Menu

Filters

Auteur

Hoofdthema

Pleinen

Soort materiaal

Andere bronnen

Premium

Het lied van mijn lief en zijn wijngaard

In Jesaja 5,1-7 zingt een geliefde in energieke, agrarische en beeldende taal. Taal die je in het boek Hooglied verwacht. Een wijnbouwer zwoegt zwetend voor zijn druiven. De oogst valt vies tegen. De bittere teleurstelling van de wijnbouwer slaat om in juridische taal van oordeel. Cultuur wordt verwildering, schepping wordt chaos. Ten slotte duidt Jesaja de metafoor en trekt deze door naar het geleefde leven: als je een liefdesband met de God van het recht aangaat, verwacht Hij recht. Maar Hij vindt onrecht.

Premium

Als de Tora tot leven leidt

Het Matteüsevangelie kantelt tussen wat nu de hoofdstukken 11 en 12 zijn, van een narratief over Jezus’ indrukwekkende optreden en verkondiging van het Koninkrijk der hemelen dat ook positief ontvangen wordt, naar een verhaal over toenemende afwijzing van Jezus, culminerend in zijn arrestatie, veroordeling en kruisiging. De oproepen in 11,25-30 hebben daardoor ook een programmatisch karakter: ze zijn de uitnodiging van Jezus die in het vervolg niet aangenomen, of tenminste door zeer velen niet aangenomen zal worden.

Premium

Het ‘nu’ met het oog op ‘straks’

In de vorige aflevering van De Eerste Dag bleek uit de bespreking van voorgaande gedeeltes uit de eerste Petrusbrief hoe rijk het gedachtegoed is dat hierin behandeld wordt. Met verwijzingen naar de doop worden de geadresseerden herinnerd aan het nieuwe leven dat zij als gemeenschap van christenen zijn binnengegaan. En met allerlei gebiedende wijzen wordt hun voorgehouden om te midden van een slechte wereld het goede te doen en stand te houden. Nu de christenen in ons werelddeel een minderheid aan het worden zijn, krijgen de woorden een nieuwe actualiteit.

Premium

God liefhebben

In de epistellezing verwijst Paulus met ‘Wat het oog niet heeft gezien en het oor niet heeft gehoord, wat in geen mensenhart is opgekomen, dat heeft God bestemd voor wie Hem liefheeft’ (1 Kor. 2,9) naar de profeet Jesaja die schrijft: ‘Geen oog zag ooit een god buiten U, die opkomt voor wie op Hem wacht. U komt ieder tegemoet die van harte rechtvaardig handelt, die uw weg gaat, met U voor ogen’ (Jes. 64,3b4a).

Premium

Tegen de zouteloosheid

De paar verzen uit de Bergrede die voor vandaag op het rooster staan, kunnen gelezen worden als een pleidooi tegen de zouteloosheid. Der dingen, maar vooral van volgelingen van Jezus: zout dat zijn kracht verliest, licht onder de korenmaat gezet – dat is een onzichtbaar geworden ‘Jezus-beweging’, een zwijgende kerk, zo men wil. De NBG51 meent zeker te weten dat hier de discipelen aangesproken worden. Zouden het ook de scharen kunnen zijn?

Nieuwe boeken