Weer een ander land
Bij Genesis 13,2-18
Zana en haar broertje zijn op weg naar een ander land, want in Syrië, waar ze woonden, konden ze niet blijven wonen. Het is daar oorlog. Haar moeder heeft beloofd dat het goed zou komen, dat ze een nieuw land zouden vinden waar het goed zou zijn. Daar zouden ze elkaar terugzien, met de hele familie. Maar voorlopig is ze alleen met haar broertje.
Ze hebben al veel meegemaakt samen. Ze wonen in een vluchtelingenkamp in Frankrijk. Frankrijk is een mooi land. Het is er vrede, dat is het belangrijkste. Het is er ook best lekker weer en er wonen aardige mensen. Ze begrijpt de taal al een beetje en op school is het ook best leuk.
Maar nu komt er een mevrouw van de regering van Frankrijk langs. Zij vraagt of ze Zana en haar broertje even kan spreken. Ze heeft goed nieuws en slecht nieuws. Het goede nieuws is dat ze een verblijfsvergunning kunnen krijgen. Het slechte nieuws is dat ze naar een ander land moeten.
Dus moeten ze hun vriendjes en vriendinnen achterlaten. En de school. En de aardige mensen.
Zana wil niet weer alles achterlaten.
Hoe zou jij het vinden om alles achter te laten en naar het buitenland te verhuizen?
Zana gaat haar vriendinnen ontzettend missen. En het stokbrood, dat vind ze ook zo lekker. Ze wil niet wéér verhuizen naar een ander land, maar er zit niks anders op. Zana en haar broertje moeten verder. Het enige wat ze telkens meenemen is die belofte van haar moeder, dat alles goed zou komen. Die blijft gelden, want beloofd is beloofd.