Gods engelen en wij
In de Bijbel en in vroeger tijd daalden engelen als Gods hemelboden regelmatig op aarde neer. Maar ook vandaag zijn zij nog niet uitgediend. Dat we ze niet of nauwelijks waarnemen zal wellicht niet aan hen liggen…
In de Bijbel en in vroeger tijd daalden engelen als Gods hemelboden regelmatig op aarde neer. Maar ook vandaag zijn zij nog niet uitgediend. Dat we ze niet of nauwelijks waarnemen zal wellicht niet aan hen liggen…
In onze tijd, waarin het zo veel gaat over eigen ervaringen en belevingen in de manier van geloven, zetten de lezingen voor vandaag ons op een totaal ander been. Daarom is het boeiend voor deze zondag je te laten gezeggen door de Schrift en dan ook door alle voorgeschreven lezingen. Juist door de herhalingen in de verschillende Schriftgedeelten en de andere context waarin ze staan, blijken die lezingen één ding gemeenschappelijk te hebben: in alle drie de lezingen gaat het over de Geest die je overkomt.
Bij Numeri 11,24-29, Marcus 9,38-50 en Jakobus 4,11-17 Deze drie teksten benadrukken dat we Gods werk en de toekomst niet kunnen overzien en roepen zo op tot een houding van […]
Bij 2 Koningen 5,1-3(4-8)9-15b en Marcus 1,40-45 In beide lezingen staat het genezen worden van melaatsheid (‘huidvraat’) centraal. Zowel Naäman als de man die naar Jezus ging ont- vangen genezing, […]
Bij Numeri 6,22-27, Psalm 8 en Lucas 2,21 Er zijn verschillende adressanten van een zegen. Eén daarvan is God. Voor het eerst komt deze vorm voor in Genesis 9,26. Waar […]
Bij Joël 2,12-19 en Matteüs 6,1-6.16-21 Beide bijbelgedeelten gaan over inkeer met heel je hart. Het gaat niet om uiterlijkheden, maar om het weten dat Gods ogen op ons rusten. […]
De prille relatie tussen God en de Israëlieten gaat stuk wanneer zij het gouden kalf gieten en aanbidden. Veertig dagen en nachten waren voor hen genoeg om af te glijden in de wanhoop van identiteitsloosheid en totale verlatenheid. De eigenlijke ‘zonde’ is het dansen. Volgens Avivah Gottlieb Zornberg drukt het pulseren van de dans een onmetelijke behoefte uit om met een ander in ultieme harmonie te versmelten.
Bij Handelingen 5,12-25 Het lezen van Lucas’ bericht over de jonge kerk is steeds opnieuw een uitnodiging of uitdaging voor kritische zelfreflectie. Wat een elan, wat een moed en doorzettingsvermogen, […]
‘Vele eersten zullen de laatsten zijn en vele laatsten de eersten.’ Het Griekse gar (= ‘want’) in de eerste zin van ‘de gelijkenis van de gelijke beloning’ (Matteüs 20:1-16) verwijst naar deze woorden uit Matteüs 19:30, die op hun beurt weer de afsluitende opmerking vormen van Jezus’ antwoord op een vraag van een jongeman in de voorafgaande perikoop. Deze vroeg aan Hem: ‘Meester, wat voor goeds (Gr.: ti agathon) moet ik doen om het eeuwige leven te verwerven?’ (19:16). Maar Jezus keert die ‘wat-vraag’ om naar een ‘wie-vraag’: Wie is goed en aan wiens geboden moet je je houden?