Samen werken aan een saamhorige kerk
In dit themanummer gaat het over mensen met een verstandelijke beperking. Aan de PThU wordt onderzoek gedaan naar hoe zij opgenomen worden in de plaatselijke kerkelijke gemeenschap. Of andersom: hoe de kerkelijke gemeenschap probeert inclusief te denken, saamhorig te zijn. Twee onderzoekers vertellen…
Een saamhorige kerk is een kerk waarin mensen zich op elkaar betrokken voelen, waarin mensen eensgezind hun idealen nastreven en solidair zijn met elkaar. Vanuit een missionair of diaconaal perspectief is de kring van kerkmensen niet strak omlijnd, maar is die kring poreus: de gemeenschap staat open voor anderen. Voelen mensen met een verstandelijke beperking zich binnen de kring staan of erbuiten? Zetten kerken zich actief in om mensen met een verstandelijke beperking op te nemen in de gemeenschap als volwaardige leden?
Om deze vragen te bestuderen heeft de Protestantse Theologische Universiteit (PThU) een plek gecreëerd, de Onderzoeksplaats Sociale Inclusie en Levensbeschouwing van mensen met een verstandelijke beperking. Dr. André Mulder is de onderzoeker op deze onderzoeksplaats. Inmiddels heeft hij gezelschap gekregen van Willemijn Koivunen die 4 jaar lang met deze thematiek aan de slag gaat in een promotieonderzoek. André en Willemijn stellen zich hieronder aan u voor.
Voelen mensen met een verstandelijke beperking zich binnen de kring staan of erbuiten?
Onderzoeksplaats PThU
André Mulder introduceert zichzelf: In 2020 moest ik op zoek naar een nieuwe baan. Mijn werk als lector Theologie en Levensbeschouwing op de Hogeschool
Windesheim in Zwolle liep na 12 jaar aan het eind van 2020 af. In die 12 jaren heb ik veel onderzoek mogen doen naar zogeheten kwetsbare groepen mensen: jongeren in de jeugdzorg, mensen met dementie, en bijvoorbeeld mensen die ‘uitbehandeld’ zijn in de psychiatrie. Ook heb ik samen met collega Ruth Hessel onderzocht hoe in jodendom, christendom en islam omgegaan wordt met mensen met een lichamelijke beperking.
Uit dit laatste onderzoek bleek dat er binnen deze godsdiensten in de heilige boeken van Torah, Bijbel en Koran zowel positieve als negatieve teksten te vinden zijn over mensen met een beperking. Positief als er geloofsregels of verhalen zijn die mensen insluiten, bijvoorbeeld de regel dat je voor een blinde geen struikelblok mag leggen; negatief als afdwalen van God wordt vergeleken met blindheid of doofheid bijvoorbeeld.
Ook in de geloofspraktijken zijn dit soort tegenstellingen te vinden: enerzijds stralen veel geloofsgemeenschappen uit dat ze goed voor mensen met een beperking willen zorgen, bijvoorbeeld door letterlijk de drempels uit de kerk of moskee te slopen. En anderzijds blijkt dat veel mensen met een beperking zich toch niet echt serieus genomen voelen, doordat ze vaak anders behandeld worden dan mensen zonder handicaps. De verhalen en inzichten zijn te lezen in het boekje Gewoon of beperkt? Hoe jodendom, christendom en islam omgaan met mensen met een handicap (Meinema 2014).
Toen ik op de drempel stond van een nieuwe baan had ik het gevoel dat mijn werk op dit thema nog niet af was. We hadden wel verhalen en ervaringen van mensen met een lichamelijke handicap, maar hoe zit het dan met mensen met een verstandelijke beperking? Mijn gevoel was dat de aandacht van kerken voor deze groep – als je het al als één groep kan zien, want mensen zijn onderling heel verschillend – aan het verminderen was. Is die indruk terecht? Hoe zou dat komen? En zou het ook anders kunnen? Ook kwamen me cijfers onder ogen over eenzaamheid. Het blijkt dat mensen met een verstandelijke beperking zich vier tot vijf keer zo vaak eenzaam voelen als anderen, en ook zijn zij vier tot vijf keer zo vaak chronisch eenzaam.
Daarom besloot ik bij de PThU aan te kloppen om een onderzoeksplaats beschikbaar te stellen over het thema sociale inclusie van mensen met een verstandelijke beperking en de rol die geloofsgemeenschappen daarin spelen en kunnen spelen. Dat is met behulp van subsidies gelukt!
Inmiddels ben ik bijna drie jaar onderweg en is er veel gebeurd. U kunt dat lezen op mijn pagina op de website van de PThU. Daar zijn ook nieuwsbrieven te vinden. We hebben onderzoek gedaan naar de relatie tussen kerken en zorginstellingen. Ook hebben we specifiek gekeken naar hoe vrijwilligers en predikanten omgaan met mensen met een verstandelijke beperking.
Vorig jaar heb ik een Kenniswerkplaats opgericht waarin studenten voor hun bachelor- of masterscriptie theologie of sociale studies en promovendi voor hun proefschrift onderzoek kunnen doen naar verschillende thema’s. Zo zijn er twee studenten bezig met het thema van gastvrijheid van geloofsgemeenschappen voor mensen met autisme. Een andere student is bezig te inventariseren hoe negen kerken rond een zorginstelling in Zwammerdam beter kunnen samenwerken met de dienst geestelijke verzorging van die instelling. Weer twee andere studenten onderzoeken hoe het gesprek in de geloofsgemeenschap op gang kan worden gebracht over leven en geloven met een beperking. Zelf ben ik op dit moment bezig te onderzoeken wat er gebeurt als je de Bijbel leest met de ogen van iemand met een beperking. Dit is echt een verrassende ontdekkingstocht!
Kerken die wel eens met mij van gedachten willen wisselen over hoe zij een stap kunnen zetten naar een meer inclusieve geloofsgemeenschap kunnen natuurlijk contact met mij opnemen. Ik ben beschikbaar voor advies, overleg, onderzoek, lezingen en workshops. U kunt mij het makkelijkst bereiken via mail: [email protected].
Willemijn en haar onderzoek
Willemijn Koivunen introduceert zichzelf: Als kind was de kerk een belangrijke plek voor me. Mijn vader is als predikant werkzaam geweest in verschillende hervormde-/PKN -gemeenten door het land heen, wat betekende dat we een paar keer een flink eind moesten verhuizen: van Geesteren (Gld.) naar Fijnaart en uiteindelijk Lutten. Te midden van die grote veranderingen vond ik steeds een thuis in het samen vieren, geloven en gemeenschap zijn van de kerken waarin ik opgroeide.
Kunnen verschillen een bron zijn waaruit we met elkaar kunnen putten…?
Toch vond ik het, naarmate ik ouder werd, lastiger om mijn plek in de kerk te vinden. Ik vond mezelf vaak geen ‘goede christen’. Dat had vooral te maken met mijn ADHD. Zie met een hoofd vol gedachten maar eens met regelmaat uit de Bijbel te lezen of je op een preek of gebed te concentreren. Het gebeurde bijvoorbeeld vaak genoeg, dat ik met gevouwen handen en gesloten ogen aan het overpeinzen was of het woord ‘zeemeermin’ impliceert dat ze zowel in zoet als in zout water kunnen leven, om me dan na een tijdje te herinneren dat ik eigenlijk eerbiedig hoorde te bidden. De afkeurende blikken als ik weer eens te laat de kerk binnenkwam hielpen niet. Gelukkig waren er altijd ook mensen die me erop wezen dat de aspecten die ik net noemde niet bepalend zijn. Zij gaven me het gevoel dat ik er net zo bij hoorde als alle anderen.
Inmiddels ben ik 29, aan de PThU afgestudeerd als predikant en werkzaam als promovendus in een onderzoek van de Protestantse Theologische Universiteit in Amsterdam en de Theologische Universiteit Utrecht over nu juist dit soort ervaringen van belonging – erbij horen. Mijn onderzoek richt zich specifiek op één groep in de kerk: mensen met een verstandelijke beperking. Helaas hebben zij vaak te maken met stigmatisering, onbegrip en uitsluiting en met eenzaamheid als gevolg daarvan. Werkelijk deel uitmaken van de gemeenschap, voelen dat je gemist wordt als je er niet bent: dat soort ervaringen zijn voor deze groep een stuk minder vanzelfsprekend dan voor mensen zonder verstandelijke beperking.
Ik vond mezelf vaak geen ‘goede christen’ – dat had te maken met mijn ADHD
Daarom is het goed om oog te hebben voor hun plek in de kerk.
Wat dit onderzoek zo bijzonder en innovatief maakt is dat het niet vertrekt vanuit rapporten, hulpverleners of enkel vanuit academische theologie. In plaats daarvan gaan we de ervaringen van mensen met een verstandelijke beperking als theologisch startpunt nemen. Vanuit hun ervaringen laten we ons uitnodigen om na te denken over wat de kerk is en zou moeten zijn. Dit starten – bij wat mensen met verstandelijke beperking meemaken – is juist zo belangrijk, omdat deze groep nauwelijks aan het woord komt in kerk en theologie.
In Paulus’ eerste brief aan de Korintiërs lezen we over zijn analogie van de kerk als het lichaam van Christus. Zoals alle verschillende delen van een lichaam op hun eigen manier onmisbaar zijn voor het geheel, zo hoort diversiteit ook inherent bij gemeente-zijn, is de strekking van die analogie. Een mooi ideaal: de kerk als plaats waar iedereen op zijn eigen manier een plek heeft; thuishoort.
Hoe kunnen we, door in te zetten vanuit de ervaringen van mensen met een verstandelijke beperking, onze kerken meer op dat beeld laten lijken? Kunnen verschillen een bron zijn waaruit we met elkaar kunnen putten, in plaats van een probleem dat opgelost moet worden?
Met deze vragen ga ik me de komende vier jaar bezighouden. Ik ga dat niet alleen doen. Ik ben op zoek naar geloofsgemeenschappen waar mensen met en zonder verstandelijke beperking mede-onderzoekers willen zijn, zodat niet mijn perspectief leidend is, maar juist de vragen en ervaringen van mensen die er middenin staan.
Voordat ik deze mooie kans kreeg heb ik als geestelijk verzorger in de forensische psychiatrie (= zorg voor mensen die grensoverschrijdend en/of strafbaar gedrag hebben vertoond (red.)) gewerkt en een masterscriptie geschreven over de ervaringen van gevluchte jongeren in onze samenleving. Misschien lijken er grote verschillen te zijn tussen mijn scriptieonderwerp, mijn werk in de forensische psychiatrie en dit onderzoek over de plek van mensen met een verstandelijke beperking in de kerk, maar de achterliggende overtuiging is voor mij steeds hetzelfde: ik geloof dat voor God ieder mens van grote waarde is, omdat hij ons zorgvuldig gemaakt heeft in onze eigenheid, naar Zijn beeld. Daarom vind ik het belangrijk om me er als theoloog voor in te zetten dat mensen die niet veel gehoord worden, hun stem kunnen laten klinken.
Ziet u in dit onderzoek eventueel een rol weggelegd voor uw geloofsgemeenschap als broedplaats van positieve verandering als het gaat om de positie van mensen met een verstandelijke beperking in de kerk? Of wilt u gewoon iets delen van uw ervaringen, associaties of vragen, stuur dan een mailtje naar [email protected].
André Mulder is senior onderzoeker bij de Bijzondere Leerstoel Diaconaat van de Protestantse Theologische Universiteit
Willemijn Koivunen is afgestudeerd als theoloog en promovenda bij diezelfde leerstoel.