Menu

Premium

Zwaard

Hebreeuwse tekst die wordt uitvergroot met een loep

Eeuwenlang was het zwaard een machtig wapen in de strijd. Heden ten dage is het niet meer dan een museumstuk. Reeds aan het einde van de Middeleeuwen bleek het niet meer opgewassen tegen de kogels die in een steeds sneller tempo werden afgeschoten. In een moderne oorlog die gevoerd wordt met mitrailleurs en kanonnen, met straaljagers en raketten is voor een zwaard in het geheel geen plaats meer. Eens te meer blijkt dat de taal soms ‘taai’ kan zijn. Het woord zwaard is tot op heden niet uit het Nederlandse vocabulaire verdwenen. Wanneer een oorlog uitbreekt dan kan nog altijd worden gezegd dat uiteindelijk ‘naar het zwaard wordt gegrepen’. Gevechtshandelingen kunnen er toe leiden dat een stad of een gebied ‘te vuur en te zwaard wordt verwoest’. Aan een oorlog komt een einde wanneer de strijdende partijen ‘het zwaard in de schede steken’.

Grondtekst

Het Hebreeuwse woord chèrèv is wijd verbreid in het Oude Testament (in totaal 410x). Het heeft soms de betekenis van ‘stenen mes’ (Joz. 5:2-3); ‘beitel’ (Ex. 20:25; Ez. 26:9) of ‘dolk’ (Richt. 3:16), maar meestal van ‘zwaard’ (o.a. Gen. 34:26; Num. 21:24; Joz. 11:10; 1 Sam. 15:8; Jes. 22:2). In het Grieks bestaan twee woorden: machaira: in het Nieuwe Testament is dat het ‘zwaard’ zoals dat onder meer door Romeinse soldaten werd gedragen (Mat. 10:34; 26:47,51,52,55; Mar. 14:43,47,48; Luc. 21:24; 22:36,38,49,52; Joh. 18:10-11; Hand. 12:2; 16:27; Rom. 8:35; 13:4); rhomphaia: een groot en breed zwaard dat vooral door niet-Grieken, barbaren als de Thraciërs, werd gehanteerd; in het Nieuwe Testament voornamelijk in een overdrachtelijke betekenis gebruikt (Luc. 2:35; Op. 1:16; 2:12,16; 6:8; 19:15,21). Het Latijn heeft gladius, gemakkelijk herkenbaar in het woord ‘gladiatoren’ (zwaardvechters).

Letterlijk en concreet

a.Over vorm en grootte van zwaarden in bijbelse tijden is weinig met zekerheid te zeggen. Van een fundamenteel onderscheid tussen ‘zwaard’ en ‘dolk’ kan naar alle waarschijnlijkheid niet worden gesproken. Over een van de oudtestamentische richters wordt het volgende verteld: ‘Ehud liet een tweesnijdend zwaard maken, een gomed (ongeveer 30 cm) lang, en hing het op de rechterheup aan zijn gordel, onder zijn kleren. Zo ging hij de schatting afdragen aan Eglon, de koning van Moab… ‘ (Richt. 3:16-17). De rest van het verhaal laat zich gemakkelijk raden: ‘Toen Eglon van zijn troon opstond greep Ehud met zijn linkerhand het zwaard van zijn rechterheup en stak de koning in de buik. Het zwaard drong met lemmet en al in zijn lichaam; het vet sloot zich om het lemmet (Richt. 3:21-22). Zie meer over dit verhaal bij ‘rechterhand’, B-e.

b.Een zwaard speelt een belangrijke rol in een aangrijpende scène waarin de dood van Saul wordt beschreven: ‘Saul was zo bang voor hen, dat hij tegen zijn wapendrager zei: “Trek je zwaard en doorsteek mij; anders gaan die onbe-snedenen mij doorboren en de spot met mij drijven!” Maar zijn wapendrager wilde dat niet doen. Daarop nam Saul zelf het zwaard en stortte zich erin. Toen de wapendrager zag dat Saul dood was, stortte ook hij zich in zijn zwaard en stierf met hem’ (1 Sam. 31:4-5).

c.In een van zijn brieven gebruikt Paulus een beeld dat de grens tussen ‘letterlijk’ en ‘symbolisch’ doet vervagen. De apostel schrijft over de houding die volgelingen van Jezus Christus dienen in te nemen tegenover de overheid. De brief is gericht aan de gemeente te Rome en het lijdt daarom geen twijfel dat de apostel de Romeinse overheid, de keizerlijke macht, op het oog heeft. Hij raadt verzet en ongehoorzaamheid ten stelligste af en pleit voor het doen van het goede: ‘Want de overheid staat in dienst van God, voor uw welzijn. Doet u echter het kwade, dan moet u vrezen; zij draagt het zwaard niet voor niets (Rom. 13:3-4). Met deze waarschuwende woorden verwijst Paulus naar het zwaard waarmee in sommige gevallen de doodstraf werd voltrokken. Tegelijkertijd symboliseert ‘het zwaard’ de macht van de Romeinse overheid.

Beeldspraak en symboliek

a.De wijze Spreukendichter is overtuigd van de macht van het woord, zowel in positieve als in negatieve zin: ‘Er zijn mensen van wie het praten op dolksteken lijkt, maar de tong van de wijzen brengt genezing’ (Spr. 12:18).

b.In de brief aan de Hebreeën wordt het woord van God met een zwaard vergeleken: ‘Want het woord van God is levend en krachtig. Het is scherper dan een tweesnijdend zwaard en dringt door tot het raakpunt van ziel en geest, van merg en beenderen. Het ontleedt de bedoelingen en gedachten van het hart…’ (Hebr. 4:12). Uit dit beeld ontwikkelt zich in de apocalyptische sfeer van het laatste bijbelboek een nieuwe voorstelling: ‘Ik keerde mij om, om te zien wie mij had aangesproken. En toen ik mij omkeerde, zag ik zeven gouden kandelaars, en tussen de kandelaars iemand als een Mensenzoon… In zijn rechterhand had Hij zeven sterren, uit zijn mond kwam een scherp, tweesnijdend zwaard, en zijn gelaat schitterde als de zon in haar kracht’ (Op. 1:12-16; vgl. 19:15).

c.In het verhaal van Genesis wordt de toegang tot de tuin (hof, in de vertaling NBG-1951) van Eden gebarricadeerd door ‘de vlam van het wentelend (flikkerend, in NBG) zwaard’: ‘Hij (God) verjoeg dus de mens uit de tuin, en aan de oostkant van de tuin van Eden plaatste Hij de kerubs en de vlam van het wentelend zwaard, om de weg naar de boom van het leven te bewaken’ (Gen. 3:24).

d.Het woord ‘zwaard’ kan als een synoniem voor ‘oorlog’ en ‘strijd’ worden gebruikt: ‘Dan breng Ik (God) vrede over het land en kunt u slapen zonder dat iemand u opschrikt. Wilde dieren houd Ik weg uit uw land en het zwaard dringt er niet door. Uw vijanden jaagt u op de vlucht; zij vallen door het zwaard’ (Lev. 26:6-7).

e.In de brief aan de Hebreeën staat een opsomming van de moed en opofferingsgezindheid van oudtestamentische geloofsgetuigen: ‘En wat moet ik nog meer noemen? De tijd ontbreekt me om te verhalen van Gideon, Barak, Simson en Jefta, van David en Samuël en de profeten… Zij zijn ontsnapt aan het scherp van het zwaard. Hun zwakheid werd kracht, ze werden machtig in de oorlog en dreven vijandige legers op de vlucht’ (Hebr. 11:32-34).

f.In een soortgelijke betekenis functioneert het zwaard in een passage uit Jezus’ uitzendingsrede in het evangelie van Matteüs: ‘Denk niet dat Ik op aarde vrede ben komen brengen. Ik ben geen vrede komen brengen, maar een zwaard. Want Ik ben gekomen om een wig te drijven tussen zoon en vader, tussen dochter en moeder, tussen schoondochter en schoonmoeder; ja huisgenoten worden vijanden’ (Mat. 10:34-35). In een van zijn brieven maakt ook de apostel Paulus van dit beeld gebruik: ‘Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus? Verdrukking wellicht of nood, of vervolging, of honger, of naaktheid, of levensgevaar, of het zwaard?’ (Rom. 8:35).

g.In het beeld van God als koning past dat Hij -of zijn dienaren: de engelen – in de strijd tegen de vijanden een zwaard hanteert: ‘Ik hef mijn hand naar de hemel; Ik zeg: Zowaar Ik in eeuwigheid leef, Ik scherp mijn fonkelend zwaard en maak mij gereed voor het oordeel. Ik neem wraak op mijn vijanden, Ik bestraf degenen die Mij haten. Ik voer mijn pijlen dronken met bloed, mijn zwaard verslindt vlees … ‘ (Deut. 32:40-42; vgl. Joz. 5-13-15); ‘Ontbied Ik het zwaard tegen dat land en beveel Ik het erdoorheen te rekken; en roei Ik er mensen en dieren uit…’ (Ez. 14:17; vgl. Ez. 21:1-5). h. In de profetische literatuur wordt de blik op de toekomst gericht. Het zwaard van God zal de vijanden overwinnen: ‘Op die dag straft de Heer Leviatan, de vluchtende slang, Leviatan, de kronkelende slang, met zijn geducht, groot, machtig zwaard, en slacht Hij het zeemonster af’ (Jes. 27:1). Huiveringwekkend is de volgende passage: ‘Want aan de hemel verschijnt het zwaard van de Heer, het komt neer op Edom en voltrekt het vonnis aan volk dat gedoemd is ten onder te gaan. Het zwaard van de Heer druipt van het bloed, het zit vol vet, vol bloed van lammeren en bokken, vol niervet van rammen. Want de Heer voltrekt een offer in Bosra (een stad in Edom), een geweldige slachting in Edom… Want het is de dag van de wraak van de Heer, het jaar van vergelding voor de verdediger van Sion’ (Jes. 34:5-8).

Praxis

a.Liederen:

Liedboek: Psalm 2; 7; 17; 37; 44; 59; 76; 147; 149; Gezang 6; 10; 23; 26; 37; 42; 88; 96; 209; 280; 285; 286; 304; Alles III: 22; Bijbel II: 77; Eerste: 11; 27; Geroepen: 37; Gezegend: 193; 205; Land: 37; Liederen: 11; MAW: 5; 32; Mond: 23; Zingend VI: 61.

b.Poëzie:

Judith Herzberg, Doen en laten, Amsterdam 19977, blz. 122: ‘Wie komt daar uit de woestijn…’. Muus Jacobse, Het oneindige verlangen, Nijkerk 1982, blz. 22: ‘Simeons lofzang’; blz. 22: ‘De vlucht naar Egypte’. Huub Oosterhuis, Levende die mij ziet, Kampen/Tielt 1999, blz. 135: ‘Aan de wolf’. Jan Willem Schulte Nordholt, Verzamelde gedichten, Baarn 19962, blz. 172: ‘Verzetsmonument van Wim Reyers’; 102: ‘Verzet’.

c.Verwerking:

De grote droom van de bijbelschrijvers is dat er vrede en gerechtigheid zal zijn voor alle mensen. Een droom die wij allen herkennen en zelf ook hebben. Een van de schrijvers, sprekend over zo’n bestaan, brengt dat in een prachtige symboliek onder woorden: ‘Dan zullen zij hun zwaarden tot ploegscharen omsmeden en hun speren tot snoeimessen.’ (Jes. 2:4). Deze zin heeft door de eeuwen heen mensen bemoedigd om te blijven geloven in en zich sterk te maken voor een land van zoete vrede. Zwaarden, messen, speren verdwijnen in de smeltoven en worden omgevormd tot ploegscharen en spaden. Geweld maakt plaats voor ontwikkeling, alles staat in dienst van de oogst voor menselijk welzijn. Dit prachtige beeld leeft nog steeds, ook al behoren zwaard en speer niet tot onze dagelijkse werkelijkheid. Dat het beeld actueel blijft, komt vanwege de werkelijkheid achter het beeld. Ook wij weten van geweld en van de droom naar veiligheid alom. Dat roept de vraag op welk beeld wij vandaag uit onze werkelijkheid kunnen bezigen om dezelfde droom als die van Jesaja uit te drukken. Hierover kunnen we met elkaar in gesprek gaan en van daaruit de betekenis van het zwaard in de bijbel ter sprake brengen. Thema’s rondom het zwaard zijn onder andere: macht, geweld, agressie, strijd, angst, het woord van God en vrede.

Verwijzing

Het zwaard heeft overeenkomst met ‘leger‘, ‘oorlog‘ en ‘koning‘.

Wellicht ook interessant

Nieuwe boeken