Menu

Premium

Zwavel

pek

Het chemisch element zwavel S is voor de moderne wereld zeer waardevol. Zwavel kan in velerlei chemische en biologische processen niet worden gemist. Landen met zwavelgroeven en -kraters verwerven hiermee een goede bron van inkomsten.

In de bijbelse tijd zagen de mensen in zwavel een bijzonder natuurverschijnsel met een negatieve uitwerking. Men keek er niet zozeer met ‘natuurlijke’ ogen naar, maar allereerst met ‘godsdienstige’ ogen.

Grondtekst

Het Oude Testament kent slechts één woord voor zwavel, namelijk gofriet. We vinden het in Genesis 19:24; Deuteronomium 29:22; Jesaja 30:33; 34:9; Ezechiël 38:22; Psalm 11:6 en Job 18:15. Behalve in de tekst uit Job is de God van Israël de verwekker van zwavel, en Hij wendt het steeds in negatieve zin aan. Meestal wordt zwavel in één adem genoemd met vuur. In Jesaja 34:9 verschijnt als parallelwoord zèfèt,

‘pek’, waarmee een teersubstantie is bedoeld (nog eenmaal komt het voor in Ex. 2:3, als smeersel op het biezen kistje; vgl. Gen. 6:14). Deze substantie was zeer brandbaar en had een smerige uitwerking (Sir. 13:1). In het Nieuwe Testament treffen we theion, ‘zwavel’, aan. Het verschijnt alleen in Lucas 17:29, een vers dat herinnert aan Genesis 19:24 (vgl. 1 Clemens 11:1), en Openbaring (9:17-18; 14:10; 19:20; 20:10; 21:8).

Letterlijk en concreet

In de bijbel vinden we eigenlijk geen voorbeelden van zwavel in concrete zin. Haast alle teksten met dit verschijnsel hebben betrekking op het gericht van God. Alleen Genesis 18-19 noemt concreet dat de steden Sodom en Gomorra door zwavel en vuur werden getroffen (vs. 24). Maar hier is sprake van een legende, wellicht gevoed door vroegere verwoestingen van plaatsen door vulkanische uitbarstingen of door het gegeven van het doodmakende water in de zogenaamde Dode Zee. Ook het verhaal van Sodom en Gomorra staat in het kader van het goddelijk oordeel. Het functioneert als waarschuwing tegen schending van het gastrecht. Waar dat gebeurt is de samenleving tot ondergang gedoemd (vgl. 1 Clemens 11:1).

Symboliek en beeldspraak

a.De bijbel spreekt, behalve in Job 18, louter over zwavel (en vuur) als instrument in de hand van God. Dit instrument fungeert als straffend antwoord op onrecht en goddeloosheid. Het verhaal van Sodom en Gomorra’s ondergang heeft kennelijk nagewerkt. Bij de meeste teksten speelt dit verhaal, expliciet of impliciet, een rol. De daarbij door de Heer gezonden zwavel is zeer goed bruikbaar om Gods oordeel te beschrijven. Zo wordt het laten regenen van zwavel en vuur, met de Heer als subject, een bekend beeld voor de crisis door God teweeggebracht. Heel sterk drukt Jesaja Gods betrokkenheid uit: de adem van de Heer steekt de brandstapel in brand als een beek van zwavel (30:33). De apocalyps van Johannes, waarin de op handen zijnde afrekening van alle machtswellust staat beschreven, noemt meer dan eens zwavel als beeld van vernietiging. Goddeloze mensen, de aanbidders van het beest, het beest zelf en de duivel zullen door zwavel en vuur aan hun einde komen. Hun aangekondigd einde houdt tevens het einde in van de onderdrukking van Christus’ volgelingen. Zie 9:17-18; 14:10; 19:20; 20:10; 21:8; vergelijk de apocalyptische tekst in Henoch 90:24-26. Wat willen deze teksten met het zwavel-motief bewerkstelligen? De verteller wil choqueren, zodat de hoorder ontvankelijk wordt voor bezinning en van daaruit inzicht verwerft om tot de juiste beslissing te komen in stormachtige tijden.

b.Zwavelregen maakt de bodem onbewerkbaar, zodat er niet gezaaid en dus evenmin geoogst kan worden (Deut. 29:23[22]). Zwavel staat derhalve gelijk aan onvruchtbaar maken en onvruchtbaar land leidt tot dood en verderf. Wanneer een koning of een volk getroffen wordt door zwavel, houdt zijn heerschappij op. Aldus kondigt Jesaja de ondergang van respectievelijk de Assyrische koning en Edom aan (30:33; 34:9). Gods verschijning gaat doorgaans gepaard met verwoestende natuurverschijnselen, waaronder zwavel en vuur. We kunnen – om in de taal van de beeldspraak te blijven – het ook anders zeggen: ongerechtigheid en afvalligheid brengen de natuur in beweging en keren zich tegen de verzakers ervan. Schepping verwordt dan tot woestheid en leegte, tot tohoe wavohoe (Gen. 1:2).

c.Zwavel en pek samen accentueren de verwoestende werking van het gericht (34:9). Zij geven versterkt aan hoe vreselijk mensen hebben gehandeld. Hetzelfde zien we met parallellen als vurige kolen (letterlijk: strikken van vuur) en zwavel in Psalm 11:16.

Een woning bedekt met zwavel is onbewoonbaar (Job 18:15). Voor de eigenaar een ware ramp. Bovendien was de gedachte dat iemands huis na zijn dood verwoest werd, voor de oud-oosterse mens nauwelijks te dragen.

d.Lucas noemt twee bekende oudtestamentische rampen, de vloed in de tijd van Noach en de ondergang van Sodom, om het plotselinge karakter van de komst van de Messias te beschrijven. Zoals deze rampen voor de mensen toen eensklaps opdoemden, zo onverwachts komt de Zoon des mensen (17:29).

Praxis

a.Liederen:

Liedboek: Psalm 11; 18; 50; 52 106; Gezang 39; 90; Zingend IV: 75a; 75b; V: 21.

b.Poëzie:

J.Bernlef, Grensgeval, Amsterdam 1972, blz. 19: ‘Burgermeester op een vulkaan’. Van der Graft, Mythologisch, Baarn 1997, blz. 393: ‘De nieuwe pest’. Muus Jacobse, Het oneindige verlangen, Nijkerk 1982, blz. 36: ‘Dag van oordeel’; 126: ‘Vulkaan’. c.Verwerking:

Het overheersende thema dat zwavel oproept, is het oordeel of gericht van God. Als onderdeel van de bezinning daarop kunnen we de vraag stellen: Welke beelden of zegswijzen hebben vandaag een choquerende werking op ons, zodat we de juiste keuzes leren maken?

Verwijzing

Het gebruik van het woord zwavel heeft zeer veel verwantschap met dat van ‘vuur‘ en de daarbij behorende begrippen. Ook heeft dit woord raakvlakken met ‘wolk‘ en ‘wind‘ (storm).

Wellicht ook interessant

None

Preview: God. Naar een andere filosofie

We beginnen dus nu aan een boekje over denken over God, over de Naam. Goed, maar is dat nog wel nodig? Kan dat zelfs nog wel? Niet dat het taboe zou zijn, nee, merkwaardig genoeg loopt de boekenmarkt over van titels over God en godsdienst. Iedereen schrijft over God tegenwoordig. Sinds kort bestaat het prestigieuze Journal for Continental Philosophy of Religion (Brill). Dat betekent dat er in elk geval interesse wordt getoond in dat filosofische terrein. Theologen, natuurlijk, maar ook filosofen, wetenschappers, politici, kunstenaars en nog anderen kunnen er niet over zwijgen.

None

Nicea voor Nu; hoe een oude belijdenis ons vandaag kan helpen

Drie initiatiefnemers – Jelle Huismans, Margriet Westes en Arnold Smeets – hebben ervoor gezorgd dat 32 schrijvers samen 47 korte, puntige bijdragen schreven over de Geloofsbelijdenis van Nicea. Steeds namen de auteurs een paar woorden uit de belijdenis voor hun rekening, waarover zij twee à drie pagina’s schreven. Dat maakt het tot een zeer toegankelijk boek. Met dank daarvoor: ik heb het met plezier gelezen en hier en daar zinnen onderstreept en smileys of kruisjes gezet bij uitspraken die mij boeiden of juist tegenstonden.

Basis

Boekrecensie Verblijven in de ziel van Esther Stoorvogel door Ludy Fabriek

Het boek Verblijven in de ziel van Esther Stoorvogel is een geweldige uitdaging om je innerlijke relatie met God als je hemelse Vader meer en meer te verdiepen. Het beeld van de ziel als een burcht met zeven verblijven spreekt heel erg tot de verbeelding. Zeker om de ontwikkeling van je geestelijke leven te zien als een reis door die verblijven op weg naar het hart van de burcht: de troonzaal. Het uiteindelijke doel van een kind van God is om zó dicht bij Hem te zijn, dat we volkomen één met Hem zijn. Vandaar dat de subtitel van het boek ook treffend gekozen is: De innerlijke reis naar het hart van God.

Nieuwe boeken