Vreemdelingen zijn de eersten
Bij Jesaja 60,1-6, Psalmen 72, Efeziërs 3,1-12 en Matteüs 2,1-12 Voor Epifanie staan op het Luthers leesrooster dezelfde lezingen die elk jaar op het Gemeenschappelijk leesrooster staan, zodat er in […]
Bij Jesaja 60,1-6, Psalmen 72, Efeziërs 3,1-12 en Matteüs 2,1-12 Voor Epifanie staan op het Luthers leesrooster dezelfde lezingen die elk jaar op het Gemeenschappelijk leesrooster staan, zodat er in […]
Bij Jesaja 35,1-10 Jesaja 35 kan als een spiegelbeeld van hoofdstuk 34 gelezen worden. Juffrouw Gaudia trekt een streep over het whiteboard, in het midden van boven naar beneden. Boven […]
Bij Jesaja 41,17-20, Psalm 34,12-23, 1 Petrus 3,8-18 en Johannes 16,16-24 Als je naar het fragment uit Jesaja luistert, hoor je ook bijna: ‘Zalig de armen van geest, want van […]
Bij Jesaja 61,10-62,3, Psalm 147,12-20 en Lucas 2,33-40 Jesaja is bijna ten einde, een einde dat gekenmerkt wordt door vreugde (61,3.7.10). De gelezen perikoop maakt deel uit van een grote […]
‘Gaudete!’ is van oudsher de naam van de derde Adventszondag, afgeleid van de introïtus voor deze dag: ‘Gaudete in Domino semper. Iterum dico: Gaudete!’ (Fil. 4,4). Je zou verwachten dat in het alternatieve spoor dit gedeelte van Filippenzen 4 op de derde zondag geplaatst werd in plaats van op de vierde. Toch is nu voor de vierde Adventszondag gekozen. Valt dat op één of andere manier te rechtvaardigen of te verklaren?
In deze rubriek licht Wim Eikelboom (in de plaats van Marleen Hengelaar deze keer) een kunstwerk uit, dat raakt aan de actualiteit van het kerkelijk jaar. We zijn in de Veertigdagentijd gekomen – het lijden van Jezus, maar ook van zovelen meer, wordt in deze weken verteld en hier verbeeld.
Kern van de lutherse theologie is dat je je een bevrijd mensenkind mag weten. Dat maakt volgelingen van Luther vrolijke en dankbare gelovigen. Maren Overbosch en Catrien van Opstal vertellen […]
Nee, dijenkletsers vind je niet in de Bijbel. En kerk en geloof staan niet bekend als lachmachines. Maar de humor hoort er wel bij, ook al beweerde de woestijnvader Ephraïm de Syriër in de vierde eeuw dat de lach het begin is van de vernietiging van de ziel.
Vijftien jaar geleden schreef ik voor deze zondag over dezelfde teksten uit 1 Koningen en Lucas een bijdrage waar ik nog steeds achter kan staan. Een paar zaken wil ik wel graag verdiepen en daarbij ook de andere lezingen betrekken.