De onzekere oorsprong van het Kerstfeest
Al sinds eeuwen wordt op 25 december de geboorte van Jezus gevierd. Hoe is het Kerstfeest dan op de kerkelijke kalender gekomen?
Al sinds eeuwen wordt op 25 december de geboorte van Jezus gevierd. Hoe is het Kerstfeest dan op de kerkelijke kalender gekomen?
Het is vaak gezegd dat het joodse volk destijds op herders neerkeek. Alsof zij onbetrouwbare, verachtelijke lieden waren. Daaraan kon een mooi motief verbonden worden: God stuurt zijn engelen in de Kerstnacht het eerst naar mensen die niet meetelden. Riemer Roukema gaat hier op op in.
Het is nieuwjaarsdag, dus ook van mijn kant: de beste wensen voor het nieuwe jaar! Dat dit jaar een beter jaar mag worden dan het afgelopen jaar, dat gekenmerkt werd door de coronapandemie. Kerkelijk gezien is nieuwjaarsdag niet meer dan een dag waarop de nieuwe kalenders worden opgehangen. Maar het is ook de achtste dag na de geboorte van Jezus Christus. De dag waarop we erbij stilstaan dat Jezus volgens de traditie als joodse jongetjesbaby besneden werd, en zijn naam publiekelijk bekendgemaakt werd.
De zondag na Kerst is altijd een beetje een deceptie. Het feest waar je de hele tijd naartoe hebt geleefd, is geweest. In plaats van dat de glans van Kerst nog doorschijnt op deze zondag, maken velen juist een pas op de plaats, en pauzeren de kerkgang. Maar de lezingen van deze zondag maken die ‘pas’ niet: die gaan volop verder. Ze gaan in op de belangrijkste vraag: wat met het Kind is begonnen, wat gaat dat allemaal betekenen?
De vreugdevolle belofte van de Kerstnacht is bestemd voor alle mensen, ook voor de heidenen, de volkeren. Dit vertelt de lezing van Jesaja 8:23b-9:7, dit vertelt Psalmen 96 en dit vertelt op geheel eigen wijze ook Lucas 2:1-20. Dit bekende, zogenoemde ‘kerstevangelie van Lucas’ speelt zich af in het verborgene van Israëls geschiedenis, maar niet zonder gebruik te maken van de grote openbare wereldgeschiedenis. Het verhaal is geworteld in de Joodse traditie, maar gaat alle ‘mensen met goede bedoelingen’ (Gr.: anthroopois eudokias – Lucas 2:14) aan.
Het moet nog Pasen worden op het moment dat ik dit schrijf. Een leeg Pasen, althans wat betreft de vele kerkruimten die niet door opgewekte christenen worden bevolkt; zij allen moe(s)ten dit jaar het lijden, het sterven en de verrijzenis van hun Heer aan huis gebonden vieren. Je zou bijna zeggen: zo leeg als dit jaar is het graf van Christus – waarvan de liturgische ruimte ook symbool is – nog nooit geweest.
Jolande van Baardewijk deelt in dit artikel een aantal mooie werkvormen voor een Kerstfeest met kinderen.
Een minibedje voor het kleinste koninkje dat ter wereld komt in een stal. Dat staat in scherp contrast met het maxibed van een reus. Deze reus wordt in de Bijbel verslagen! In deze bijzondere tekstkeus geeft Marc Van Den Bogaerde veel mee voor de kerst(nacht)viering.
In Maria’s lofzang, het klassiek zogenoemde ‘Magnificat’, hoor je alle lagen van de Tenach, Thora en profeten en psalmen meeklinken! Daarom is het in de oude kerk, in kloosters en de Anglicaanse kerk ‘dagelijkse kost’. In onze adventstijd wordt Maria’s lofzang op de derde Adventszondag gelezen en gezongen. ‘Brandend actueel’, zoals schrijver Johan Lotterman verwoordt!