Menu

Filters

Auteur

Hoofdthema

Pleinen

Soort materiaal

Andere bronnen

Premium

Een casus van levensbelang

‘Deze woorden aan jou opgedragen, leer ze aan je kinderen, herhaal ze. Dan vermeerderen je levensdagen en de jaren van je zoons en dochters. Hoor Israël.’ Woorden die Huub Oosterhuis dichtte bij Deuteronomium 6. Woorden die voortdurend in mij klonken toen ik deze exegese schreef. De sadduceeën leggen Jezus een indringende casus voor over het opstaan van je naam als je zelf al dood bent. Het gaat over het vermeerderen van je levensdagen en de jaren van je zoons en dochters.

Premium

Wie van God is, hoor naar Zijn woord

Het grootste deel van hoofdstuk 8 van het Johannesevangelie bestaat uit een lang gesprek. De gesprekspartners zijn Jezus en ‘de Joden’ (8:22.31.48.52.57). Deze twee hoeven niet volstrekt tegenover elkaar geplaatst te worden, zoals blijkt uit 8:31. Daar spreekt Jezus tot de Joden die in Hem zijn gaan geloven. Maar verder wordt het gesprek toch vooral gekenmerkt door een scherpe discussie rond de vraag wie vader van wie is.

Premium

De ogen geopend

Een roep om ontferming gaat gepaard met een besef van persoonlijk tekortschieten. Bij Jesaja treft ons de overtuiging dat het vervreemd raken van recht en gerechtigheid door eigen wangedrag vergelijkbaar is met het rondtasten van een blinde in duisternis. Bij Marcus is het de blinde Bartimeüs, roepend om mededogen, die met geopende ogen Jezus gaat volgen op zijn weg naar Jeruzalem. Na de allesbepalende ontmoeting met Hem kan hij niet langer aan de kant van de weg blijven zitten, hij wordt direct een aanhanger van de Weg (Handelingen 9:2).

Nieuwe boeken