Zacht worden
Het UWV vond dat Hanna (niet haar echte naam) in het kader van de Participatiewet wel wat uren vrijwilligerswerk kon doen. Ze had geen idee hoe ze dat aan moest pakken. Maar via een kennis kwam ze bij ons in het wijkpastoraat terecht.
Het UWV vond dat Hanna (niet haar echte naam) in het kader van de Participatiewet wel wat uren vrijwilligerswerk kon doen. Ze had geen idee hoe ze dat aan moest pakken. Maar via een kennis kwam ze bij ons in het wijkpastoraat terecht.
Studenten proppen zich al weken in overvolle treinen, werkend Nederland sluit aan in Teams-overleg of de file. Tussen hen zijn jongeren die in een zinderend Lissabon paus Franciscus hoorden over een kerk voor iedereen, of die het Sint Pietersplein vulden met een indrukwekkend Taizé-gebed. Deze jeugd heeft niet de toekomst… zij máákt de toekomst, met de zegen van paus Franciscus.
De taal waarin een christenmens over de kerk spreekt, is ook meteen belijdenistaal. Reflecties in de lijn van ‘de kerk als’ of ‘de kerk is’ laten zien hoe iemand over de kerk nadenkt en hoe iemand de kerk tot uitdrukking probeert te brengen. Daarbij is het eerste wat mij opvalt in het drieluik, dat Hans Burger van twee ‘de kerk als’-openingen tot een ‘de kerk is’-stelling komt.
Goede theologie houdt het in de ggz. En de diepte van de ervaringen van mensen met psychische problemen is onmisbaar om de diepste noties van de theologie te verstaan. Tweerichtingsverkeer dus, en alle reden om in kerk en theologie het gesprek aan te gaan met hen die worstelen met angst en wanhoop, verlatenheid en leegte.
Als ik collega voorgangers vraag hoe hun tijdsbesteding voor de komende week eruitziet, dan bepaalt het al dan niet voorgaan op de komende zondag voor een belangrijk deel hun focus en hun agenda – waarbij de één al biddend uitziet naar de beklimming van de preekstoel om de vruchten van veel voorbereiding te mogen delen, terwijl de ander badend in het zweet wakker ligt van de druk die de bijna wekelijkse prediking geeft. Hoe kijkt de prediker in de spiegel en wat helpt om spiritueel op adem te komen?
“Tijdens de jaarlijkse rommelmarkt van onze kerk, sta ik naast onze ‘telefooncel van hoop’ met mijn mond vol tanden. In plat Amsterdams krijg ik net te horen dat de kerk dood is: “Hoezo hoop?” Binnen enkele seconden schiet iedere denkbare gedachte door mijn hoofd, en al zou ik anders willen, uiteindelijk voel ik me er vrij hopeloos van. Is de kerk aan het sterven?”
Zoals je na een bijna-aanrijding kunt denken dat je geluk hebt gehad, dat het te danken was aan je razendsnelle reflexen maar ook dat je behoed bent voor een ongeluk, zo kun je gezondheid beschouwen als een genetische meevaller, als verdienste of als een genade. Een mengsel van die drie kan natuurlijk ook, want hokjes zijn maar een menselijk bedenksel.
Preek, overdenking, verkondiging, meditatie: preken zijn er in soorten en maten. De verschillende benamingen hebben echter gemeen dat het aanduidingen zijn voor de toespraak die in een liturgische context – meestal een kerkdienst – gehouden wordt. In de christelijke traditie is de prediking misschien wel het meest gewaardeerde én het meest bekritiseerde element van de eredienst. Iedereen heeft er een mening over, meestal in termen van ‘goed’ of ‘slecht’.
Onlangs was ik in het Kröller-Müller Museum. Terwijl ik daar liep, viel het me ineens op: het contrast tussen de rijke uitstraling van het museum en de onderwerpen die Van Gogh koos. Denk aan titels als ‘Kop van vrouw,’ ‘De zaaier’ en natuurlijk ‘De aardappeleters.’ Wat een kunstenaar ben je als je miljoenen mensen vol bewondering kunt laten genieten van een armelui’s familie die een pan met het goedkoopste voedsel naar binnen lepelt!