Menu

None

Interview: “We zijn collectief aansprakelijk voor psychisch lijden”  

In gesprek met Katie Vlaardingerbroek over haar boek Nederland therapieland

Katie Vlaardingerbroek

Therapie floreert. Veel mensen kloppen aan bij psychologen en coaches voor hun problemen. Naast de officiële instanties zijn er zelfhulpboeken, zelfhulpgoeroes en zelfhulpproducten: van theezakjes met levensvragen tot saliewierookstokjes om je huis mee te reinigen. Katie Vlaardingerbroek dook in onze therapiecultuur, als religiewetenschapper en als ervaringsdeskundige in de ggz, en schreef het boek Nederland therapieland. Redacteur Maartje Amelink ging met haar in gesprek.

Hoe ziet onze therapiecultuur eruit, kun je een globale schets geven?

“Heel veel mensen gaan naar therapeuten, psychologen en coaches. Daar lezen en horen we veel over, maar de therapiecultuur gaat nog verder dan dat. Er is eigenlijk een heel therapeutisch taalveld ontstaan. We zeggen dingen als ‘ik merk’, ‘ik voel’, ‘ik heb behoefte aan’. Het zit in de zelfhulpboeken die we lezen, in de podcasts die we luisteren, in de tv-programma’s die we kijken, zoals Onderweg naar liefde waar bijna alle deelnemers mediteren of heel erg ‘voelen’ en ‘inchecken’ bij zichzelf. Laatst kocht ik iets in zo’n mooi modieus winkeltje met dure kleding en wat spulletjes. Daar zag ik ook wierookstokjes, intuïtiekaarten, positivity dagboeken, meditatiekussens en yogamatjes, en wat ik had gekocht kwam in een tasje met de tekst: “Happiness lies within you”.

“Er is dus dat hele spectrum van mensen die om legitieme redenen hulp krijgen via de huisarts en ggz, tot aan mensen die holistische klankschaalsessies doen in het kader van zelfzorg. Dat alles bij elkaar probeer ik te vangen in het woord ‘therapiecultuur’. Therapie is een cultureel fenomeen geworden.”

Therapie is een cultureel fenomeen geworden.

Nederland Therapieland

Je schrijft in je boek hoe psychisch lijden ten grondslag ligt aan onze therapiebehoefte. Wat versta je onder psychisch lijden?

“Ja, ik denk dat het belangrijk is om bijna een stilte te laten vallen rondom dat aspect van psychisch lijden. Het is heel goed, denk ik, om beschouwend en maatschappijkritisch te kijken naar het hele therapiesysteem, naar de economische belangen en de wildgroei die gaande is. Dat roept terecht vragen op. Tegelijkertijd is dat nooit bedoeld om af te doen aan het echte lijden waar veel mensen mee rondlopen.

“Ik kies bewust voor ‘psychisch lijden’ in mijn boek, omdat ik op zoek was naar een andere term dan ‘psychische problematiek’ of ‘psychische klachten’. Want waar komen die klachten vandaan? Enerzijds vertellen we elkaar een groot verhaal in onze maatschappij waarin het belangrijk is dat je aan jezelf werkt en continu beter wordt in je werk, je relaties en je prestaties. Daarin moeten we ‘onze verantwoordelijkheid pakken’ en persoonlijk ontwikkelen. Anderzijds zijn er heel veel mensen die hele nare dingen meemaken, daar slachtoffer van zijn en daaronder lijden. Maar goed, hoe noem je dat allemaal? Hebben al die mensen mentale problematiek? Hebben ze psychische klachten? Ik vond het, ook voor mezelf, het fijnst om het te houden bij ‘lijden’, en dat werd ‘psychisch lijden’, hoewel lijden ook in je lijf zit natuurlijk.”

Katie Vlaardingerbroek

Je vertelt in je boek dat je zelf therapie hebt gehad in de specialistische ggz vanwege traumatische ervaringen in je jeugd, waaronder seksueel misbruik. Heeft therapie je hierbij geholpen?

“Zeker, ik zeg nergens in mijn boek dat therapie niet helpend kan zijn. Ik geloof heel erg – en dat is misschien ook wel de theoloog in mij – dat we dichter naar de waarheid toe bewegen wanneer we ogenschijnlijk tegenovergestelde waarheden gezamenlijk kunnen aanschouwen. Lekker moeilijke zin, maar ik denk dat heel veel bestaat in paradox en dat het waarde heeft om dat met nuance en in de juiste context te bekijken. Dus ja, in de fases dat het voor mij voelde alsof ik nergens terecht kon met mijn lijden, heb ik veel gehad aan een psycholoog die wel ruimte kon bieden voor mijn emoties en verwarring. Daar zat veel betekenisgeving in, want ik dacht: niemand kan het hiermee uithouden. Het voelde toen alsof ik niet in verbinding kon zijn met mensen, geen onderdeel van de sociale groep kon blijven, tenzij ik mijn eigen pijn en trauma’s zou verstoppen.”

Omdat ons lijden te afstotelijk is voor andere mensen?

“Deels ja, psychisch lijden kan er heftig uitzien. Ik denk dat we het in het algemeen moeilijk vinden om ons te verhouden tot lijden, en het is extra moeilijk als we misschien wel medeverantwoordelijk zijn voor wat er is gebeurd. We willen graag bij onze positieve zelfidentificatie blijven: ik ben een goed progressief persoon, ik zou nooit nare dingen gedogen. Het is confronterend als je ontdekt dat dat misschien wél zo is gegaan. Dan kom je je eigen emoties tegen en is er minder ruimte voor de persoon die daadwerkelijk de trauma’s heeft. Dit is misschien specifiek typerend voor seksueel misbruik. Niemand in mijn directe omgeving wist goed wat ze ermee moesten en ze konden er dus ook niet zo goed zijn voor mij. Dat bevestigt de oorspronkelijke boodschap vanuit het trauma zelf dat je iets ondragelijk naars of walgelijks meedraagt dat met jouw zijn en bestaansrecht vervlochten is geraakt.

“Maar therapie heeft me geleerd dat mijn lijden niet confronterend hoeft te zijn voor iedereen. Er zijn mensen die het met compassie en begrip kunnen aanschouwen. En ik heb geleerd om dat voor mezelf te doen: met liefde naar jezelf kijken. Dat klinkt wel heel therapeutisch [lacht].”

We willen graag bij onze positieve zelfidentificatie blijven: ik ben een goed persoon.

En in welke zin helpt therapie niet? Wat wordt niet aangeraakt?

“Hier zou ik wel twee uur over kunnen praten, maar ik zal het iets korter houden. Een antwoord op die vraagt ligt deels in de effectiviteit van therapie zelf. Daar is veel over te zeggen en dat alles ligt erg complex. Maar kort door de bocht: therapie helpt minder dan we denken, alleen al omdat het zichzelf anders overbodig zou maken. En dat zien we niet gebeuren!

“Wat ik daarbij vooral interessant vind, is het besef dat iets kan werken en tegelijkertijd schadelijk kan zijn. Het voorbeeld dat ik hiervoor in mijn boekgebruik is medicatie. Ik ben chronisch ziek, dus ik krijg tweemaandelijks een infuus in het ziekenhuis. En dat helpt. Mijn klachten worden minder, ik kan beter functioneren. Maar op de lange baan heeft het ook risico’s. Terwijl het me beter maakt, verlaagt het bijvoorbeeld mijn immuunsysteem waardoor ik juist sneller virussen zoals de griep oploop. Dosering speelt ook mee: water doet leven, zuurstof doet leven, maar te veel van een van beide kan schadelijk zijn. Zo is het ook met therapie. Het kan helpen om je gezien en gehoord te voelen, maar er zijn ook ziekmakende aspecten.”

Zoals?

“Therapie helpt ons vanuit een heel individualistisch framework. Er is mij iets naars overkomen en dat heeft me in isolement geplaatst. Dat geldt voor seksueel misbruik, maar ook voor allerlei andere vormen van psychisch lijden. Of het nou schulden zijn, fysiek geweld, pesten, emotionele verwaarlozing, bestaansonzekerheid, constante discriminatie of een blijvende achterstand in het leven. Dat brengt je in een isolement. Vervolgens wil je daar hulp voor, en wat doet het systeem dan? Die wil je daar oprecht met alle goede intenties bij helpen, maar bevestigt intussen een aantal van die kernaspecten, namelijk: ja, je staat er best wel alleen voor. Het ligt bij jezelf, in elk geval hoe je nu verder ermee leert leven. En wat we jou nu kunnen bieden, is dat jij in een afgeschermd kamertje met jezelf en een therapeut op zoek gaat naar je gevoelens, naar je gedachten, en naar een nieuwe verhouding tot wat er is gebeurd.

“De hele focus ligt nog steeds op het individu. Psychisch lijden wordt weggehouden van het publieke domein en de collectieve aansprakelijkheid die we hebben. Dat bevestigt het oorspronkelijke isolement wat een deel van het psychisch lijden veroorzaakt.”

De hele focus ligt nog steeds op het individu.

Kunnen religieuze instituties hier iets in betekenen?

“Wat ik zie is dat onze therapiecultuur heel sterk op het individu is gericht en daarmee indirect een stukje isolement blijft uitleven, terwijl het datzelfde probleem ook probeert op te lossen. Wat we daarin zijn verloren, is het idee van gemeenschappelijke verantwoordelijkheid. De notie: we zijn een groep en als een van ons lijdt, lijden we allemaal, en dat lijden is bovendien een symptoom van een wereld die te veranderen is, door onszelf. Dat besef zou ik meer willen zien en religie kan daar een mooie rol in spelen, maar ik vind het te makkelijk om te zeggen dat religie nou overduidelijk supergoed is in die taak. Dat is te kort door de bocht. Secularisatie is niet voor niks ontstaan. Er waren redenen dat het christelijke systeem niet meer werkte, mede door de sterke rol van autoriteit waarin ook veel gedoogd werd wat niet goed was. Iets was zo omdat de dominee of priester het zei, of omdat het in de Bijbel stond en God het zei. Dat creëerde een duidelijke collectieve orde, maar gaf ook vaak te weinig ruimte voor verandering naar een meer rechtvaardige wereld.

“Nu zijn we doorgeslagen naar de andere kant: mijn individuele, innerlijke gevoelsleven is zowel mijn morele kompas, als mijn werkelijkheid, als het gebied waar ik mijn meeste aandacht op richt. Daar worden we ‘leeg’ van, omdat ik geloof dat we zingevende relationele wezens zijn.

Ik geloof dat we zingevende relationele wezens zijn.

“Maar tsja, wat kan religie daarin betekenen? Er zijn mogelijkheden, maar ik zie geen eenvoudige oplossing. De therapiecultuur is ook verweven met het christendom, dat beschrijf ik ook in mijn boek. Aan de ene kant zie je hoe het protestantisme heeft bijgedragen aan de therapiecultuur zoals die nu is, aan de andere kant zie je hoe de geloofsbeleving vaak veel emotioneler en individueler is geworden, dus veel meer ‘ik en mijn relatie met Jezus’ of uitingen als ‘God, U ziet mij, U hoort mij, U voelt mij’. Het christelijke geloof in Nederland staat niet per definitie los van het therapeutische paradigma.”

Over Katie Vlaardingerbroek

Katie Vlaardingerbroek

Katie Vlaardingerbroek studeerde theologie en religiewetenschappen aan de Universiteit van Glasgow, waar ze verschillende prijzen kreeg voor haar werk. Ze werkte als onderzoeker binnen de langdurige zorg en sinds 2013 is ze schrijver en columnist. In 2015 verscheen haar eerste boek Omvergeblazen. Als je heilige huisjes instorten, over geloofstwijfel onder christelijke jongeren. Onlangs verscheen haar nieuwste boek Nederland therapieland. Hierin onderzoekt Katie welke rol therapie heeft in onze cultuur. Dat doet ze maatschappijkritisch, vanuit literatuuronderzoek en als ervaringsdeskundige in de specialistische ggz.

Meer lezen? Bestel Nederland therapieland.

Nederland Therapieland

Lees ook deze artikelen:

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Wil je op de hoogte blijven van Theologie.nl? Schrijf je dan in voor onze wekelijkse nieuwsbrief. Daarin selecteren we de mooiste, nieuwste en scherpste artikelen van de week. Ook houden we je op de hoogte van nieuwe boeken, speciale events en De theologie podcast. 

Word lid van Theologie.nl 

Wil je meer artikelen kunnen lezen over boeken, levensvragen, maatschappelijke thema’s en spiritualiteit? Word dan lid van Theologie.nl en sluit een basisabonnement af voor slechts €4,17 per maand. 

Wellicht ook interessant

Rood Kruis
Rood Kruis
None

Hebben goede voornemens zin in een onvoorspelbare wereld? 

Piekeren over werk, relaties, familie – we doen het allemaal. Heeft mijn leven zin? Doe ik het juiste werk? Ben ik er wel voor mijn vrienden? Waar geloof ik in? Soms voelen we ons eenzaam, vinden we onze richting niet en blijven we in rondjes draaien. Maar dat hoeven we niet alleen te doen. Onze zingevingsexpert Mathieu van Kooten draait sinds deze week vanuit het klooster Nieuw Sion een rondje met je mee. In deze maandelijkse column beantwoordt hij de ‘grote vragen’ waar veel lezers mee rondlopen. Deze week de vraag: ‘Hebben goede voornemens zin in een onvoorspelbare wereld?’

Petra Schipper
Petra Schipper
Basis

Korte Metten: Wat is roeping eigenlijk?

“Ik krijg maar geen briefje uit de hemel, dus ik zal maar gaan.” Zo kwam ik 40 jaar geleden als 18-jarige tot de stap om theologie te gaan studeren. Als kleindochter van Nederlandse zendelingen in het toenmalige Nederlands-Indië leefde ik sterk met het idee van roeping. Maar hoe werkt dat eigenlijk? Ik had wel ideeën, maar roeping volgen begint met een eerste stap. Zonder briefje, maar vanuit een onmiskenbare drang. Rechtstreeks het onbekende in.

Nieuwe boeken