Na een lezing over Laudato si’ stak een man zijn hand op. Halverwege de dertig, schatte ik. “Als je het over ecologie hebt, moeten we het ook weer eens over vasten hebben.” Hij zei het zonder ironie. De veertigdagentijd was voor hem geen folkloristische traditie, maar een oefening in matiging. Veertig dagen nee zeggen tegen tussendoortjes, webshops, social media en andere verleidingen van de consumptiemaatschappij. “Vasten leert je wat echt belangrijk is,” vond hij. “En die oefening hebben we in onze samenleving hard nodig.” Hij is niet de enige. Het afgelopen jaar gaf ik diverse lezingen, en opvallend vaak viel na afloop het woord ‘vasten’. Alsof mensen intuïtief aanvoelen dat de ecologische crisis niet alleen vraagt om nieuwe technologie, maar ook om begrenzing van onze verlangens.