Menu

Collectie

Tijdschriften

Premium

Het lied van mijn lief en zijn wijngaard

In Jesaja 5,1-7 zingt een geliefde in energieke, agrarische en beeldende taal. Taal die je in het boek Hooglied verwacht. Een wijnbouwer zwoegt zwetend voor zijn druiven. De oogst valt vies tegen. De bittere teleurstelling van de wijnbouwer slaat om in juridische taal van oordeel. Cultuur wordt verwildering, schepping wordt chaos. Ten slotte duidt Jesaja de metafoor en trekt deze door naar het geleefde leven: als je een liefdesband met de God van het recht aangaat, verwacht Hij recht. Maar Hij vindt onrecht.

Premium

Het mystieke lichaam van de nieuwe Adam

Johannes laat geen moment twijfel bestaan over wat hij wil vertellen: in de ouverture van zijn bericht schrijft hij al ‘dat het woord vlees geworden is en onder ons heeft getabernakeld’ (1:14 – Gr.: skènaoo, ‘zijn tent opslaan’). In die tabernakel manifesteert zich de aanwezigheid van de Eeuwige: hautnah, rakelings nabij. En die aanwezigheid krijgt bij Johannes de gestalte van de ‘eniggeboren Zoon des Vaders’ (1:14). Hij ís de tabernakel.

Nieuwe boeken