondigt de nabijheid van het Rijk Gods (1,14). Dit kan gemakkelijk verkeerd begrepen worden door een volk dat verdrukt wordt door de Romeinen, en hoopt dat er van Godswege bevrijding zal komen. Marcus beschrijft Jezus niet als een aardse koning die met geweld de strijd tegen de Romeinen zal aangaan. Hij ziet Jezus als de Mensenzoon, een lijdende dienaar, die als nederige koning Jeruzalem binnenkomt op een veulen, en zich laat zalven voor zijn begrafenis.

Premium

In woord én daad

Marcus 1,29-39 bestaat uit een aantal korte scènes uit het begin van Jezus’ ‘openbare optreden’: de genezing van de schoonmoeder van Simon (Petrus), algemene genezingen in de stad, Jezus die zich terugtrekt voor gebed, en een tournee van verkondiging en exorcisme in heel Galilea. Er zit een ritme in de tekst: het zijn telkens vignetten met een gedetailleerde interactie tussen Jezus en anderen, gevolgd door een groter verhalend gebaar. Marcus laat hiermee een stukje vertelkunst zien: via de vignetten toont hij de inhoud van Jezus’ algemene optreden, terwijl het algemene optreden de omvang aangeeft van wat Jezus doet.

Premium

Leven onder Mozes’ opvolger

In de oudtestamentische lezing van deze vierde zondag na Epifanie wordt een opvolger van Mozes uit Israël beloofd, een opvolger die in de naam van de Eeuwige zal spreken. Marcus presenteert Jezus in een van de eerste scènes in zijn evangelie als een jood uit Nazaret wiens nieuwe leer gezag heeft; hogere machten gehoorzamen Hem. Hij is degene die in de naam van de Allerhoogste komt. Paulus besteedt aandacht aan een vraagstuk dat ontstaat onder de aanhangers van Mozes’ opvolger.

Premium

Het licht (ver)schijnt ook voor de volkeren

In Psalm 72,10-11 wordt verteld dat koningen uit de volkeren zullen neerbuigen voor ‘de koning(szoon)’ met geschenken. In Jesaja 60,3.6 wordt verteld hoe de volkeren naar Sions stralende licht komen met hun koningen en met goud en wierook. In Matteüs 2 gaat het echter niet over ‘koningen’, maar over ‘wijzen’ of ‘magiërs’ die achter het licht van een ster aangaan om een pasgeboren koningskind te vinden. Maar zonder de Schrift komen ze er niet. Ook Paulus betrekt de volkeren erbij (Ef. 3,1-12).

Nieuwe boeken